Volksverhalen
Les 2: Het sprookje
Volksverhalen
Les 2: Het sprookje
This item has no instructions
Lesdoelen
Je leert …
… de typische kenmerken van volkssprookjes herkennen en benoemen in tekst en beeld. (LPD 8, 10)
… de opbouw van een sprookje chronologisch ordenen en benoemen (expositie → crisis/queeste → hulp/tegenstand → climax → afloop). (LPD 1, 8)
… een sprookje kort samenvatten in eigen woorden en de hoofdgedachte + moraal formuleren. (LPD 3, 6)
This item has no instructions
Wat maakt een sprookje nu eigenlijk een sprookje?
This item has no instructions
Wat is een sprookje?
Een sprookje is een oud volksverhaal waarin fantasie en werkelijkheid samenvloeien.
De verhalen werden mondeling doorgegeven en bevatten vaak een moraal of levensles.
Voorbeeld:
“Assepoester leert ons dat goedheid uiteindelijk beloond wordt.”
This item has no instructions
Kenmerken
Er is een auctoriële (alwetende) verteller.
Tijd en plaats zijn onbepaald.
Personages zijn vlak en stereotiep.
Fantasie en toverkracht spelen een grote rol.
Het verhaal is symbolisch en opvoedkundig.
Vaak een vaste begin- en eindzin:
“Er was eens…” / “En ze leefden nog lang en gelukkig.”
This item has no instructions
Chronologie
This item has no instructions
Chronologie
Expositie
Tijd, plaats en personages worden voorgesteld
Vaak vaag en tijdloos
De beginsituatie wordt geschetst
Voorbeeld: “Er was eens een arme houtvester…”
This item has no instructions
Chronologie
Crisis
Er ontstaat een probleem, conflict of queeste
De held moet handelen
Helpers en tegenstanders verschijnen
Voorbeeld: een vloek, verbanning, opdracht of verlies of queeste
This item has no instructions
Chronologie
Climax
Het spannendste moment van het verhaal
De beslissende proef, strijd of confrontatie
Alles staat op het spel
Voorbeeld: het gevecht met de draak
This item has no instructions
Chronologie
Ommekeer
Het keerpunt na de climax
Het lot van de held verandert
De oplossing komt in zicht
Voorbeeld: de vloek wordt gebroken
This item has no instructions
Chronologie
Ontknoping
Het conflict wordt definitief afgerond
Herstel van orde: beloning of straf
Vaak een moraal of levensles
Voorbeeld: huwelijk, rijkdom, “en ze leefden nog lang en gelukkig”
This item has no instructions
Chronologie
Voorbeeld:
In Doornroosje: de prinses wordt betoverd (crisis), de prins redt haar (climax), en ze leven gelukkig verder (oplossing).
Maak de BW uit de cursus.
This item has no instructions
Welke typische personages zijn er?
This item has no instructions
Personages
In sprookjes keren bepaalde soorten personages steeds terug. Ze hebben vaak een vaste rol in het verhaal: held, helper, tegenstander of slachtoffer.
This item has no instructions
Typische personages
👑 Koningen, prinsen en prinsessen: De prins redt of helpt de prinses (of wordt door haar geholpen). Voorbeeld:
🧚♀️ Elfen, kabouters, draken en oosterse geesten: Soms behulpzaam, soms gevaarlijk. Voorbeeld:
🔮 Heksen, feeën en tovenaars: Kunnen goed, kwaad of dubbelzinnig zijn. Voorbeeld:
This item has no instructions
Typische personages
🐺 Sprekende dieren: Helpen of misleiden mensen, vaak met menselijke trekjes. Voorbeeld:
👧 Kinderen als hoofdpersonage: Slim, moedig en onschuldig --> lossen problemen op met hulp van magie of goede raad. Voorbeeld:
🧙♀️ Stiefmoeders en peettantes: Vaak jaloers, gemeen of betoverd; soms feeën of heksen. Voorbeeld:
This item has no instructions
Typische personages
vaak geen echte naam => universeel karakter
naam => eigenschap (Roodkapje, Goudlokje,...)
=> alledaagse naam
De karakters in sprookjes zijn vol/vlak:
=> De prins: knap, moedig, redder
=> De prinses: lief, mooi, onschuldig
=> De stiefmoeder: lelijk, jaloers, gemeen
This item has no instructions
Onderwerpen
Bepaalde onderwerpen komen steeds terug => ze brengen fantasie, spanning en een diepere boodschap.
Vijf veelvoorkomende thema’s:
👉 Betoverde voorwerpen
👉 Magische plaatsen en planten
👉 Gevangenschap
👉 Goed en kwaad
👉 Rijkdom
This item has no instructions
Onderwerpen
🔮 Voorwerpen met magische kracht
Voorwerpen die wensen laten uitkomen of wonderen verrichten.
Ze brengen rijkdom, voedsel of vervoeren je naar verre oorden.
Voorbeelden:
🌿 Fantasiewerelden en symbolische natuur
denkbeeldige werelden.
planten of plekken zijn magisch en leiden naar andere werelden.
symbolische betekenis, zoals de roos = liefde of schoonheid.
