Les 7 A2 EHBO

Mens en Zorg

les 7: EHBO

1 / 32
next
Slide 1: Slide
New lesson editorZorg en WelzijnMiddelbare schoolvmbo gLeerjaar 4

This lesson contains 32 slides, with text slides.

Report this lesson

Items in this lesson

Mens en Zorg

les 7: EHBO

Check-in

Lesopbouw

  • Terugblik vorige les

  • Lesdoelen

  • Theorie

  • Aan de slag

  • Evaluatie

  • Vooruitblik

Terugblik vorige les

Weet jij nog...


  • Wat logopedie is.


  • Waar kan je werken als logopedist.

Lesdoelen


Aan het einde van de les kun jij:


  • Eén van de 5 basisregels voor EHBO benoemen.

  • Iemand volgens het stappenplan in de stabiele zijligging leggen.

  • Op de juiste manier buikstoten uitvoeren.

  • Het verschil benoemen tussen een verstuiking, kneuzing, ontwrichting en breuk.


EHBO

PRAKTIJKKAART A2

Leerdoelen

Aan het einde van deze opdracht:

  • weet je wat er belangrijk is bij het geven van eerste hulp;

  • weet je hoe je moet handelen bij bloedingen en wonden;

  • kun je botbreuken herkennen;

  • ken je de verschillen tussen een kneuzing, een verstuiking, een breuk en ontwrichting;

  • herken je een flauwte en verminderd bewustzijn;

  • kun je de stabiele zijligging uitvoeren;

  • ken je verschillende soorten verbanden;

  • ken je drie typen brandwonden;

  • kun je insectensteek / tekenbeet herkennen.

Veiligheid en basisregels

1. Let op gevaar

5. Zorg voor het slachtoffer

3. Geruststellen en beschutten

4. Schakel hulpdiensten in


2. Achterhaal wat er gebeurd is

Hulp

Hulp verlenen kun je niet altijd alleen.


In welke situaties moet je gelijk 1-1-2 bellen.

Bijvoorbeeld bij:

  • bewusteloosheid;

  • hevige benauwdheid;

  • ernstig ongeval of ongelukkige val;

  • ernstige brandwonden.


112 bellen… en dan

De alarmcentrale wil weten:

  • wat er aan de hand is;

  • waar er hulp nodig is;

  • welke hulpdienst er nodig is: politie, brandweer of ambulance.



Aan de slag…

Maak de opdrachten 1 t/m 7.

Flauwvallen

Flauwvallen is een kort bewustzijnsverlies door onvoldoende bloedtoevoer en daarmee zuurstof naar de hersenen.

Oorzaken kunnen zijn: zien van bloed, benauwde/ drukke omgeving, pijn, emoties, te weinig eten of drinken.

  • Niet reageren niet op aanspreken

  • Bleek worden

  • Zweten

  • Geeuwen


Flauwvallen

Hoe herken je het?

  • Niet reageren niet op aanspreken

  • Bleek worden

  • Zweten

  • Geeuwen


Meestal duurt flauwvallen heel kort (30 - 60 seconden) en komt iemand spontaan weer bij bewustzijn.

Aan de slag…

Maak de opdrachten 8 t/m 10.

Aan de slag…

Maak de opdrachten 11 t/m 17.


Opdracht 16: Praktijk stabiele zijligging

Verslikken

Een snoepje of een ander voorwerp in de luchtpijp in plaats van in de slokdarm. Meestal hoesten


Oorzaak: vaak te snel eten of praten/lachen tijdens het eten, waardoor de klepjes in de keel niet goed werken.



Verstikken

Verstikking: de luchtweg is afgesloten. Hierdoor ontstaat er zuurstoftekort. Je kunt dan niet meer hoesten of praten. Verstikking levensbedreigend.

Oorzaak: vreemd voorwerp in de luchtpijp.


Snel handelen!

EHBO bij verslikken / verstikken

  • Spoor aan om te hoesten.

  • Lukt het dan nog niet sla dan 5x tussen de schouderbladen.

  • Als dit niet helpt, ga dan achter het slachtoffer staan en sla je armen om de borstkas.

  • Plaats je vuist met de duim tussen de navel en onderkant van de borstbeen.

  • Houd deze met je andere hand en trek beide handen schuin omhoog naar je toe.

Buikstoten

Aan de slag…

Maak de opdrachten 18 t/m 21.

Aan de slag…

Maak de opdrachten 22 t/m 23.

Gebruik het stappenplan
Heimlich-methode

Botten

  • 206 botten in je lichaam.

  • Botten zorgen voor stevigheid.

  • Botten beschermen organen.
    Bijv.: Ribben beschermen je hart en longen.

  • Spieren zitten vast aan de botten, zodat we kunnen bewegen.

Kneuzing en verstuiking

Bij een kneuzing is weefsel onder de huid beschadigd. Bijvoorbeeld door een botsing of een val. Voorbeeld: gekneusde pols.


Bij een verstuiking (of: verzwikking) zijn de banden om het gewricht (te ver) uitgerekt. Dat komt vaak door een verkeerde beweging van het gewricht. Voorbeeld: een verstuikte/verzwikte enkel.

Botbreuk (fractuur)

Het bot is gebroken of er zit een scheur in.


Oorzaak: meestal een val, een harde klap of ongeluk.


Vaak erg pijnlijk en je kunt het niet meer bewegen. Op de plaats van de breuk wordt het vaak dik.

Gebroken sleutelbeen

EHBO bij botbreuk (fractuur)

  • Het lichaamsdeel steun geven. Dit kan slachtoffer vaak zelf. 

  • Sieraden van het gebroken lichaamsdeel te verwijderen. Dit om afknellen te voorkomen.

  • Afhankelijk van wat er gebroken is neem je contact op met de huisarts of bel je 112.

Aan de slag…

Maak de opdrachten 24 t/m 26.

Evalueren

Zijn de lesdoelen behaald?

Aan het einde van de les kun jij..

  • Eén van de 5 basisregels voor EHBO benoemen.

  • Iemand volgens het stappenplan in de stabiele zijligging leggen.

  • Op de juiste manier buikstoten uitvoeren.

  • Het verschil benoemen tussen een verstuiking, kneuzing, ontwrichting en breuk.


Benoem iets wat je geleerd hebt tijdens deze les.


Vooruitblik

Aanvullen!


Check-out