Think Unit 4 was/were

Grammar recap Unit 1 & 2
Herhaling: present simple (shit-rule) & present continuous (nu)

1 / 35
next
Slide 1: Slide
EngelsMiddelbare schoolvmbo t, mavo, havo, vwoLeerjaar 1

This lesson contains 35 slides, with interactive quizzes and text slides.

Items in this lesson

Grammar recap Unit 1 & 2
Herhaling: present simple (shit-rule) & present continuous (nu)

Slide 1 - Slide

Wat is het verschil in de werkwoorden tussen deze twee zinnen?
1. I am listening to the teacher now?
2. I always listen to the teacher.

Slide 2 - Open question

Shit rule
Present simple

Slide 3 - Mind map

Present Simple (shit-rule)
Gebruik je bij een feit of een gewoonte:
- Water boils at 100 ºC (feit)
- I walk to school every day (gewoonte)

bij she/he/it komt er een -s achter het werkwoord
- She likes cookies. 

Slide 4 - Slide

Iets gebeurt nu
Present continuous

Slide 5 - Mind map

Present Coninuous (nu/op dit moment) of iemand is ergens mee bezig
Jullie zitten nu in de Engelse les: 
- I am learning English now. 
- We are paying attention. 
- But Ben is gaming and is not paying attention.

Je gebruikt:
am/is/are en het werkwoord + ing

Slide 6 - Slide

Slide 7 - Slide

Wil je hier nog iets over vragen of is er iets dat je niet begrijpt?

Slide 8 - Open question

Let's see what you can do!

Slide 9 - Slide



Our teacher ___ the grammar every Wednesday.
A
is explaining
B
explains
C
explain
D
are explaining

Slide 10 - Quiz

We ____ (enjoy) this English lesson at the moment.
A
enjoy
B
are enjoying
C
is enjoying
D
am enjoying

Slide 11 - Quiz

My little sister always ____ (to laugh) when I pull a funny face.
A
laugh
B
laughing
C
laughed
D
laughs

Slide 12 - Quiz

They __ English grammar now.
A
practise
B
are practising
C
practises
D
practising

Slide 13 - Quiz

Grammar
He …….. (love) sports.

Slide 14 - Open question

Femke ......... us grammar now. (teach)

Slide 15 - Open question

Ik begrijp deze grammatica helemaal
A
Ja
B
Nee

Slide 16 - Quiz

Welke vraag wil je nog stellen?

Slide 17 - Open question

Dit was de herhaling. Nu gaan we over op: 

Slide 18 - Slide

De toets voor Unit 3 & 4 is op vrijdag 10 feb.
Ik wil het liefst:
Vrij 3 feb oefentoets Woe 8 feb extra instructie
Vrij 3 feb les Woe 8 feb oefentoets

Slide 19 - Poll

Wat betekent 'past'?

Slide 20 - Open question

was/were
De verleden tijd van het werkwoord 'to be' (zijn) 
is was of were

- I was at school when you called me.
- We were at the cinema last night.

Slide 21 - Slide

Past simple 'to be' (write down)
I was happy
you were happy
she/he/it was happy
we were happy
they were happy
you were happy

Slide 22 - Slide

Slide 23 - Slide

Yesterday I ...... at school.
A
was
B
were
C
am
D
are

Slide 24 - Quiz

They ... chilling in the park last weekend.
A
was
B
were
C
am
D
is

Slide 25 - Quiz

My best friends ..... at school last Monday.
A
weren't
B
were not
C
aren't
D
isn't

Slide 26 - Quiz

The Maths test was hard and the students ....... happy with their grades.
A
wasn't
B
aren't
C
are
D
weren't

Slide 27 - Quiz

Were you at school yesterday?
A
Yes, I weren't.
B
No, I weren't.
C
No, I wasn't.
D
No, I was not.

Slide 28 - Quiz

You weren't at school this morning.
A
No, I wasn't
B
Yes, I wasn't.
C
No, we weren't.
D
Yes, they weren't.

Slide 29 - Quiz

Any questions about this?

Slide 30 - Open question

Zelfstandig werken
1) Huiswerk: SB p. 43 ex. 1,2,3 (10 min = af) 
2) Invitation afmaken SB p. 45 oef. 6. -> 50 woorden! 
mail naar s.van.den.bogaard@gerritvdveen.nl 
3) Leren voor de toets: ga naar 3 feb Magister en open de bijlage

Slide 31 - Slide

Hoe vond je het gaan?
A
Super goed! Ik snap het helemaal.
B
Ik had het bijna allemaal goed. Ik heb geen extra uitleg nodig.
C
Ik vond het (deels) moeilijk. Ik wil graag extra uitleg.
D
Welke les is dit? Ik heb niet op zitten letten.

Slide 32 - Quiz

The past simple
Wanneer iets in de verleden tijd is gebeurd: 
- She played football yesterday.
- We needed to go to the hospital.
- We talked about music yesterday.

Wanneer je spreekt over iets dat in de verleden tijd gebeurd is:
werkwoord + ed

Slide 33 - Slide

Onregelmatige werkwoorden
- We went to Disneyland last Christmas.
- He found his keys in his gym bag. 

In dat geval gebruik je niet het werkwoord + ed
Er is geen regel voor onregelmatige weerwoorden.
Uit je hoofd leren! 

Slide 34 - Slide

Meer oefenen?
In wired kun je oefenen met de grammar app. 
Dit kan voor elk grammatica onderdeel. 
Deze app laat je oefenen op jouw niveau en tempo. 

Slide 35 - Slide