Voorbeelden:
De spiegel en de glazen bol van Sneeuwwitje, de magische lamp van Aladin, het spinnenwiel van Doornroosje.
Betoverde roos in Belle en het Beest, de paddenstoelen uit Alice in Wonderland
Onderwerpen
🏰 Gevangen… en wachten op bevrijding
in een toren, kasteel of duistere plek
in slaap gebracht of veranderd in een dier
Voorbeelden:
💫 Goedheid wordt beloond, kwaad bestraft
strijd tussen goed en kwaad
eerlijke mensen -> beloning <-> diefstal, leugens of jaloezie -> afgestraft
Moraal: Wie goed doet, goed ontmoet.
Voorbeelden:
Rapunzel, Scheherazade, Doornroosje, De kleine zeemeermin
Assepoester: goedheid wordt beloond
De stiefzussen van Assepoester worden gestraft, Assepoester leeft gelukkig verder.
Sneeuwwitje: de slechte stiefmoeder wordt gestraft
Onderwerpen
👑 Rijkdom maakt niet gelukkig
kritiek op de rijke adel
de machtigen zijn gulzig, hebzuchtig of dom <-> de arme held eerlijk en slim is.
Voorbeelden:
Ezeltje Strek Je: rijkdom en gulzigheid leiden tot ongeluk.
Het meisje met de zwavelstokjes
Van de visser en zijn vrouw
Vergelijking oud en nieuw
Van mondeling naar geschreven
Mondelinge oorsprong → moeilijk te dateren
Eerste schriftelijke bronnen: late Middeleeuwen
Vanaf 17e eeuw: sprookjes in jeugdliteratuur
Verhalen veranderen telkens bij het doorvertellen
This item has no instructions
Eén verhaal, vele vormen
Zelfde sprookjes wereldwijd
Assepoester, De Schone en het Beest, …
Monogenese: één oorsprong → verspreiding door reizigers
Polygenese: ontstaan op verschillende plaatsen doordat de volksverhalen uitdrukking geven aan de basisgevoelens van de mens => JUNG psychoanalyse
This item has no instructions
De sprookjesindex
Fin Antti Aarne (1910) → internationale index van volksverhalen
Aangevuld door Thompson (1961), Uther (2004)
Het doel: volksverhalen uit landen vergelijken, -> indelen in categorieën -> ontdekken van varianten en ≠ verhalen
Elke cultuur → eigen invulling
Zo wordt Assepoester in de Chinese variant niet geholpen door een goede fee, maar door haar moeder, die gereïncarneerd is als vis. In Afrikaanse volkssprookjes wordt de Schone verliefd op een krokodil en een vijfkoppige slang; in een Russische variant valt ze voor een snotterige geit.
Anonieme oorsprong
Auteur meestal onbekend
Verhalen = gemeengoed (geen auteursrecht)
Verteller, schrijver, vertaler vaak niet genoemd
Soms zelf verzonnen i.p.v. mondeling gehoord -> heeft de verzamelaar zelf geschreven?
Volksverhaal ↔ literaire versie beïnvloeden elkaar
This item has no instructions
Grimm & Andersen
Gebroeders Grimm: mondeling + geschreven bronnen
Wilhelm Grimm herschreef → literaire stijl
Andersen: eigen kunstsprookjes
Gebaseerd op oudere verhalen
De nieuwe kleren van de keizer → middeleeuwse oorsprong
This item has no instructions
Voor kinderen of niet?
Oorspronkelijk: voor volwassenen én kinderen
Functie: vermaak + waarschuwing
Grimm & Andersen: eerste kinderversies
Vanaf toen → opvoedkundig aanvaardbaar
This item has no instructions
Welke openingszin hoort bij een traditioneel sprookje?
Lang geleden, in een ver land...
Er was eens…
In het jaar 1870...
Ooit in een ver verleden...
This item has no instructions
Welke personages komen vaak voor in sprookjes?
Politici en detectives
Sporters en zangers
Koningen, prinsessen en heksen
This item has no instructions
Hoe zijn de personages in sprookjes vaak?
complex
vlak
stereotiep
rond
This item has no instructions
Wat toont de Aarne–Thompson–Uther-index (ATU-index) aan?
Hoe lang een sprookje duurt
In hoeveel landen en vormen een sprookjestype voorkomt
Hoeveel woorden elk sprookje telt
This item has no instructions
Wat veranderden Grimm en Andersen aan de oude sprookjes?
Ze maakten ze spannender voor volwassenen.
Ze herschreven ze op kindermaat.
Ze voegden politieke thema’s toe.
This item has no instructions
Waarom denk jij dat sprookjes vandaag nog steeds verteld en verfilmd worden?
This item has no instructions
Opdracht: Vergelijk Sole, Luna en Thalia en hetzelfde sprookje in de versie van Grimm
1. Inhoud: Plaats de inhoud van de beide versies naast elkaar in twee kolommen. Geef aan wat verschilt.
2. Personages: Geef de overeenkomsten en de verschillen aan in uiterlijk en karakter.
3. Beoordeling: Voor kinderen? Voor volwassenen? Aan welke versie geven jullie de voorkeur? Motiveer je antwoord.
This item has no instructions