H5.1 Bewegingen vastleggen DRM 2024

Bewegen 
Hoofdstuk 5 
Paragraaf 5.1 - Bewegingen vastleggen

1 / 31
next
Slide 1: Slide
naskNatuurkunde / Scheikunde+1Middelbare schoolhavoLeerjaar 2

This lesson contains 31 slides, with interactive quizzes, text slides and 2 videos.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Bewegen 
Hoofdstuk 5 
Paragraaf 5.1 - Bewegingen vastleggen

Slide 1 - Slide

Hoofdstuk 5 Bewegen

  1. Bewegingen vastleggen
  2. Gemiddelde snelheid
  3. Versneld - eenparig - vertraagd
  4. Remmen en botsen

Slide 2 - Slide

5.1 Bewegingen vastleggen
LEERDOELEN

• Je kunt uitleggen op welke twee manieren je beweging kunt vastleggen.
• Je kunt benoemen welke twee grootheden je moet weten om uit een video-opname of een stroboscopische foto de gegevens voor een afstand-tijddiagram te halen.
• Je kunt een afstand-tijdtabel tekenen en ook invullen.
• Je kunt op een afstand-tijddiagram of (x,t)-diagram bij een tijdstip de bijbehorende plaats aflezen en omgekeerd.
• Je kunt uitleggen hoe je een finishfoto maakt.

Slide 3 - Slide

Bewegen?

Slide 4 - Mind map

Slide 5 - Video

Je kunt uitleggen op welke twee manieren je beweging kunt vastleggen
Hoe kunnen we een beweging vastleggen?

Slide 6 - Slide

Je kunt uitleggen op welke twee manieren je beweging kunt vastleggen
Hoe kunnen we een beweging vastleggen?

Slide 7 - Slide

Je kunt uitleggen op welke twee manieren je beweging kunt vastleggen
Hoe kunnen we een beweging vastleggen?

Slide 8 - Slide

Je kunt uitleggen op welke twee manieren je beweging kunt vastleggen
Hoe kunnen we een beweging vastleggen?

Slide 9 - Slide

Je kunt uitleggen op welke twee manieren je beweging kunt vastleggen
Hoe kunnen we een beweging vastleggen?

Slide 10 - Slide

Je kunt uitleggen op welke twee manieren je beweging kunt vastleggen
Hoe kunnen we een beweging vastleggen?

Slide 11 - Slide

Je kunt uitleggen op welke twee manieren je beweging kunt vastleggen
Hoe kunnen we een beweging vastleggen?

Slide 12 - Slide

Je kunt uitleggen op welke twee manieren je beweging kunt vastleggen
Hoe kunnen we een beweging vastleggen?

Slide 13 - Slide

5.1 Bewegingen vastleggen
Begrippen

  • Stroboscopisch
  • afstand-tijddiagram

Slide 14 - Slide

5.1 Bewegingen vastleggen
Introductie

Veel bewegingen verlopen zo snel dat je ze met het blote oog niet goed kunt volgen. Maar soms willen mensen toch graag weten hoe zo’n beweging verloopt. Hoogspringers en turners kunnen die informatie bijvoorbeeld gebruiken om hun prestaties te verbeteren. Daarom zijn er verschillende manieren bedacht om bewegingen vast te leggen en te analyseren.

Slide 15 - Slide

5.1 Bewegingen vastleggen
Video-opname
Je kunt een beweging vastleggen door het bewegende voorwerp te filmen met een videocamera. In de camera wordt dan een video-opname opgeslagen: een serie beelden die met korte tussenpozen zijn gemaakt. Veel videocamera’s maken opnames van dertig beelden per seconde. De tijd tussen twee opeenvolgende beelden is 1/30 s (≈ 33 ms).

Slide 16 - Slide

5.1 Bewegingen vastleggen
Stroboscopische foto
Je kunt een beweging ook vastleggen door een stroboscopische foto te maken. Dat is een lamp die met regelmatige tussenpozen een korte lichtflits geeft

Elke keer dat de lamp een lichtflits geeft, wordt een momentopname van de beweging vastgelegd. Alle momentopnames komen samen op één foto terecht. Je kunt eenvoudig aflezen op welke plaats een voorwerp zich op ieder moment bevindt.
Die verschillende plaatsen vormen een aaneengesloten lijn: de baan.


