Basisstof 2: Groei en ontwikkeling

Goedemorgen!
This is the place to   Bio
1 / 44
next
Slide 1: Slide
BiologieMiddelbare schoolhavoLeerjaar 1

This lesson contains 44 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Goedemorgen!
This is the place to   Bio

Slide 1 - Slide

Herhalen basisstof 1
Je kunt uitleggen wat een organisme is
Je kunt de zeven levenskenmerken noemen
Je kunt onderscheiden of iets levend, dood of levenloos is 

Slide 2 - Slide

Wat is biologie?
A
"De leer van het leven "
B
"leren van de natuur"
C
"leren over mensen en dieren"
D
"Leren over de aarde"

Slide 3 - Quiz

Hoe noemen we een levend wezen in de biologie?
A
Beest
B
Dier of plant
C
Organisme
D
Cel

Slide 4 - Quiz

Wat is een levenskenmerk?
A
Praten
B
Verliefd zijn
C
Ademhalen
D
uit eten gaan

Slide 5 - Quiz

Wat is GEEN levenskenmerk?
A
Voeden
B
Ademen
C
Bewegen
D
Uitscheiden

Slide 6 - Quiz

Een wezen dat de levenskenmerken had, maar niet meer heeft.
A
Levend
B
Dood
C
Levenloos
D
Organisme

Slide 7 - Quiz

Welkom bij biologie 
Thema 1: 
Planten en dieren
Basisstof 2: 
Groei en ontikkeling

Slide 8 - Slide

Leerdoelen

  1. Je kunt omschrijven wat groei en wat ontwikkeling is.
  2. Je kunt de delen van een zaad noemen met hun functie
  3. Je kunt de levenscyclus van een zaadplant beschrijven 

Slide 9 - Slide

Kiemen
als de bruine boon begint te kiemen ontstaat er kiem. deze zit aan de binnenkant.

de kiem bestaat uit een worteltje, stengeltje en een blaadje.

Slide 10 - Slide

buitenaazicht bruine boon
binnenaanzicht bruine boon

Slide 11 - Slide

Bruine boon

Slide 12 - Slide

Het ontkiemen van een bruine boon

Slide 13 - Slide

Levenscyclus 
Een levenscyclus beschrijft de ontwikkeling van een organisme.

Een cyclus eindigt niet, maar begint opnieuw.

Slide 14 - Slide

Ontwikkeling
Ontwikkeling = verandering in de bouw van een organisme

Slide 15 - Slide

Aan de slag
Maken
 Basisstof 2: Opdracht 1 t/m 3 en 5 t/m 7 (blz. 21)

Klaar? 
Lessonup.app maken quiz in van basisstof 2

Slide 16 - Slide

Slide 18 - Slide

Groeien is..
A
Nieuwe vorm krijgen
B
Ouder worden
C
Groter en zwaarder worden
D
Groter worden

Slide 19 - Quiz

Wat is een voorbeeld van groei?
A
een plant krijgt bloemen
B
een plant wordt langer
C
allebei
D
geen van beiden

Slide 20 - Quiz

Om te groeien heeft de kiem:
A
Reserve voedsel nodig
B
Zonlicht nodig

Slide 21 - Quiz

Is dit een voorbeeld van groei of ontwikkeling?
A
Groei
B
Ontwikkeling

Slide 22 - Quiz

Is dit een voorbeeld van groei of ontwikkeling?

A
Groei
B
Ontwikkeling

Slide 23 - Quiz

Waar start een levenscyclus?
A
bij een volwassen plant
B
bij een zaadje
C
bij de bloem
D
bij een zaadje met een worteltje

Slide 24 - Quiz

Wat is de juiste volgorde in de levenscyclus (Start bij het zaad)

