Deze benadering is gebaseerd op het vermogen van de mens dat je wil groeien en ontwikkelen
Deze benadering gaat uit van aangeleerd gedrag
Deze benadering gaat uit van aangeboren vermogen van de mens om te willen groeien en ontwikkelen
Deze benadering is gebaseerd op onze fysiologie
Deze benadering deelde de menselijke persoonlijkheid in 3 delen
Slide 17 - Drag question
Structuur is een ordening van de dingen in de wereld om je heen, een patroon. Het biedt houvast.
A
Juist
B
Onjuist
Slide 18 - Quiz
Als MZ beroepskracht moet je beschikken over een aantal vaardigheden: Agogische vaardigheden Ambachtelijke vaardigheden Strategische vaardigheden Methodische vaardigheden
A
Juist
B
Onjuist
Slide 19 - Quiz
Strategische vaardigheden zijn bewust en planmatig kunnen werken.
A
Juist
B
Onjuist
Slide 20 - Quiz
Agogische vaardigheden zijn muzische, theatrale, sportieve en creatieve middelen inzetten.
A
Juist
B
Onjuist
Slide 21 - Quiz
Er zijn verschillende visies op menselijk gedrag en dagbesteding. Daaruit zijn vijf verschillende benaderingen ontstaan. Welke uitspraak past bij de behavioristische benadering?
A
Hersengebieden kun je beïnvloeden door medicijnen, technieken, operaties, oefeningen
B
Het grote verschil tussen mensen en dieren is dat mensen kunnen denken
C
Onze omgeving beïnvloedt ons gedrag en de besteding van onze tijd
D
De mens heeft een aangeboren vermogen om te willen groeien en ontwikkelen
Slide 22 - Quiz
Er zijn verschillende visies op menselijk gedrag en dagbesteding. Daaruit zijn vijf verschillende benaderingen ontstaan. Welke uitspraak past bij de cognitieve benadering?
A
Hersengebieden kun je beïnvloeden door medicijnen, technieken, operaties, oefeningen
B
Het grote verschil tussen mensen en dieren is dat mensen kunnen denken
C
Mensen hebben een aangeboren vermogen om te willen groeien en om zich te willen ontwikkelen
D
Mensen hebben het vermogen te kiezen tussen iets wat ze willen en iets wat ze mogen
Slide 23 - Quiz
Welke benadering hoort bij het volgende?Als er in een visie van een organisatie staat dat deelname aan de maatschappij het recht is van elk mens. En dat er veel waarde wordt gehecht aan het aangeboren vermogen van de mens om te willen groeien en om zich te willen ontwikkelen.
A
Behavioristische benadering
B
Biologische benadering
C
Humanistische benadering
D
Psychodynamische benadering
Slide 24 - Quiz
Wat betekent vraaggericht werken voor een beroepskracht MZ NIET?
A
Brengt wensen, behoeften en mogelijkheden van de cliënt in kaart
B
Leeft zich in de cliënt in
C
Laat de begeleiding van de cliënt aansluiten op het specialisme van de beroepskracht
D
Moet goed kunnen luisteren en kijken naar signalen van de cliënt
Slide 25 - Quiz
Als MZ beroepskracht moet je beschikken over een aantal vaardigheden: Agogische vaardigheden Ambachtelijke vaardigheden Strategische vaardigheden Methodische vaardigheden
A
Juist
B
Onjuist
Slide 26 - Quiz
Welke omschrijving past bij het begrip ‘auto-anamnese’?
A
Informatie over de huidige situatie die je verkrijgt uit observaties
B
Informatie over de huidige situatie die je verkrijgt uit vragenlijsten, screeninglijsten en intakelijsten
C
Informatie over de voorgeschiedenis die je verzamelt door gesprekken met de cliënt
D
Uitgangspunt waarop het activiteitenplan aansluit
Slide 27 - Quiz
Directe informatie is cliëntgebonden informatie
A
Juist
B
Onjuist
Slide 28 - Quiz
Expliciete hulpvraag is als de vraag niet duidelijk is van de cliënt en concreet onder woorden moet brengen.
A
Juist
B
Onjuist
Slide 29 - Quiz
Een doelstelling formuleer je SMART. Waar staan de letters voor?