English: Food (oefenles)

English: Food


1 / 14
next
Slide 1: Slide
New lesson editorAsvBuitengewoon secundair onderwijs

This lesson contains 14 slides, with text slides.

Items in this lesson

English: Food


Zoek je match!

Sta in 2 rijen.

  • 1 rij voor personen met een foto

  • 1 rij voor personen met een woord

  • Ga tegenover elkaar staan


Woord: Spreek de persoon voor jou aan en vraag 'Do you have .... (woord op je kaartje).

Foto: Antwoord met "Yes / No"


  • Schuif door te je een match hebt.

  • Ga daarna terug naar je plaats

Doelen van deze les

  • Je kan 5 nieuwe woorden gebruiken in een gesprek op de markt.

  • Je kan de nieuwe woorden juist uitspreken.

  • Je kan een kort gesprek voeren op de markt en daarbij producten vragen en de prijs zeggen.

  • Je kan respect tonen voor andere leerlingen tijdens het rollenspel.

Zinnen die je kan gebruiken (customer/klant):

“May I have a ……., please?” – “Mag ik (een)……., alstublieft?”

"May I have some ......, please?"

“How much are the …….?” – “Hoeveel kosten de………?”

“I want two ………….” – “Ik wil twee ………...”

Zinnen die je kan gebruiken (seller/verkoper):

“That's 2 euros” – “Dat is 2 euro”

“......... are/ is 1 euro” – “......... zijn/ is 1 euro ”

“Here you go, of course, sure” – “Alsjeblieft, natuurlijk, zeker”
-> antwoorden als iemand je iets vraagt.

Voorbeeld rollenspel met de leerkracht

Customer: “Good morning! May I have a mango, please?”
Seller: “Yes, of course. That’s 2 euros.”

Customer: “I want three bananas.”
Seller: “ Three bananas are 3 euros.”

Customer: “How much are the grapes ?”
Seller: 'Grapes are 2 euros.”
Customer: “May I have some grapes?”

Seller: “Yes, of course.”

Customer: “Thank you!”
Seller: “You’re welcome! Have a nice day!”



rollenspel in duo's

  • Zit samen met jouw "match"

  • Nodig: stukken fruit, prijslijst, spiekbriefjes en woordenlijst

  • Probeer ook eens zonder spiekbriefje en woordenlijst.

  • Klaar? Dan wisselen de rollen.

  • Op het teken van de leerkracht schuif je door.

Rollenspel in duo's

Afspraken:

  • We oefenen tot de timer stopt.

  • Leef je in in je rol.

  • Niet spelen met het eten.

  • We laten elkaar uitpraten.

  • We lachen elkaar niet uit.

  • Koop telkens al het fruit dat op de tafel ligt.

15

minute

00

second

Welk gevoel heb je?

  • Ik kan 5 nieuwe woorden gebruiken in een gesprek op de markt.

  • Ik kan de nieuwe woorden juist uitspreken.

  • Ik kan een kort gesprek voeren op de markt en daarbij producten vragen en de prijs zeggen.

  • Ik kan respect tonen voor andere leerlingen tijdens het rollenspel.

Galgje