Basisbegrippen horeca en keuken

Basisbegrippen horeca en keuken

1 / 13
next
Slide 1: Slide
New lesson editorKokenPraktijkonderwijsLeerjaar 3

This lesson contains 13 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 30 min

Items in this lesson

Basisbegrippen horeca en keuken

Wat weet jij al over basisbegrippen in de horeca?

Leerdoel van deze les

Aan het einde van deze les kun je belangrijke begrippen en vragen uit de horeca en (groot)keuken uitleggen en herkennen.

Belangrijke begrippen: deel 1

Horeca

  • Bedrijven waar je kunt eten, drinken of overnachten, zoals Hotel Restaurants en cafés.

Mise en place

  • Alles voorbereiden voor het koken (zoals snijden, afwegen en klaarzetten van ingrediënten).

Belangrijke begrippen: deel 2

  • Aardappelen, groente en fruit.

  • First In First Out: de producten die het eerst binnenkomen, gebruik je ook als eerste.

FIFO

AGF

Hygiëne & voedselveiligheid

  • Systeem om voedselveilig te werken: Gevaren inschatten en maatregelen nemen.

  • Zorg voor schoon werken om ziekte te voorkomen.

Hygiëne

HACCP

Belangrijke datums

TGT

THT

  • Ten minste houdbaar tot – De kwaliteit is tot die datum het best.

  • Te gebruiken tot – Na die datum kan het onveilig zijn om te eten.

Vragen over technieken

Wat betekent kruisbesmetting? Waarom een ei laten schrikken? En hoe lang kook je een tomaat om te ontvellen?

Allergieën & micro-organismen

Micro- en macro-organismen

Voorbeelden allergieën

Micro: bacteriën, schimmels. Macro: muizen, insecten.

Gluten, melk, noten, ei

Afval scheiden en duurzaamheid

Waarom scheiden we afval zoals GFT in de horeca? Dit verkleint afvalhopen en helpt het milieu.

Schrijf 3 dingen op die je deze les hebt geleerd.

Schrijf 2 dingen op waarover je meer wilt weten.

Stel 1 vraag over iets dat je nog niet zo goed hebt begrepen.