Les 1: Wat vind jij belangrijk?
NORMEN
&
WAARDEN
Actief! Burgerschap
ISK / NT2
Les 1: Wat vind jij belangrijk?
NORMEN
&
WAARDEN
Actief! Burgerschap
ISK / NT2
Deze les is een ISK/NT2-versie van Actief! Normen & Waarden les 1. De taal is eenvoudig (ongeveer A2), er is een woordenlijst, er zijn zinsstarters bij de open vragen en er zijn foto's bij de voorbeelden.
Tip: laat leerlingen de nieuwe woorden opschrijven in hun woordenschrift, met de vertaling in hun eigen taal.
Hoe werkt het?
Dit weet je al
Dit leer je nu
Doen
Terugkijken
Kijken
Klik hier
Afbeelding vergroten
This item has no instructions
Na de les:
Je weet wat een waarde is.
Je weet wat een norm is.
Je kent drie belangrijke waarden in Nederland.
Je kunt zeggen wat jij belangrijk vindt.
Aan het eind van de les kunnen de leerlingen in eenvoudige woorden zeggen wat normen en waarden zijn. Ook kunnen ze vertellen welke waarden belangrijk zijn voor henzelf en voor de klas.
Belangrijke woorden
belangrijk = dit vind je heel goed en nodig
de waarde = iets wat je belangrijk vindt
de norm = een regel: zo doe je dat
het gedrag = wat je doet
het respect = je behandelt een ander goed
Lees de woorden samen hardop. Laat leerlingen elk woord herhalen.
Vraag: hoe zeg je dit woord in jouw taal? Leerlingen mogen de vertaling in hun woordenschrift zetten.
Wat vind jij belangrijk?
Zo begin je: Ik vind … belangrijk. Bijvoorbeeld: Ik vind familie belangrijk.
Laat leerlingen eerst even nadenken. Ze mogen in hun eigen taal denken en daarna in het Nederlands antwoorden.
Er zijn geen goede of foute antwoorden. Lees een paar antwoorden voor en vertel: dit zijn allemaal waarden. Daarover gaat de volgende slide.
De waarde
de waarde (meervoud: de waarden)
Een waarde is iets wat je belangrijk vindt.
Voorbeelden:
helpen
respect
eerlijkheid
Een waarde is een idee: iets wat een groep mensen belangrijk vindt. Op de foto zie je de waarde helpen.
Vraag: welke waarden ken je nog meer? Image credit: Heber Davis / Unsplash
De norm
de norm (meervoud: de normen)
Een norm is een regel voor je gedrag. Bijna iedereen vindt die regel normaal.
Voorbeeld: Je wacht op je beurt in de rij.
Een norm zegt hoe je je gedraagt. De norm 'je wacht op je beurt' hoort bij de waarde eerlijkheid of geduld.
Nog een voorbeeld uit de klas: norm = je laat een ander uitpraten. Waarde = respect. Image credit: Lumi W / Unsplash
Waarde of norm?
Waarde = wat je belangrijk vindt.
Vaak is het één woord. Bijvoorbeeld: eerlijkheid.
Norm = wat je doet.
Vaak is het een zin. Bijvoorbeeld: Je liegt niet.
Een handig trucje voor taalleerders: een waarde is vaak een zelfstandig naamwoord (eerlijkheid, respect, veiligheid). Een norm is vaak een zin met een werkwoord (je liegt niet, je wacht op je beurt).
Bij een waarde horen vaak meerdere normen.
Is het een NORM
of een WAARDE?
This item has no instructions
Je wacht op je beurt in de rij.
norm
waarde
Antwoord: een norm. Het is een zin over wat je doet. De waarde die erbij hoort is bijvoorbeeld eerlijkheid of geduld. Image credit: Lumi W / Unsplash
Vrijheid
Je mag zeggen wat je denkt.
norm
waarde
Antwoord: een waarde. Vrijheid van meningsuiting is een idee dat we belangrijk vinden. Een norm die erbij hoort: je luistert ook naar de mening van een ander. Image credit: Vitaly Gariev / Unsplash
Respect voor anderen
norm
waarde
Antwoord: een waarde. Respect is één woord: iets wat je belangrijk vindt. Een norm die erbij hoort: je laat een ander uitpraten. Image credit: Andrea Tummons / Unsplash
In de trein zet je je muziek niet hard.
norm
waarde
Antwoord: een norm. Het is een regel voor je gedrag. De waarde die erbij hoort is bijvoorbeeld rekening houden met anderen (respect). Image credit: Brian Asare / Unsplash
Normen zijn niet overal hetzelfde
In elk land en in elke familie zijn er normen. Soms zijn ze anders.
Voorbeeld: iemand begroeten
Je geeft een hand.
Je geeft drie zoenen.
Je legt je hand op je hart.
Leg uit: normen verschillen per land, per familie en per groep. Dat is normaal. Geen enkele manier is beter dan de andere.
Vraag: hoe begroeten jullie elkaar thuis? En op school? In Nederland geven mensen elkaar vaak een hand, of zwaaien ze. Image credit: Masjid MABA / Unsplash
Noem een norm van thuis of uit jouw land.
