Les 3: Als grondrechten botsen
GRONDWET
&
GRONDRECHTEN
Actief! Burgerschap
ISK / NT2
Les 3: Als grondrechten botsen
GRONDWET
&
GRONDRECHTEN
Actief! Burgerschap
ISK / NT2
Het derde rollenspel (meer vrouwen in bestuursfuncties) kun je als extra gebruiken met sterke groepen.
Hoe werkt het?
Dit weet je al
Dit leer je nu
Doen
Terugkijken
Kijken
Klik hier
Afbeelding vergroten
This item has no instructions
Na de les:
Je weet wat botsen betekent.
Je kunt vertellen hoe waarden kunnen botsen.
Je weet waar vrijheid, gelijkheid en solidariteit in de Grondwet staan.
Je zoekt samen naar een oplossing.
Aan het eind van deze les kunnen de leerlingen uitleggen dat de waarden vrijheid, gelijkheid en solidariteit soms met elkaar botsen, ook in de Grondwet.
Belangrijke woorden
de waarde = iets wat je belangrijk vindt
botsen = twee dingen passen niet samen
de vrijheid = je mag zelf kiezen wat je denkt en doet
de gelijkheid = iedereen heeft dezelfde rechten
de solidariteit = we helpen elkaar
de oplossing = een antwoord op een probleem
Lees de woorden samen hardop. Laat leerlingen elk woord herhalen.
Doe 'botsen' even voor met twee handen of twee auto's die tegen elkaar rijden. Vraag: hoe zeg je dit woord in jouw taal?
Waarden zijn ideeën en doelen die mensen in een groep belangrijk vinden: gedachten over wat goed is. In les 1 van Normen & Waarden heette gelijkheid ook 'gelijkwaardigheid': iedereen is evenveel waard.
Stellingenspel
Draai aan het rad.
Lees de stelling.
Ben je het eens? Ga staan.
Ben je het niet eens? Blijf zitten.
Zeg waarom.
Ik ben het eens, want …
Ik ben het niet eens, want …
In het rad staan stellingen die met waarden te maken hebben. Draai minimaal drie keer en lees de stelling samen hardop. Leg moeilijke woorden uit, zoals 'belofte' (je zegt: ik doe het zeker) en 'traditie' (iets wat je familie of je land al lang zo doet).
Leerlingen gaan staan als ze het eens zijn en blijven zitten als ze het niet eens zijn. Je kunt ook de ene kant van het lokaal 'eens' noemen en de andere kant 'oneens'.
Laat leerlingen hun keuze uitleggen. Laat zien: iedereen vindt andere dingen belangrijk. Daarover gaat deze les.
Botsende waarden
Waarden botsen als mensen iets anders belangrijk vinden.
Waarom? Iedereen is anders. Je familie, je land en je leven zijn anders.
Voorbeeld: jij vindt eerlijkheid belangrijk. Je vindt ook vriendschap belangrijk. Je vriend heeft iets fout gedaan. Zeg je het tegen de docent?
Klik om de zinnen een voor een te laten zien.
Vraag eerst: hoe kunnen waarden botsen? Laat dan het antwoord zien. Zijn de leerlingen het hiermee eens?
Vraag daarna: waarom gebeurt dit? Kunnen de leerlingen dat zien in het stellingenspel? Mensen groeien anders op en hebben andere ervaringen. Wat voor de een belangrijk is, is voor de ander minder belangrijk.
Bespreek het voorbeeld. Er is geen goed of fout antwoord: twee waarden die je allebei belangrijk vindt, botsen.
Wat betekenen vrijheid, gelijkheid en solidariteit voor jou?
Wat
betekenen
deze waarden
voor jou?
Noem drie woorden per waarde.
Woordweb: wat betekenen vrijheid, gelijkheid en solidariteit voor jou?
Met devices: leerlingen vullen per waarde minimaal drie woorden in. Bijvoorbeeld vrijheid: kiezen, mening, geloof. Gelijkheid: eerlijk, dezelfde regels. Solidariteit: helpen, samen, delen.
Bespreek de antwoorden en versleep ze naar de goede waarde. Wat is hetzelfde, wat is anders in de klas? Maak eventueel samen een korte uitleg van de drie waarden.
Hoe beschermt de Grondwet deze waarden?
Zo begin je: In de Grondwet staat dat …
Open vraag: hoe beschermt de Grondwet de waarden vrijheid, gelijkheid en solidariteit, denk je? Laat leerlingen terugdenken aan het grondwetwiel uit les 1 en 2.
Waarden in de Grondwet
Gelijkheid
Artikel 1: iedereen wordt gelijk behandeld. Discriminatie is verboden.
Vrijheid
6: je eigen geloof
7: je mening geven
8: een club maken
9: demonstreren
10: privacy
Solidariteit
19: werk
20: geld om te leven
22: zorg en wonen
23: onderwijs
De waarden vrijheid, gelijkheid en solidariteit komen terug in de grondrechten van de Grondwet. Klik om de waarden een voor een te laten zien. De nummers zijn de artikelen van de Grondwet.
Een artikel kan bij meer waarden horen. Artikel 1 past bijvoorbeeld bij gelijkheid en bij vrijheid.
Vraag: welke grondrechten zijn klassiek en welke zijn sociaal? (Vrijheid: vooral klassiek. Solidariteit: vooral sociaal.)
