This lesson contains 34 slides, with interactive quizzes and text slides.
Lesson duration is: 90 min
Items in this lesson
ZON
Slide 1 - Slide
Digitale
Overhoring HV1
H6 LICHT
Geodriehoek, potlood en schrift bij de hand
Slide 2 - Slide
rood licht + groen licht + blauw licht =
A
geel
B
cyaan (groenblauw)
C
magenta (paars)
D
wit
Slide 3 - Quiz
Als ik geel licht schijn op een blauwe ondergrond, wordt het gele licht:
A
Geabsorbeerd
B
Gereflecteerd
Slide 4 - Quiz
Wat is diffuus licht?
A
Licht dat direct van de bron in jouw ogen komt
B
Licht dat in een ruit weerkaatst en dan in jouw ogen komt
C
Licht dat door een object verspreid wordt
D
Geen flauw idee, moesten we dat leren?
Slide 5 - Quiz
Sandra bekijkt een Nederlandse vlag door een blauw filter. Welke kleuren lijkt de vlag nu te hebben?
A
Rood, wit en blauw
B
Zwart, blauw en blauw
C
Zwart, wit en zwart
D
Paars, blauw en blauw
Slide 6 - Quiz
De zon is een ..
A
Kunstmatige lichtbron
B
Directe Lichtbron
C
Diffuus teruggekaatst
D
Schaduw
Slide 7 - Quiz
Wat is de spiegelwet?
A
"Letters die je in een spiegelbeeld ziet zijn omgekeerd"
B
"Hoek van inval is gelijk aan hoek van terugkaatsing"
C
"Bolle spiegels zijn groter dan holle spiegels"
D
"Een spiegel is altijd vlak"
Slide 8 - Quiz
Hoe luidt de spiegelwet dus?
A
i = u
B
u = t
C
i = t
D
t = u
Slide 9 - Quiz
Wordt in de figuur hiernaast gebruik gemaakt van het spiegelbeeld of de spiegelwet?
A
De spiegelwet
B
Het spiegelbeeld
C
Weet ik niet
Slide 10 - Quiz
hoe heet de rode lijn op de afbeelding hiernaast .
A
loodlijn
B
rode lijn
C
normaal
D
abnormaal
Slide 11 - Quiz
A
1 = normaal
2 = hoek van inval
3 = hoek van terugkaatsing
B
1 = hoek van terugkaatsing
2 = hoek van inval
3 = normaal
C
1 = hoek van inval
2 = normaal
3 = hoek van terugkaatsing
D
1 = hoek van terugkaatsing
2 = normaal
3 = hoek van inval
Slide 12 - Quiz
De hoek van inval is 70 graden, dan is de hoek van terugkaatsing ..... graden
A
35 graden
B
70 graden
C
140 graden
D
Dat kun je niet zeggen je hebt de normaal niet
Slide 13 - Quiz
Om een teruggekaatste lichtstraal goed te tekenen, moet je de normaal kennen. Wat is de normaal bij een vlakke spiegel? De normaal is de lijn ....
A
die loodrecht op de invallende lichtstraal staat.
B
die loodrecht op de spiegel staat.
C
van je oog naar het spiegelbeeld.
D
van je oog naar het voorwerp.
Slide 14 - Quiz
Bij terugkaatsing van een lichtstraal op een spiegel, moet je de hoek van inval en de hoek van terugkaatsing kennen. Welke hoek in figuur 1 is de hoek van terugkaatsing?
A
hoek 1
B
hoek 2
C
hoek 3
D
hoek 4
Slide 15 - Quiz
Is een spiegel een lichtbron?
Slide 16 - Open question
Een lichtbron straalt licht uit. Dat licht beweegt langs:
A
kromme lijnen
B
rechte lijnen
C
evenwijdige lijnen
D
onderbroken lijnen
Slide 17 - Quiz
Geeft dit licht of weerkaatst het licht? je kleren
A
Geeft licht
B
Weerkaatst licht
Slide 18 - Quiz
Geeft dit licht of weerkaatst het licht? Je zaklamp
A
Geeft licht
B
Weerkaatst licht
Slide 19 - Quiz
Alle kleuren die een lichtbron uitstraalt noemt men ook wel een ..?
A
Bron - spectrum
B
Regenboog kleuren
C
Spectra
D
Kleuren-spectrum
Slide 20 - Quiz
Welke kleur licht laat een stukje blauw glas door?
A
alle kleuren
B
alle kleuren behalve blauw
C
alleen blauw
D
geen kleuren
Slide 21 - Quiz
Welke kleur hoort niet bij de zeven kleuren van de regenboog?
A
Rood
B
Groen
C
bruin
D
Violet
Slide 22 - Quiz
wat gebeurt er met de kleuren licht die niet door een filter worden doorgelaten?
A
deze worden door de filter weerkaatst
B
deze worden door de filter geabsorbeerd
C
deze worden omgezet in de kleur van het filter
D
er gebeurt niets mee
Slide 23 - Quiz
Met behulp van welk object kun je wit licht splitsen in alle kleuren van de regenboog?
A
Een spectrum
B
Een prisma
C
Een geodriehoek
D
Een kleurenfilter
Slide 24 - Quiz
Zonlicht is wit, maar bestaat uit verschillende kleuren. Welke kleuren zijn dat?
A
zwart en wit samen
B
rood, blauw en groen
C
rood, oranje, geel groen blauw, indigo en violet
D
cyaan, magenta, geel en zwart
Slide 25 - Quiz
Welke kleuren licht moet je mengen om geel te krijgen?
A
Rood en groen
B
Groen en blauw
C
Rood en blauw
D
Rood, groen en blauw
Slide 26 - Quiz
Welke kleuren licht moet je mengen om wit te krijgen?
A
Rood en groen
B
Rood, Groen en Geel
C
Rood en blauw
D
Rood, groen en blauw
Slide 27 - Quiz
Je kijkt door een groene kleuren filter naar een wit shirt met rode letters. Wat zie je?
A
een groen shirt met groene letters
B
een groen shirt met zwarte letters
C
een groen shirt met rode letters
D
een wit shirt met zwarte letters
Slide 28 - Quiz
Je schijnt met een blauwe lamp naar een groen shirt met bruine letters. Wat zie je?
A
een blauw shirt met blauwe letters
B
een groen shirt met zwarte letters
C
een zwart shirt met zwarte letters
D
een wit shirt met witte letters
Slide 29 - Quiz
Rood
Vul de kleuren van de regenboog aan in de juiste volgorde. De eerste kleur (rood) is al gegeven.
Kleur 2
Kleur 3
Kleur 4
Kleur 5
Kleur 6
groen
violet
blauw
infra rood
geel
paars
oranje
roze
Slide 30 - Drag question
Neem de volgende tekening over in je schrift.
Op de grond is een scherpe schaduw van het
tafelblad zichtbaar. De schaduw is in de figuur aangegeven.
Wat moet je doen?
Geef in de figuur aan waarde lamp hangt.
Slide 31 - Slide
Wanneer je op het strand onder de parasol gaat zitten, kun je dan nog verbranden?
A
Ja, het zand weerkaatst het licht dus ook UV straling
B
Ja, het zand weerkaatst het licht dus ook de infrarode straling