1 het kiemplantje groeit en gebruik voedingsstoffen uit de zaadlobben
2 Er ontstaan bloemen, uit de bloemen ontstaan tomaten met zaden
3 het worteltje komt naar buiten
4 het zaadje neemt water op via het poortje, het zwelt op
5 het worteltje groeit de bodem in, de zaadlobben komen boven de grond
6 er is een volwassen tomatenplant ontstaan
7 het kiemplanttje wordt groter en krijgt meer bladeren, de zaadlobben verschrompelen
A
3-4-1-5-6-7-2
B
4-3-5-1-7-6-2
C
4-5-1-3-2-6-7
D
3-5-1-7-2-6-4

Slide 25 - Quiz

Wat is de levenscyclus van een plant?
A
Groei-Bloei-Ontkieming- Verspreiden zaden - Sterfte
B
Ontkieming-Bloei- Groei- Verspreiden zaden - Sterfte
C
Ontkieming - Groei - Bloei - Verspreiden zaden - Sterfte
D
Ontkieming - Groei - Bloei - Sterfte -Verspreiden zaden

Slide 26 - Quiz

Wat is de zaadhuid?
A
Een opening waar water door kan
B
Een witte, ronde vlek op de bruine boon
C
De plek waar de boon vastzat in de vrucht
D
Een dun vlies aan de buitenkant van de bruine boon

Slide 27 - Quiz

Wat is de functie van de zaadhuid?
A
geeft de kleur van de boon aan
B
bescherming

Slide 28 - Quiz

Wat is de kiem?
A
Het begin van een nieuw plantje
B
Het is eigenlijk al een plantje met alles erop en eraan
C
Voedselvoorraad
D
Beschermingslaagje het zaadje

Slide 29 - Quiz


Welk nummer is de kiem?
A
1
B
4
C
7
D
8

Slide 30 - Quiz

De functie van de kiem:
A
opening waardoor water opgenomen wordt
B
groeit uit tot kiemplantje
C
vlies dat om het zaad zit
D
opslag van reservevoedsel

Slide 31 - Quiz

Kunnen aan een kiemplant bloemen groeien?
A
ja
B
nee

Slide 32 - Quiz

Met welk nummer is de zaadlob aangegeven?
A
1
B
2
C
3
D
4

Slide 33 - Quiz

Functie van zaadlob is
A
fotosynthese uitvoeren
B
stevigheid geven aan zaadje
C
voedingsstoffen geven aan kiemplantje
D
bevruchting

Slide 34 - Quiz

Wat is de functie van het poortje?
A
Neemt zuurstof op
B
Neemt water op
C
Hier komt het worteltje naar buiten
D
Hier komt het afval naar buiten

Slide 35 - Quiz

1. Bij de ontkieming scheurt eerst de zaadhuid open
2. Eerst komt het kiemstengeltje en daarna de kiemwortel
3. Tijdens het kiemen worden de zaadlobben steeds groter

Welke beweringen zijn juist
A
1, 2 en 3
B
alleen 1
C
alleen 2
D
1 en 3

Slide 36 - Quiz

Wat is de navel?
A
Een witte, ronde vlek op de bruine boon
B
Een opening waar water door kan
C
Een dun vlies aan de buitenkant van de bruine boon
D
Een bultje op de bruine boon

Slide 37 - Quiz

Met welk nummer is de navel aangegeven?
A
1
B
2
C
3
D
7

Slide 38 - Quiz

Functie de navel van een bruine boon is:
A
water opnemen
B
beschermt het zaad
C
begin van een nieuwe plant
D
zaad zat hiermee vast in de vrucht

Slide 39 - Quiz

Leerdoelen

  1. Je kunt omschrijven wat groei en wat ontwikkeling is.
  2. Je kunt de delen van een zaad noemen met hun functie
  3. Je kunt de levenscyclus van een zaadplant beschrijven 

Slide 40 - Slide

Wat begint als eerste te groeien?
A
De stengel
B
De hoofdwortel
C
De zaadlobben
D
Het zaadje

Slide 41 - Quiz

Ik heb de leerdoelen van deze les onder de knie
ūüėíūüôĀūüėźūüôāūüėÉ

Slide 42 - Poll

Waar zou je meer over willen weten?

Slide 43 - Open question

Wat vind je lastig/moeilijk?

Slide 44 - Open question