Zo begin je: Bij ons thuis … / In mijn land … / In Nederland …
Niet iedere leerling wil over het land van herkomst praten. Laat leerlingen daarom ook vertellen over hun familie, hun vrienden of hun sport.
Bespreek de verschillen zonder oordeel: anders is niet fout. Vraag eventueel: is deze norm in Nederland hetzelfde, of anders?
3 belangrijke waarden in Nederland
Vrijheid
Je mag zeggen wat je denkt.
Je mag geloven wat je wilt.
Maar je doet een ander geen pijn.
Gelijkwaardigheid
Iedereen is evenveel waard.
Jongens en meisjes, arm en rijk, uit elk land, met elk geloof.
Solidariteit
We helpen elkaar.
Ook mensen die we niet kennen.
Bijvoorbeeld: mensen die ziek zijn of geen werk hebben.
Vrijheid, gelijkwaardigheid en solidariteit zijn de drie basiswaarden van de democratische rechtsstaat. Ze staan in de kerndoelen burgerschap (SLO, kerndoel 19A) en scholen moeten er volgens de wet aandacht aan besteden.
Klik om de waarden een voor een te laten zien. Vertel dat deze waarden ook in de Grondwet staan: artikel 1 (iedereen wordt gelijk behandeld, discriminatie is verboden) en artikel 7 (vrijheid van meningsuiting).
Vraag: wat betekenen deze waarden in jouw land? Zijn ze daar hetzelfde of anders? Herken je ze op school? Bijvoorbeeld: iedereen mag meedoen (gelijkwaardigheid), we helpen een nieuwe leerling (solidariteit).
Hoe belangrijk is
deze waarde voor jou?
Hierna volgen zes waarden. De leerlingen kiezen bij elke waarde hoe belangrijk die waarde voor hen is. Onder elke waarde staat een korte uitleg in eenvoudig Nederlands.
Kijk daarna met de klas naar de uitslag: hoe belangrijk is deze waarde in de klas? Waarom vinden ze deze waarde wel of niet belangrijk?
Geen devices in de klas? Maak er een 'over de streep'-werkvorm van: leerlingen doen een stap naar voren als ze deze waarde belangrijk vinden.
Tip: wil je andere waarden gebruiken? Sla deze les op in jouw LessonUp-account en verander de waarden op de volgende zes slides.
Niet belangrijk
Een beetje belangrijk
Belangrijk
Heel belangrijk
Veiligheid
Je bent veilig. Niemand doet je pijn.
This item has no instructions
Niet belangrijk
Een beetje belangrijk
Belangrijk
Heel belangrijk
Vrijheid
Je mag zeggen wat je denkt en geloven wat je wilt.
This item has no instructions
Niet belangrijk
Een beetje belangrijk
Belangrijk
Heel belangrijk
Gelijkwaardigheid
Iedereen is evenveel waard.
This item has no instructions
Niet belangrijk
Een beetje belangrijk
Belangrijk
Heel belangrijk
Eerlijkheid
Je zegt de waarheid. Je liegt niet.
This item has no instructions
Niet belangrijk
Een beetje belangrijk
Belangrijk
Heel belangrijk
Solidariteit
We helpen elkaar. Niemand staat alleen.
Solidariteit betekent dat mensen elkaar helpen en voor elkaar zorgen, ook als ze elkaar niet kennen. Iedereen hoort erbij en mag meedoen.
Niet belangrijk
Een beetje belangrijk
Belangrijk
Heel belangrijk
Respect
Je behandelt anderen goed, ook als ze anders zijn.
This item has no instructions
Welke waarde is voor
jullie het belangrijkst?
Kijk terug naar de polls. Welke waarde kreeg de meeste stemmen 'Heel belangrijk'?
Bedenk samen een norm die bij deze waarde past, voor in de klas. Bijvoorbeeld: waarde = respect, norm = we laten elkaar uitpraten.
Welke waarde vind jij nog meer belangrijk?
Zo begin je: Ik vind … ook belangrijk, want …
Laat leerlingen waarden noemen die nog niet in de polls stonden. Denk aan: familie, vriendschap, geloof, gezondheid, vrijheid, school.
Praat daarna met de klas: welke waarden zijn belangrijk voor de hele klas?
Sleep de woorden naar de goede plek.
Een
is iets wat je belangrijk vindt.
Een
is een regel: zo doe je dat.
Wat je doet, is je
.
Je behandelt een ander goed. Dat is
.
waarde
norm
land
respect
gedrag
Een korte check op de belangrijkste woorden van de les. De leerlingen slepen elk woord naar de goede plek in de zinnen. Elk woord past op één plek. Let op: 'land' past nergens.
Laat leerlingen hun antwoord uitleggen met de zinnen van de slide 'Waarde of norm?'.
Wat ga je onthouden van deze les?
Zo begin je: Ik ga onthouden dat …
Extra vraag voor sterke leerlingen: in Nederland zijn vrijheid, gelijkheid en solidariteit belangrijke waarden. Hoe beschermt de wet (de grondwet) deze waarden, denk je?
This item has no instructions