Rusland - communisme



Leven in de Sovjet-Unie
onder Lenin en Stalin 




Fotostrip
1 / 44
next
Slide 1: Slide
GeschiedenisSecundair onderwijs

This lesson contains 44 slides, with interactive quizzes, text slides and 5 videos.

Items in this lesson



Leven in de Sovjet-Unie
onder Lenin en Stalin 




Fotostrip

Slide 1 - Slide

WAAR
NIET WAAR
Vooral agrarisch
Vooral industrie
absolutisme
parlementarisme
grote concurrent vh Westen
grote armoede
educatie wijdverspreid

Slide 2 - Drag question

Slide 3 - Slide

Geestelijke onderdrukking
Hoge belastingen betalen
Tsaar
absolutisme
Ministers
Fysieke onderdrukking
leger
adel en burgerij
Grootgrondbezitters
armoede

Slide 4 - Drag question

Wat doet tsaar Nicolaas II wanneer het volk de petitie komt indienen, 1905?
A
Hij aanvaardt de petitie
B
Ontvangt de leiders van de betoging
C
Hij stuurt de betogers gewoon weg
D
Het leger schiet op de betogers

Slide 5 - Quiz

Wat gebeurt er na de reeks opstanden in 1905?
A
Nog meer onderdrukking en hogere belastingen
B
Tsaar Nicolaas II hervormt: parlement
C
Tsaar ontslaat al zijn ministers --> nog meer macht
D
Betogingen worden verboden

Slide 6 - Quiz

Wat was het gevolg van het oprichten van de doema?
A
Niets: de tsaar evenveel macht
B
Volk had inspraak: situatie verbetert economisch
C
Volk had inspraak, maar duurt lang voor iets beslist wordt
D
Geen vertegenwoordigers derde stand in doema

Slide 7 - Quiz

Aan welke kant vocht Rusland in WOI?
A
Geallieerden
B
Centralen

Slide 8 - Quiz

Wat was geen kenmerk voor Rusland tijdens WOI?
A
Hongersnood
B
Veel gebiedswinst
C
Heel veel slachtoffers
D
Slecht bewapend

Slide 9 - Quiz

Wat was het resultaat van de eerste revolutie van 1917?
A
Tsaar wordt vermoord, nieuwe regering
B
Revolutie onderdrukt, hervorming
C
Tsaar wordt afgezet, nieuwe regering
D
Revolutie onderdrukt, strenge repressie

Slide 10 - Quiz

Wie zit er in de Voorlopige Regering?
A
Burgerij en adel
B
Bolsjewieken en Mensjewieken
C
Burgerij en Mensjewieken
D
Socialisten en Bolsjewieken

Slide 11 - Quiz

Deze Voorlopige Regering wilde ...
A
WOI verderzetten
B
WOI stopzetten
C
de grond zo snel mogelijk verdelen onder de boeren
D
zo snel mogelijk verkiezingen organiseren

Slide 12 - Quiz

Wie komt terug naar Rusland om de strijd verder te zetten?
A
Lenin - leider Mensjewieken
B
Lenin - leider Bolsjewieken
C
Stalin - leider Mensjewieken
D
Stalin - leider Bolsjewieken

Slide 13 - Quiz

Welk land steunde hem zodat hij kon terugkeren?
A
Rusland
B
Frankrijk
C
Duitsland
D
België

Slide 14 - Quiz

Wat is GEEN eis van Lenin?
A
Grond aan de boeren
B
Geen burgerij aan de macht
C
Sovjets moeten alle macht hebben
D
Verderzetting WOI

Slide 15 - Quiz

Lenin komt aan het hoofd te staan van een nieuwe regering en wordt alleenheerser
A
waar
B
niet waar

Slide 16 - Quiz

Hoe gaat Lenin de boeren van grond voorzien?
A
grootgrondbezitters onteigend
B
wet uitvaardigen dat elke boer minimum aan land krijgt
C
adel laten uitmoorden
D
bezit tsaar verkocht --> boeren kunnen grond kopen

Slide 17 - Quiz

Het communisme wordt geïnstalleerd. Dit wil zeggen dat...
A
alles in bezit komt van de arbeiders
B
er een klasseloze maatschappij komt
C
de staat alles nationaliseert
D
iedereen rijk wordt

Slide 18 - Quiz

Vergelijk het schilderij en de bron. (Per twee)

Slide 19 - Open question

Lenin sluit een wapenstilstand met de Centralen. Deze noemt:
A
Vrede van Versailles
B
Vrede van Brest-Litovsk
C
Vrede van Moskou
D
Vrede van Berlijn

Slide 20 - Quiz

Wat was GEEN gevolg van deze wapenstilstand?
A
Verlies groot gebied
B
einde tweefrontenoorlog Duitsland
C
verlies grondstoffen
D
Geallieerden zijn tevreden met een front minder

