LES 2: H2.2 Voedsel en economie in de V.S.

1 / 31
next
Slide 1: Slide
AardrijkskundeMiddelbare schoolvmbo bLeerjaar 2

This lesson contains 31 slides, with interactive quizzes, text slides and 2 videos.

time-iconLesson duration is: 70 min

Items in this lesson

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Les 2: Voedsel en economie

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Slide 3 - Slide

This item has no instructions

JdW-kijkwijzer
Lesopbouw:

  1. Vooraf:
    Startklaar, Voorkennis activeren, Formatief Handelen

  2. Instructie:
    Leerdoelgericht werken, Inclusieve didactiek, Concrete en herkenbare voorbeelden, Formatief Handelen

  3. Toepassing:
    Actieve verwerking, Formatief handelen 

  4. Evaluatie:
    Afsluiting

Slide 4 - Slide

This item has no instructions

              Startklaar
  • Op je plek zitten 
  • Telefoon in het Zakkie in 't Bakke
  • Jas over de stoel, oortjes in de tas, tas op de grond
  • Schoolspullen op tafel: leerboek, werkboek, JDW-map, etui, laptop
timer
3:00

Slide 5 - Slide

1. Startklaar
Bij de start van iedere les verwelkomt de docent de leerlingen bij de ingang van de deur, noemt leerlingen bij naam, maakt oogcontact en besteedt aandacht aan hun welbevinden. De docent geeft het goede voorbeeld en spreekt hoge verwachtingen uit voor het verloop van de les door succescriteria op gewenst gedrag, schooltaal en effectief leren te benoemen. De leerlingen zijn startklaar: ingelogd in LessonUp, telefoons opgeborgen in het Zakkie, en JdW-map op tafel.
Lesplanning
  • Voorkennis
  • Inleiding
  • Leerdoelen
  • Instructie
  • Verwerkingsopdracht
  • Afsluiting

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

Wat weet je nog van de vorige les?

Slide 7 - Mind map

2. Voorkennis activeren
De docent activeert relevante voorkennis aan de hand van een terugblik-opdracht, waarbij eventueel een beroep op de thuistalen wordt gedaan. Op deze manier biedt de docent een kapstok om nieuwe stof te verbinden aan de eerder geleerde stof en richting te geven aan het verdere verloop van de les. Tegelijkertijd worden hiermee misconcepties van leerlingen zichtbaar gemaakt, waar de docent vervolgens gericht op in kan spelen. 
Voorkennis
  1. Schrijf 4 begrippen op die je nog kent van de vorige les; 
  2. Leg deze ook uit in je eigen woorden;
  3. Wissel uit met degene naast je; 
timer
5:00

Slide 8 - Slide

Voorkennis activeren: 
In iedere les wordt relevante voorkennis geactiveerd aan de hand
van een terugblik-opdracht om zo de mate van stofbeheersing te bepalen en richting te
geven aan de rest van de les. Enkele werkvormen die zich hier mooi voor lenen zijn:
https://toetsrevolutie.nl/?p=2436
Welke 3 delen zijn er in het Amerikaanse landschap?

Slide 9 - Open question

This item has no instructions

Vlakke binnenland
Het oosten
Hooggebergteklimaat
Middellandse Zeeklimaat
Zeeklimaat
Steppeklimaat
Landklimaat
Het westen

Slide 10 - Drag question

This item has no instructions

Lesplanning
Deze les gaan we ons verdiepen in de voedselindustrie en de economie van de Verenigde Staten. 

Slide 11 - Slide

This item has no instructions

           Leerdoelen
Aan het einde van de les....
  • kun je uitleggen hoe belangrijk de landbouw is voor de Amerikaanse economie
  • weet je wat export en import is

Slide 12 - Slide

3. Leerdoelgericht werken
De docent geeft het onderwerp, RTTI geformuleerde leerdoelen en de lesopbouw aan. De docent weet de leerdoelen goed te laten aansluiten bij de voorkennis en het (taal)niveau van de leerlingen. Gedurende de les wordt continu een terugkoppeling naar de leerdoelen gemaakt om de mate van beheersing te controleren.   
Zelfstandig werken
In plaats van dat ik gelijk begin met het zenden van informatie, lezen jullie je zelf alvast in. 

