In 2011 ging in de buurt van Minneapolis een boze man een vestiging van een Target-winkel binnen. Hij stond er op de manager te spreken. “Mijn dochter kreeg deze mail van Target!” brieste hij. “Ze zit nog op de middelbare school en jullie sturen haar coupons voor babykleertjes en ledikanten? Moedigen jullie haar aan om zwanger te worden?!”. De manager had geen idee waar de man het over had. Maar in het mailsysteem zag hij wel dat de dochter in kwestie aanbiedingen kreeg voor zwangerschapskleding en commodes met foto’s van lachende kinderen. De manager bood zijn excuses aan waarna de man mokkend afdroop. Maar dit is nog niet het hele verhaal van de Target case…
Een week later belde de Target-manager de boze man nog een keer op, waarbij hij zich nogmaals verontschuldigde. De man klonk toen echter verward. Hij zei: “Ik heb een goed gesprek met mijn dochter gehad en het blijkt dat er hier het één en ander in huis is gebeurd, waarvan ik niet op de hoogte was. Ze verwacht in augustus haar baby… Ik moet u mijn verontschuldigingen aanbieden…”. Wat zowel de manager als de klant niet wisten, is dat de mails gericht aan de dochter waren gegenereerd op basis van big data.