Goed om te weten: de Grondwet kent geen rangorde tussen de grondrechten. Artikel 1 is niet belangrijker dan artikel 23. Als grondrechten botsen, weegt de rechter de belangen tegen elkaar af. Bron: Nederlandse Grondrechten.
Rollenspel in 4 stappen
Maak 4 groepen. Elke groep krijgt een rol.
Lees de situatie en je rol.
Bedenk met je groep: wat vind jij? Waarom?
Vertel het aan de klas. Zoek samen een oplossing.
Ik vind … , want … / Ik begrijp jou, maar … / Een oplossing is …
Hierna volgen twee rollenspellen. Bij elk rollenspel hoort een situatie en een slide met vier rollen.
Verdeel de klas in vier groepen en geef elke groep een rol. Geef de groepen 3 minuten om hun mening te bedenken. Laat elke groep daarna kort vertellen wat zij vinden. Zoek samen naar een oplossing die voor iedereen eerlijk is.
Reflecteer: welke grondrechten of waarden botsen hier? Hoe vind je een goede balans?
Rollenspel 1: naar de supermarkt
Situatie
In de pauze willen leerlingen iets kopen in de supermarkt.
De supermarkt zegt: er mogen maar twee leerlingen tegelijk naar binnen. Je tas moet je buiten laten staan.
Rollenspel: tijdens de pauze naar de supermarkt.
Doel: ontdekken hoe het recht op gelijke behandeling (artikel 1) kan botsen met veiligheid en het beschermen van je winkel.
Lees de situatie samen hardop. Vraag: is deze regel eerlijk? Waarom wel of niet? Leg uit: andere klanten mogen wel met z'n allen naar binnen. Alleen leerlingen niet.
Ga daarna naar de rollen op de volgende slide.
Leerling
"Ik moet lang wachten. Andere klanten mogen wel naar binnen. Dat is niet eerlijk!"
Eigenaar van de supermarkt
"Er werd veel gestolen. Ik moet mijn winkel beschermen. Maar leerlingen zijn ook mijn klanten."
Andere klant
"Eerst was het heel druk met leerlingen. Nu kan ik rustig boodschappen doen."
Medewerker kantine
"Eerst kocht niemand iets bij ons. De supermarkt is goedkoper. Deze regel is goed voor ons."
Verdeel de klas in vier groepen en geef elke groep een rol: leerling, eigenaar van de supermarkt, andere klant en medewerker van de schoolkantine.
Lees de situatie nog een keer voor. Laat elke groep vanuit zijn rol vertellen wat hij vindt. Onderhandel daarna samen over een oplossing die zowel veiligheid als gelijke behandeling beschermt. Bijvoorbeeld: meer leerlingen tegelijk naar binnen, maar tassen bij de kassa laten zien.
Reflecteer: welke belangen botsen hier? Hoe vind je een balans?
Rollenspel 2: camera's in de stad
Situatie
De overheid wil meer camera's in de stad. Zo wil de overheid criminaliteit (stelen, geweld) stoppen.
Maar dan worden mensen de hele dag gefilmd. Is dat goed voor hun privacy?
Rollenspel: privacy tegenover veiligheid.
Doel: ontdekken hoe het recht op privacy (artikel 10) kan botsen met maatregelen voor veiligheid.
Lees de situatie samen hardop. Leg 'criminaliteit' en 'gefilmd worden' uit. Vraag: zijn er in jullie buurt of op school ook camera's? Wat vind je daarvan?
Ga daarna naar de rollen op de volgende slide.
Burger
"Ik wil niet de hele dag gefilmd worden. Mijn privacy is belangrijk."
Overheid
"Ik twijfel. Veiligheid is belangrijk. Maar de rechten van mensen ook."
Politie
"Met camera's vinden we criminelen sneller. Dat is goed voor iedereen."
Bedrijf
"Camera's helpen tegen diefstal. Maar wat denken onze klanten ervan?"
Verdeel de klas in vier groepen en geef elke groep een rol: burger, overheid, politie en bedrijf.
Laat elke groep vanuit zijn rol vertellen wat hij vindt. Zoek daarna samen een oplossing die privacy en veiligheid allebei beschermt. Bijvoorbeeld: alleen camera's op drukke plekken, en de beelden worden na een paar dagen gewist.
Reflecteer: welke grondrechten botsen hier? Hoe vind je een balans?
Bedenk zelf een botsing tussen grondrechten.
Zo begin je: … botst met … , want …
Soms zitten grondrechten elkaar in de weg. Voorbeelden:
Deze botsingen laten zien dat het lastig is om een balans te vinden tussen de rechten van één persoon en het belang van iedereen.
Eens
Oneens
Stelling: Als grondrechten botsen,
merk ik dat in mijn leven.
Laat leerlingen eerst stemmen. Vraag daarna een paar leerlingen waarom ze eens of oneens zijn. De volgende vraag gaat hier verder op in.
Wanneer merk jij dat grondrechten botsen?
Zo begin je: Ik merk het als … / Ik merk het niet, want …
Laat leerlingen denken aan school, thuis, sport, internet of de stad. Bijvoorbeeld camera's op school (privacy en veiligheid), of iemand die op sociale media iets kwetsends zegt (mening zeggen en gelijke behandeling).
Wat ga je onthouden van deze les?
Zo begin je: Ik heb geleerd dat …
Reflecteer met de leerlingen op het hele thema Grondwet & grondrechten. Wat weten ze nu over de Grondwet, over grondrechten en over botsende waarden?
This item has no instructions