This lesson contains 16 slides, with interactive quizzes and text slides.
Lesson duration is: 70 min
Report this lesson
Items in this lesson
Slide 1 - Slide
This item has no instructions
Startklaar
Op je plek zitten
Telefoon thuis of in de kluis
Jas over de stoel, oortjes in de tas, tas op de grond
Schoolspullen op tafel: Boek, Chromebook, JdW-map, etui
timer
3:00
Slide 2 - Slide
1. Startklaar
Bij de start van iedere les verwelkomt de docent de leerlingen bij de deur, noemt hen bij naam, maakt oogcontact en besteedt aandacht aan hun welbevinden. De docent maakt expliciet wat startklaar betekent: telefoons zijn thuis of in de kluis, leerlingen zijn ingelogd in LessonUp en hun schoolspullen liggen klaar op tafel. De docent geeft het goede voorbeeld en spreekt hoge verwachtingen uit door succescriteria voor gewenst gedrag, schooltaal en effectief leren expliciet te maken.
1. Ik kan de uitgangen van de indicativus en imperativus praesens herkennen en determineren.
Slide 6 - Slide
3. Leerdoelgericht werken
De docent geeft het onderwerp, RTTI geformuleerde leerdoelen en de lesopbouw aan. De docent weet de leerdoelen goed te laten aansluiten bij de voorkennis en het (taal)niveau van de leerlingen. Gedurende de les wordt continu een terugkoppeling naar de leerdoelen gemaakt om de mate van beheersing te controleren.
Determineer: Laboramus
A
1 ev
B
2 ev
C
1 mv
D
3 mv
Slide 7 - Quiz
This item has no instructions
Determineer: Bibis
A
2 ev
B
3 ev
C
1 mv
D
2 mv
Slide 8 - Quiz
This item has no instructions
Werkwoorden: imperativus
Persoon
Getal
Nederlands
Uitgang
1
Ev
ik
-o
2
jij
-s
3
hij
-t
1
Mv
wij
-mus
2
jullie
-tis
3
zij
-nt
Imp.
Ev
jij moet...
-
Mv
jullie moeten...
-te
Inf.
(hele ww)
-re
Modus:
Indicativus = persoonsvormen
Imperativus = gebiedende wijs
Infinitivus = hele werkwoord
Slide 9 - Slide
4. Inclusieve didactiek
De docent betrekt álle leerlingen actief, onder andere met paired talk: zo krijgen ook stillere leerlingen ruimte om hun ideeën te delen. Heldere routines voor luisteren en samenwerken bevorderen actieve deelname. Door regelmatig het begrip van de lesstof te controleren en zo nodig de uitleg aan te passen, blijft de stof toegankelijk voor iedereen. De docent differentieert flexibel in ondersteuning, instructie, tempo en/of complexiteit en biedt ondersteuning op het moment dat leerlingen deze nodig hebben. Functioneel gebruik van thuistalen en het integreren van (culturele) achtergronden in de lesstof zorgen voor een contextrijke en inclusieve leeromgeving. Door positief, voorspelbaar en proactief op leerlinggedrag te reageren, wordt het voor leerlingen makkelijker om gewenst gedrag te tonen en actief deel te nemen aan de les.
Werkwoorden: imperativus
Inf
Imp ev
Imp mv
Vertaling
ama-re
ama
ama-te
Heb lief!
tene-re
tene
tene-te
Houd vast!
audi-re
audi
audi-te
Luister!
mitte-re
mitt-e
mitt-i-te
Stuur!
cape-re
cap-e
cap-i-te
Pak!
Nota bene:
Je mag de imperativus op twee manieren vertalen:
1. Stuur!
2. Jij moet sturen (ev)
Jullie moeten sturen (mv)
Slide 10 - Slide
4. Inclusieve didactiek
De docent betrekt álle leerlingen actief, onder andere met paired talk: zo krijgen ook stillere leerlingen ruimte om hun ideeën te delen. Heldere routines voor luisteren en samenwerken bevorderen actieve deelname. Door regelmatig het begrip van de lesstof te controleren en zo nodig de uitleg aan te passen, blijft de stof toegankelijk voor iedereen. De docent differentieert flexibel in ondersteuning, instructie, tempo en/of complexiteit en biedt ondersteuning op het moment dat leerlingen deze nodig hebben. Functioneel gebruik van thuistalen en het integreren van (culturele) achtergronden in de lesstof zorgen voor een contextrijke en inclusieve leeromgeving. Door positief, voorspelbaar en proactief op leerlinggedrag te reageren, wordt het voor leerlingen makkelijker om gewenst gedrag te tonen en actief deel te nemen aan de les.
Werkwoorden: esse
Persoon
Getal
Nederlands
Frans
Latijn
1
Ev
Ik ben
Je suis
Sum
2
Jij bent
Tu es
Es
3
Hij is
Il est
Est
1
Mv
Wij zijn
Nous sommes
Sumus
2
Jullie zijn
Vous êtes
Estis
3
Zij zijn
Ils sont
Sunt
Imp.
Ev
Jij moet zijn
(Sois)
Es
Mv
Jullie moeten zijn
(Soyez)
Este
Inf.
(te) zijn
être
Esse
Welke overeenkomsten zie je tussen het Frans en het Latijn?
Ken je andere talen waarin dit ook zo is?
