Les7fyhjt

1 / 34
next
Slide 1: Slide
Sociale vaardighedenMBOPraktijkonderwijsStudiejaar 1

This lesson contains 34 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 90 min

Items in this lesson

Slide 1 - Slide

Slide 2 - Slide

Slide 3 - Slide

Slide 4 - Slide

Slide 5 - Slide

Slide 6 - Slide

Slide 7 - Slide

Slide 8 - Slide

Slide 9 - Slide

Slide 10 - Slide

Slide 11 - Slide

Slide 12 - Slide

QUIZ

Slide 13 - Slide

Waar staat NEN voor?
A
Nederlandse Norm
B
Noord Europese Norm
C
Norm der Nederlanden
D
Nederland Engelse Norm

Slide 14 - Quiz

Welke soort projectie gebruiken wij op een tekening?
A
Europese Projectie
B
Amerikaanse projectie
C
Nederlandse projectie
D
Derde kwadrant

Slide 15 - Quiz

Welke ISO norm kan je in het titelblok vaak vinden?
A
ISO 7286
B
ISO 3-355
C
ISO 2768
D
ISO 9001

Slide 16 - Quiz

Wat voor lijn tekenen we bij een doorsnede?
A
lang-kort-lang-kort
B
lang-kort-lang-kort Met verdikte uiteindes
C
onderbroken lijn
D
onderbroken lijn Met verdikte uiteindes

Slide 17 - Quiz

Evenwijdigheid
Rondheid
Vlakheid
Cilindricieit

Slide 18 - Drag question

Onder welke hoek tekenen we isometrisch?
A
30 graden
B
45 graden
C
15 graden
D
180 graden

Slide 19 - Quiz

Welk symbool
mist er?
A
S
B
C
SR
D
SRØ

Slide 20 - Quiz

Moet het isometrisch aanzicht op dezelfde schaal getekend worden?
A
Ja, alles moet op dezelfde schaal
B
Nee, het isometrisch aanzicht mag kleiner als het nodig is

Slide 21 - Quiz

Wat is het verschil tussen vorm en plaats toleranties?
A
vormtoleranties gaan nooit over een plaats
B
plaatstoleranties en vormtoleranties zijn eigenlijk hetzelfde
C
vormtoleranties gaan altijd over gaten.
D
vorm toleranties hebben geen referentie

Slide 22 - Quiz

Waarom bematen we hier
alles met een parallelmaat?

Meerdere antwoorden mogelijk
A
Dat is makkelijker met programmeren
B
Er zijn geen stapel toleranties
C
We hoeven geen maten te verrekenen
D
We hebben een vast nulpunt

Slide 23 - Quiz

Wat is zijn voordelen van Isometrisch tekenen ten opzichte van Di of Trimetrisch?
A
Het past beter op je tekenvel
B
Je hoeft geen maten te verschalen
C
Het is eenvoudiger met een geodriehoek

Slide 24 - Quiz

Als we Nederland op een A3 willen tekenen. Wat is dan ongeveer de correcte schaal?
A
420:306000000
B
1:750000
C
750000:1
D
5

Slide 25 - Quiz

Is het mogelijk om met een passer een isometrische cirkel te tekenen?
A
Ja
B
Nee
C
Alleen als je je tekenblad onder 30 graden houdt

Slide 26 - Quiz

Bij welke soort maatinschrijving gebruiken we een nulpunt dat verplaatst?
A
Absoluut
B
Incrementeel

Slide 27 - Quiz

Sleep het aanzicht naar de correcte plek

Slide 28 - Drag question

Wat is de functie van een maatlijn?
A
Geeft de positie van een onderdeel
B
Geeft de maat van een onderdeel
C
Geeft de materiaalsoort aan
D
Geeft de schaal aan

Slide 29 - Quiz

Wat is de juiste volgorde bij het maken van een technische tekening?
A
Vorm → Maten → Basislijnen
B
Basislijnen → Vorm → Maten
C
Basislijnen → Maten → Vorm

Slide 30 - Quiz

Welke lijnsoort gebruik je voor een verborgen rand?
A
Onderbroken lijn
B
Dikke lijn
C
Dunne lijn
D
Lang-kort lijn

Slide 31 - Quiz

Wat staat er in een titelblok?
A
Alle identificatiegegevens
B
De schaal
C
De naam van de tekenaar
D
De ISO normering

Slide 32 - Quiz

Wat is een doorsnede?
A
Een extra schets
B
Een detail
C
Een extra aanzicht
D
Een weergave van het binnenste van een object

Slide 33 - Quiz

Welk onderwerpen willen jullie nog extra behandelen?
isometrisch (cirkels) tekenen
Doorsnedes tekenen
Maat inschrijvingen
Vorm en plaats toleranties

Slide 34 - Poll