This lesson contains 21 slides, with interactive quizzes, text slides and 2 videos.
Items in this lesson
De was doen
Slide 1 - Slide
Welke taken horen bij het doen van de was?
Slide 2 - Mind map
Slide 3 - Video
01:54
Mag je alles in de wasmachine wassen?
A
Ja
B
Nee
Slide 4 - Quiz
02:55
Waarom keer je kleding met opdruk of versiering binnenste buiten voor het wassen?
Slide 5 - Open question
03:16
Welke informatie vind je op de etiketten in je kleding? Meerdere antwoorden zijn goed.
A
Hoe je het moet opvouwen
B
Hoe je het moet wassen
C
Van welke stof het gemaakt is
D
Hoe je het moet drogen
Slide 6 - Quiz
02:55
Wat moet je met ritsen in de kleding doen?
A
Openlaten
B
Dichtmaken
Slide 7 - Quiz
02:55
Waarom moet je de zakken controleren? Meerdere antwoorden zijn goed.
A
Er kan nog iets inzitten wat niet nat mag worden
B
Er kan een gat in zitten
C
Er kan nog geld in zitten
D
Dat hoeft niet
Slide 8 - Quiz
01:54
Welke was mag bij de fijne was? Meerdere antwoorden zijn goed.
A
B
C
D
Slide 9 - Quiz
01:54
Waarom was je donkere en zwarte was ook apart?
Slide 10 - Open question
01:54
Welke was mag bij de bonte was? meerdere antwoorden zijn goed.
A
B
C
D
Slide 11 - Quiz
01:54
Welke was mag bij de witte was? Meerdere antwoorden zijn goed.
A
B
C
D
Slide 12 - Quiz
01:54
Waar let je op als je de was gaat sorteren? Meerdere antwoorden zijn goed.
A
De soort stof
B
De kleur
C
Het waslabel
D
Het patroon op de stof
Slide 13 - Quiz
Slide 14 - Video
01:04
Mag dit kledingsuk gewassen worden?
A
Ja
B
Nee
Slide 15 - Quiz
01:04
Wat betekent dit wassymbool?
A
Wassen op 30° met normaal programma
B
Wassen op 30° met anti kreuk programma
C
Wassen op 30° met een speciaal programma
D
Wassen op 30° met de hand
Slide 16 - Quiz
01:27
Wat betekent dit symbool?
A
Niet drogen
B
Drogen op lage temeratuur
C
Drogen op normale temperatuur
D
Liggend laten drogen
Slide 17 - Quiz
01:41
Zet de symbolen op de juiste plek.
Heet strijken
Warm strijken
Lauw strijken
Slide 18 - Drag question
01:27
Welk symbool geeft aan hoe je moet drogen?
A
B
C
D
Slide 19 - Quiz
01:04
Wat betekent dit wassymbool?
A
Op 30° wassen in de machine
B
Met de hand wassen
C
Op 60° wassen in de machine
D
Op een antikreukprogramma wassen in de machine
Slide 20 - Quiz
opdracht
Je gaat in verschillende kledingstukken, werkkleding of werkdoeken op zoek naar het was label. Vul op je werkblad in hoe je deze artikelen moet wassen.