Slide 17 - Slide

2H - 5.1 Bewegingen vastleggen

Slide 18 - Slide

5.1 Bewegingen vastleggen

Slide 19 - Slide

5.1 Bewegingen vastleggen
Een afstand-tijdtabel
Om de rechtlijnige beweging van de rollende bal te analyseren, kun je een afstand-tijdtabel maken. De gegevens voor zo’n tabel haal je uit een video-opname of een stroboscopische foto. 
• met welke tussenpozen de momentopnames zijn gemaakt;
• hoe groot de afstanden op de beelden in werkelijkheid zijn.

Slide 20 - Slide

5.1 Bewegingen vastleggen
Een afstand-tijddiagram

Met de gegevens in een afstand-tijdtabel kun je een grafiek van de beweging tekenen. Zo’n grafiek wordt een afstand-tijddiagram of (x,t)-diagram genoemd. 
1) De letter x staat hier voor afstand langs de verticale as en de letter t voor tijd langs de horizontale as.  
2) Teken de gegevens uit de tabel als punten in.
3) Teken een lijn die zo goed mogelijk bij de meetpunten aansluit. Dat kan een rechte of een kromme lijn zijn.

Uit een (x,t)-diagram kun je bij elk tijdstip de bijbehorende plaats aflezen, en omgekeerd.



Slide 21 - Slide

Je kunt een plaats-tijddiagram invullen
..
..

Slide 22 - Slide

Je kunt op een plaats-tijddiagram of (x,t)-diagram bij een tijdstip de bijbehorende plaats aflezen en omgekeerd
Een (x,t)-diagram

Slide 23 - Slide

Je kunt uitleggen wat afgelegde afstand is en welk punt het referentiepunt voor een beweging is
Afgelegde afstand

In een plaats-tijddiagram of (x,t)-diagram kun je de afgelegde afstand s aflezen. In het (x,t)-diagram van de rollende bal in figuur 4 lees je af dat het verschil in plaats tussen tijdstip t = 0 s en tijdstip t = 2,0 s gelijk is aan 37 cm (s = 37 cm – 0 cm = 37 cm). Tussen het tijdstip t = 0,5 s en t = 1,0 s heeft de bal een afstand van 10 cm – 3 cm = 7 cm afgelegd. Je noteert dan: s = 7 cm. De afgelegde afstand is dus altijd het verschil tussen twee meetwaarden.

Slide 24 - Slide

Welke afstand heeft de bal afgelegd tussen t=0,0 s en t=1,0 s
A
1,0 cm
B
1,0 m
C
0,5 cm
D
10 cm

Slide 25 - Quiz

Welke afstand heeft de bal afgelegd tussen t=1,0 s en t=1,5 s
A
20,0 cm
B
1,5 cm
C
0,5 cm
D
10 cm

Slide 26 - Quiz

Welke afstand heeft de bal afgelegd tussen t=1,0 s en t=2,5 s
A
56 cm
B
46 cm
C
60 cm
D
10 cm

Slide 27 - Quiz

Slide 28 - Video

5.1 Bewegingen vastleggen
Finishfoto
Bij de 100 meter sprint komt het vaak voor dat atleten bijna te gelijk over de finsh komen. In zo'n geval is een fotoopname handig om te kijken wie de winnaar is.

Dit wordt gedaan door een speciale camera. Deze maakt wel 1000 foto's in 1 seconde. Deze opnamen worden naast elkaar geplakt. Zo zie je rechts de winnaar en helemaal links degene die als laatste over de finish komt.



Slide 29 - Slide

Je kunt uitleggen hoe je een finishfoto maakt
Een finishfoto

Slide 30 - Slide

5.1 Bewegingen vastleggen
Huiswerk

  • Maken vragen 1 tm 9 ben je klaar maak je 10 & 11
  • Ben je klaar ga je alvast lezen paragraaf 5.2 - gemiddelde snelheid

Slide 31 - Slide