1. Afstemmen van zorg
De Verzorgende IG zorgt ervoor dat professionele zorg en informele zorg goed op elkaar aansluiten.
Bespreekt wie welke taken op zich neemt.
Zorgt voor duidelijke afspraken om dubbel werk of gaten in zorg te voorkomen.
2. Ondersteunen en begeleiden van mantelzorgers
Informele zorgverleners zijn vaak zwaar belast. Een Verzorgende IG:
Signaleert overbelasting.
Geeft uitleg en instructie over zorgtaken (zoals hoe iemand veilig helpt met ADL).
Biedt emotionele ondersteuning en luistert naar zorgen.
3. Voorlichting en educatie
De Verzorgende IG:
Legt uit wat een ziektebeeld betekent.
Geeft adviezen over omgang, communicatie en hulpmiddelen.
Leert mantelzorgers wat ze wel en niet kunnen of mogen doen.
4. Communicatie en informatie-uitwisseling
Heldere communicatie is cruciaal.
Rapporteert belangrijke observaties.
Betrekt mantelzorgers bij veranderingen in het zorgplan.
Organiseert eventueel (informele) zorgoverleggen.
5. Regisseren en bewaken van de kwaliteit van zorg
De Verzorgende IG houdt overzicht en zorgt dat de zorg veilig blijft:
Controleert of zorg goed wordt uitgevoerd.
Grijpt in bij risico’s (bijv. valgevaar, medicatieveiligheid).
Werkt volgens het zorg- en behandelplan en past dit aan wanneer nodig.
6. Stimuleren van zelfredzaamheid
De Verzorgende IG helpt cliënt én mantelzorger om eigen regie te behouden:
Motiveert tot zelf doen waar mogelijk (bijv. met hulpmiddelen).
Stimuleert positieve samenwerking binnen het netwerk.
7. Doorverwijzen en samenwerken met andere professionals
Als mantelzorgers steun nodig hebben:
Signaleert en schakelt bijvoorbeeld een mantelzorgconsulent, wijkverpleegkundige, fysiotherapeut of het sociaal team in.
Ondersteunt bij aanvragen van hulpmiddelen of respijtzorg.