Slide 21 - Quiz

Wat kun je afleiden uit de kaart?
A
Rode Leger betere kans
B
Witte Leger betere kans
C
Buitenlandse hulp voor Sovjets
D
Buitenlandse hulp voor Witte Leger

Slide 22 - Quiz

Deze prent is...
A
propaganda van Rode Leger
B
propaganda van Witte Leger
C
propaganda van het Westen
D
dit is geen propaganda

Slide 23 - Quiz

Leg deze prent uit

Slide 24 - Open question

Wat is het probleem in de SU volgens Stalin?
A
Bevolking is achtergesteld , gebrek aan educatie
B
Bevolking is te arm
C
SU is nog te kapitalistisch
D
SU loopt economisch achter op het Westen

Slide 25 - Quiz

Wat was het doel van Stalin door industriële grootmacht te worden? (2)
A
bewijzen dat communisme beter is
B
meer welvaart creëren door meer handel
C
grootste handelspartner worden --> vrede buitenland
D
kunnen verdedigen tegen buitenlandse vijanden

Slide 26 - Quiz

Wat is een planeconomie?
A
staat schrijft krijtlijnen uit, private sector voert uit
B
alles door staat beslist, planning op lange termijn
C
staat beslist wat geproduceerd wordt, in privé-fabrieken

Slide 27 - Quiz

Interpreteer de bron over staatsboerderijen: (2)
A
Ook voor LB is de industrie belangrijk
B
Er komen meer privé-boerderijen bij
C
Meer grond bewerkt, maar minder opbrengst, veestapel stijgt
D
Meer grond bewerkt, veestapel stijgt, meer opbrengst

Slide 28 - Quiz

Wat valt op als je naar de resultaten van de vijfjarenplannen kijkt?
A
landbouw belangrijkste sector, stijgt meest
B
focus op consumptiegoederen
C
vooral zware industrie belangrijk
D
landbouw en zware industrie stijgen +/- evenveel

Slide 29 - Quiz

Wat kun je afleiden uit het feit dat er minder groei is bij katoen en wol?
A
Consumptiegoederen zijn niet Stalins eerste zorg
B
Er zal meer import van deze goederen moeten zijn
C
Het is de bedoeling dat de Russen zelf katoen weven thuis
D
Het leven wordt voor de Russen op zich niet veel beter door de industrialisatie

Slide 30 - Quiz

Wat valt op als je naar de resultaten van de landbouw kijkt?
A
grote stijging aan LBproducten, meer veld bewerkt
B
meer velden bewerkt, maar uiteindelijk stijgt LBproductie niet echt
C
minder velden bewerkt, maar stijging aan LBproducten
D
veeteelt kent grotere stijging dan LBgewassen

Slide 31 - Quiz

Wie is Stachanov?
A
haalde veel meer steenkool naar boven
B
beste techniek ontwikkeld om steenkool te delven
C
de sterkste arbeider van de steenkoolmijnen
D
de voorzitter van de steenkoolsovjet

Slide 32 - Quiz

Wat wilde Stalin NIET bereiken met de herstructurering van de LB?
A
Voldoende voedsel voor zijn arbeiders
B
Zorgen dat arbeiders en boeren gezond en goed gevoed zijn
C
meer export kunnen doen
D
minder boeren nodig

Slide 33 - Quiz

Hoe kon Stalin zijn arbeiders verzekeren van voedsel?
A
meer import vanuit andere landen
B
boeren die meer afgeven aan de staat worden beloond
C
arbeiders mochten in vrije tijd eigen akkers bewerken
D
verplichte graanleveringen door boeren aan de staat

Slide 34 - Quiz

Slide 35 - Link

Slide 36 - Video

Welke vernieuwing voert Stalin door in de landbouw?
A
Privébezit voor boeren: krijgen eigen grond
B
Boeren voegen zelf gronden samen en helpen elkaar om te bewerken
C
Collectivisatie: grote boerenbedrijven
D
Er wordt meer landbouwgrond ontgind

Slide 37 - Quiz

Wat is Stalins reactie op het verzet van de boeren?
A
Degoelagiseren
B
Dekoelakisatie
C
Alle boeren worden deporteerd
D
'Rijke boeren' worden als klasse afgemaakt

Slide 38 - Quiz

Slide 39 - Video

Belang van Pavlik Morozov?

Slide 40 - Open question

Slide 41 - Video

Slide 42 - Video

Zuivering
A
1e fase koelakken, 2e fase buitenlandse dreiging
B
1e fase partij-elite, 2e fase koelakken
C
1e fase burgerij, 2e fase koelakken
D
1e fase koelakken, 2e fase partij-elite

Slide 43 - Quiz

Slide 44 - Video