Water - H3 P3

WATER, veranderen van fase
1 / 26
next
Slide 1: Slide
NatuurkundeNatuurkunde / ScheikundeMiddelbare schoolvmbo k, tLeerjaar 1

This lesson contains 26 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 50 min
Report this lesson

Items in this lesson

WATER, veranderen van fase

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

H3.3, veranderen van fase



lees in stilte blz 111 en 112
klaar?
maak dan: H3.3  opg. 1 t/m 8


timer
3:00

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

ga staan als:
  • je uit kunt leggen hoe een thermometer werkt
  • je weet welke temperatuur het kookpunt en smeltpunt is
  • als je weet welke de drie fase van water zijn

Slide 3 - Slide

This item has no instructions

test jezelf maken H3.2
timer
10:00

Slide 4 - Slide

This item has no instructions

fase overgangen tekenen op bord
  • wat is een fase
  • wat is een fase-overgang
  • kun je een voorbeeld van een fase-overgang noemen

Slide 5 - Slide

This item has no instructions

fase-overgangen

Slide 6 - Slide

voorbeelden uit boek blz 108 gebruiken

Slide 7 - Video

This item has no instructions

Slide 8 - Slide

This item has no instructions

huiswerk: H3.3 opg. 1 t/m 8
timer
10:00

Slide 9 - Slide

This item has no instructions

smeltpunt  of  stolpunt

Slide 10 - Slide

This item has no instructions

Slide 11 - Slide

This item has no instructions

Slide 12 - Slide

This item has no instructions

kookt alcohol eerder dan water?
-Bier bestaat voor het grootste gedeelte uit water en alcohol.
-kookpunt van een stof is een stofeigenschap.
  • water heeft een kookpunt van   ??
  • alcohol heeft een kookpunt van   ??
  • als alcohol eerder veel eerder kookt dan water, dan kunnen we de alcohol er uit koken.

Slide 13 - Slide

This item has no instructions

proef: kookpunt alcohol bepalen
Alcohol heeft een lager kookpunt dan water en is brandbaar. (let op!)
  • eerst bekerglas met 125 ml water koken, dan brander uit.
  • dan thermometer in reageerbuis met alcohol, temperatuur meten.
  • temperatuur in grafiek noteren en stopklok starten. nu ieder 15 seconden temperatuur in grafiek noteren.
  • reageerbuis met alcohol en thermometer in het water zetten 
  • lees de thermometer iedere 15 seconden af tot deze niet meer verandert, dan kookt de alcohol.

Slide 14 - Slide

This item has no instructions

15 seconden 
= 1/4 minuut 
= 0.25 minuut

Slide 15 - Slide

This item has no instructions

werken met de tabel
lager dan smeltpunt = vast
tussen smeltpunt en kookpunt = vloeibaar
hoger dan kookpunt  = gas

Slide 16 - Slide

This item has no instructions

grafiek water koken

Slide 17 - Slide

This item has no instructions

Vragen hoofdstuk 3

Slide 18 - Slide

This item has no instructions

Hoe heet onderdeel 1 ?
A
reservoir
B
schaalverdeling
C
cilinder
D
stijgbuis

Slide 19 - Quiz

This item has no instructions

Hoe heet onderdeel 2 ?
A
reservoir
B
schaalverdeling
C
cilinder
D
stijgbuis

Slide 20 - Quiz

This item has no instructions

Onderdeel 3 is de schaal-
verdeling. Hoe kan je zelf
een schaalverdeling maken?
A
Lengte van stijgbuis opmeten en in gelijke delen verdelen
B
Liniaal er langs en de maatstrepen gewoon overnemen.
C
Smeltend ijs voor nulpunt en kokend water voor 100. Daartussen gelijk verdelen.
D
Vloeistofniveau begin is nulpunt. Met hand opwarmen tot het niet meer stijgt is 100. Daartussen beetje verdelen.

Slide 21 - Quiz

This item has no instructions

hoe heet de fase-overgang van een vaste stof naar een vloeistiof
A
vervluchtigen
B
rijpen
C
stollen
D
smelten

Slide 22 - Quiz

This item has no instructions

hoe heet de fase-overgang van een vaste stof naar een gas
A
vervluchtigen
B
rijpen
C
condenseren
D
smelten

Slide 23 - Quiz

This item has no instructions

hoe heet de fase-overgang van een vloeistof stof naar een gas
A
rijpen
B
verdampen
C
condenseren
D
smelten

Slide 24 - Quiz

This item has no instructions

wat is rijpen
A
vaste stof wordt eengas
B
gas wordt een vaste stof
C
gas wordt een vloeistof
D
vloeistof wordt een gas

Slide 25 - Quiz

This item has no instructions

wat is allemaal neerslag
A
regen, sneeuw en zon
B
wolken, zon, regen
C
dauw, ijzel, rijp, regen
D
hagel en wolken

Slide 26 - Quiz

This item has no instructions