Slide 11 - Slide
4. Inclusieve didactiek
De docent betrekt álle leerlingen actief, onder andere met paired talk: zo krijgen ook stillere leerlingen ruimte om hun ideeën te delen. Heldere routines voor luisteren en samenwerken bevorderen actieve deelname. Door regelmatig het begrip van de lesstof te controleren en zo nodig de uitleg aan te passen, blijft de stof toegankelijk voor iedereen. De docent differentieert flexibel in ondersteuning, instructie, tempo en/of complexiteit en biedt ondersteuning op het moment dat leerlingen deze nodig hebben. Functioneel gebruik van thuistalen en het integreren van (culturele) achtergronden in de lesstof zorgen voor een contextrijke en inclusieve leeromgeving. Door positief, voorspelbaar en proactief op leerlinggedrag te reageren, wordt het voor leerlingen makkelijker om gewenst gedrag te tonen en actief deel te nemen aan de les.
Werkwoorden: posse
Persoon
Getal
Nederlands
Esse
Posse
1
Ev
Ik kan
Sum
Possum
2
Jij kan/kunt
Es
Potes
3
Hij kan
Est
Potest
1
Mv
Wij kunnen
Sumus
Possumus
2
Jullie kunnen
Estis
Potestis
3
Zij kunnen
Sunt
Possunt
Imp.
Ev
-
-
-
Mv
-
-
-
Inf.
(te) kunnen
Esse
Posse
Wat zijn de overeen-komsten en verschil-len tussen esse en posse?
Slide 12 - Slide
4. Inclusieve didactiek
De docent betrekt álle leerlingen actief, onder andere met paired talk: zo krijgen ook stillere leerlingen ruimte om hun ideeën te delen. Heldere routines voor luisteren en samenwerken bevorderen actieve deelname. Door regelmatig het begrip van de lesstof te controleren en zo nodig de uitleg aan te passen, blijft de stof toegankelijk voor iedereen. De docent differentieert flexibel in ondersteuning, instructie, tempo en/of complexiteit en biedt ondersteuning op het moment dat leerlingen deze nodig hebben. Functioneel gebruik van thuistalen en het integreren van (culturele) achtergronden in de lesstof zorgen voor een contextrijke en inclusieve leeromgeving. Door positief, voorspelbaar en proactief op leerlinggedrag te reageren, wordt het voor leerlingen makkelijker om gewenst gedrag te tonen en actief deel te nemen aan de les.
Aan de slag
Maak nu taaloefeningen B, C, D, E op pag. 25/26 van je oefenboek.
Op pag. 34/35 van je tekstboek kun je spieken!
timer
25:00
Slide 13 - Slide
6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. De docent start met modelleren en laat leerlingen vervolgens stapsgewijs actief inoefenen. Volgens het 'ik-wij-jullie/jij-wij' principe wordt de ondersteuning geleidelijk afgebouwd, zodat leerlingen steeds zelfstandiger leren. Er wordt gevarieerd in oefentypes en het leerproces wordt zichtbaar gemaakt, bijvoorbeeld met hardop denken opdrachten of ‘think-pair-share’. Effectieve leerstrategieën zoals zelftesten, gespreid leren, schema’s maken en samenvatten volgens de Cornell-methode worden expliciet aangeleerd. Dit herkneden van de leerstof helpt bij het bewerken van het lange termijn geheugen.
Tekst 3a: Latona en de boeren
9 Sinite nos requiescere et sitim explere!”
10 Verba agricolas non movent.
11 Agricolae irati sunt et dicunt:
12 “Nostra aqua est. Abite!”
Determineren = een werkwoord benoemen:
- persoon: 1/2/3
- getal: ev/mv
- modus: ind/imp/inf
Slide 14 - Slide
6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. De docent start met modelleren en laat leerlingen vervolgens stapsgewijs actief inoefenen. Volgens het 'ik-wij-jullie/jij-wij' principe wordt de ondersteuning geleidelijk afgebouwd, zodat leerlingen steeds zelfstandiger leren. Er wordt gevarieerd in oefentypes en het leerproces wordt zichtbaar gemaakt, bijvoorbeeld met hardop denken opdrachten of ‘think-pair-share’. Effectieve leerstrategieën zoals zelftesten, gespreid leren, schema’s maken en samenvatten volgens de Cornell-methode worden expliciet aangeleerd. Dit herkneden van de leerstof helpt bij het bewerken van het lange termijn geheugen.
Tekst 3a: Latona en de boeren
13 Agricolae aquam pedibus turbant.
14 Nunc Latona irata est et dicit:
15 “Aquamne turbidam amatis?
16 In hac aqua, in hac aqua habitate
17 in omnem vitam!”
Slide 15 - Slide
6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. De docent start met modelleren en laat leerlingen vervolgens stapsgewijs actief inoefenen. Volgens het 'ik-wij-jullie/jij-wij' principe wordt de ondersteuning geleidelijk afgebouwd, zodat leerlingen steeds zelfstandiger leren. Er wordt gevarieerd in oefentypes en het leerproces wordt zichtbaar gemaakt, bijvoorbeeld met hardop denken opdrachten of ‘think-pair-share’. Effectieve leerstrategieën zoals zelftesten, gespreid leren, schema’s maken en samenvatten volgens de Cornell-methode worden expliciet aangeleerd. Dit herkneden van de leerstof helpt bij het bewerken van het lange termijn geheugen.
Afsluiting
Opdracht: Determineer uit tekst 3a:
r9 sinite
r11 sunt
r 12 abite
r13 turbant
r15 amatis
Huiswerk:
- Vertaal tekst 3a
- Leer de woorden van 3a
Leerdoel: 1. Ik kan de uitgangen van de indicativus en imperativus praesens herkennen en determineren.
Determineren = een werkwoord benoemen:
- persoon: 1/2/3
- getal: ev/mv
- modus: ind/imp/inf
Slide 16 - Slide
8. Afsluiting
De docent controleert in de slotfase van de les of de leerdoelen door alle leerlingen behaald zijn en plaatst de les in de context van de betreffende periode. De docent evalueert samen met de leerlingen het leren en het gedrag en gebruikt hierbij bijvoorbeeld de JdW-planner.