1. Lees bladzijde 26 en 27 in je leerboek;
2. Na het lezen markeer/ onderstreep je de begrippen;
3. Schrijf in je map op wat de betekenis is van deze begrippen

Deze opdracht doe je in stilte en dus alleen! 
timer
12:00

Slide 13 - Slide

This item has no instructions

Slide 14 - Video

This item has no instructions

           H2.2 Handel in landbouwproducten
De Amerikanen maken niet alleen eten voor zichzelf, maar ook om te verkopen. Zo'n 20% van de landbouwproducten= export

Export= het uitvoeren van producten

Vooral soja, granen en veevoer wordt verkocht aan het buitenland


Slide 15 - Slide

4. Inclusieve didactiek
De docent past diverse strategieën toe om de betrokkenheid van alle leerlingen te garanderen. Door regelmatig het begrip van de lesstof te controleren en zo nodig de uitleg aan te passen, blijft de stof toegankelijk voor iedereen. Flexibele en heterogene differentiatie ondersteunt dit proces. Interactie in de klas wordt versterkt door het gebruik van thuistalen. Verder creëert de docent een contextrijke en inclusieve leeromgeving door (culturele) achtergronden in de lesstof te integreren. Door positief en proactief op leerlinggedrag te reageren, wordt het voor leerlingen makkelijker om gewenst gedrag te tonen en actief deel te nemen aan de les.


           Voorbeelden

Slide 16 - Slide

5. Concrete en herkenbare voorbeelden
De docent maakt gebruik van praktische en concrete voorbeelden die voor leerlingen herkenbaar zijn in hun eigen leefwereld om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent doet hierbij een beroep op dual coding. Door het visuele en het verbale te combineren vergroot de docent de kans dat lesstof beter bij de leerlingen blijft beklijven. 
           H2.2 Handel in landbouwproducten
Producten die de V.S. niet of minder goed kunnen verbouwen, importeren ze uit het buitenland.

Import= het invoeren van goederen

Bijvoorbeeld suikerriet, fruit maar ook bewerkte producten als gemalen graan, snoep, fruit en groenten in blik. 

Slide 17 - Slide

4. Inclusieve didactiek
De docent past diverse strategieën toe om de betrokkenheid van alle leerlingen te garanderen. Door regelmatig het begrip van de lesstof te controleren en zo nodig de uitleg aan te passen, blijft de stof toegankelijk voor iedereen. Flexibele en heterogene differentiatie ondersteunt dit proces. Interactie in de klas wordt versterkt door het gebruik van thuistalen. Verder creëert de docent een contextrijke en inclusieve leeromgeving door (culturele) achtergronden in de lesstof te integreren. Door positief en proactief op leerlinggedrag te reageren, wordt het voor leerlingen makkelijker om gewenst gedrag te tonen en actief deel te nemen aan de les.


           Voorbeelden

Slide 18 - Slide

5. Concrete en herkenbare voorbeelden
De docent maakt gebruik van praktische en concrete voorbeelden die voor leerlingen herkenbaar zijn in hun eigen leefwereld om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent doet hierbij een beroep op dual coding. Door het visuele en het verbale te combineren vergroot de docent de kans dat lesstof beter bij de leerlingen blijft beklijven. 
H2.2: Bijdrage aan de economie
De landbouw draagt voor 1% bij aan het bnp (bruto nationaal product) van de V.S.

Landbouwproducten als melk, vlees, sla en tomaten gaan voor een deel naar de voedselverwerkende industrie, daar maken ze kaas, hamburgers en salades van. 
--> verkocht in cafés, winkels en restaurants

Voedselverwerkende industrie= bedrijven die van landbouwproducten voedsel maken 

Slide 19 - Slide

This item has no instructions

Check:
het uitvoeren van producten noem je ......
A
Export
B
Import

Slide 20 - Quiz

Evt. met wisbordjes in plaats van LessonUp.

Check:
het invoeren van producten noem je ......
A
Export
B
Import

Slide 21 - Quiz

Evt. met wisbordjes in plaats van LessonUp.

Braindump: wat is intensieve veeteelt en wat is extensieve veeteelt?
Leg in je eigen woorden uit wat intensieve veeteelt is en extensieve veeteelt is.  Dit hoeft niet lang en uitgebreid, gewoon kort en bondig. NIET in het boek kijken! 

Intensieve veeteelt=

Extensieve veeteelt= 


Slide 22 - Slide

This item has no instructions

Braindump: wat is intensieve veeteelt en wat is extensieve veeteelt?
Leg in je eigen woorden uit wat intensieve veeteelt is en extensieve veeteelt is.  Dit hoeft niet lang en uitgebreid, gewoon kort en bondig. NIET in het boek kijken! 

Intensieve veeteelt= veeteelt met veel dieren op weinig grond

Extensieve veeteelt= veeteelt met weinig dieren op veel grond 


Slide 23 - Slide

This item has no instructions

H2.2 Soorten intensieve landbouw
Intensieve landbouw= landbouw waarbij veel kapitaal en kennis wordt gebruikt om een hoge opbrengst per hectare of per dier te behalen

Kapitaal                    &                                    kennis





Slide 24 - Slide

This item has no instructions

H2.2 Soorten intensieve landbouw nt2
Intensieve landbouw=  Dit is landbouw waarbij de boer veel geld en kennis gebruikt om veel opbrengst te krijgen per hectare grond of per dier.
Kapitaal                    &                                    kennis





Slide 25 - Slide

This item has no instructions

H2.2 Soorten intensieve landbouw
Intensieve landbouw= landbouw waarbij veel kapitaal en kennis wordt gebruikt om een hoge opbrengst per hectare of per dier te behalen

We kennen 2 soorten intensieve landbouw:
1. Kapitaalintensief= 
2. Arbeidsintensief=

Wat zouden deze woorden betekenen? 
Denk er even over na, zonder te overleggen





Slide 26 - Slide

This item has no instructions

H2.2 Soorten intensieve landbouw
Intensieve landbouw= landbouw waarbij veel kapitaal en kennis wordt gebruikt om een hoge opbrengst per hectare of per dier te behalen
 

We kennen 2 soorten intensieve landbouw=

1. Kapitaalintensief= productie waarbij veel kapitaal (geld) per hectare, dier of product nodig is. Dit geld is nodig voor bijvoorbeeld machines, installaties en gebouwen

2. Arbeidsintensief= productie waarbij veel arbeid (werk) per hectare, dier of product nodig is

Veel van deze arbeiders zijn illegaal in de V.S. Dat houdt in dat ze geen geldige papieren hebben


Slide 27 - Slide

This item has no instructions

Aan de slag!
Maak je eigen begrippenlijst. Gebruik onderstaande begrippen uit je leerboek bladzijde 36.
Je schrijft dus het begrip op en de betekenis erachter.
Bijv: arbeidsintensief= .................................

arbeidsintensief                              irrigatie                                    middelgebergte
export                                              kapitaalintensief                      reliëf
extensieve veeteelt                         kustvlakte                                steppeklimaat
hooggebergteklimaat                      laagvlakte                                voedselverwerkende industrie
illegaal                                             landbouw                                 woestijnklimaat
import                                              landklimaat                              tropisch klimaat
intensieve landbouw                       lijzijde                                      zeeklimaat
intensieve veeteelt                         loefzijde

Het lijken er heel veel, maar veel zijn ook herhaling! Succes! 

Slide 28 - Slide

This item has no instructions

Slide 29 - Video

This item has no instructions

           Afsluiting
De leervragen van deze les waren:
- waarom is de landbouw zo belangrijk voor de Amerikaanse economie?
- wat is export?
- wat is import?


Slide 30 - Slide

8. Afsluiting
De docent controleert in de slotfase van de les of de leerdoelen door alle leerlingen behaald zijn en plaatst de les in de context van de betreffende periode. De docent evalueert samen met de leerlingen het leren en het gedrag en blikt vooruit aan de hand van de JdW-planner. 

Exit ticket
https://exitticket.nl/ticket/l1yqoan7


Geef antwoord op de vragen en lever het in! 

Slide 31 - Slide

This item has no instructions