Catering en Hygiëne

Organisatie evenementen
1 / 40
next
Slide 1: Slide
Zorg en WelzijnPraktijkonderwijsLeerjaar 3

This lesson contains 40 slides, with interactive quizzes, text slides and 3 videos.

time-iconLesson duration is: 30 min

Items in this lesson

Organisatie evenementen

Slide 1 - Slide

'Organiseert  interne evenementen'

Wat gaan we doen?
- Periode 1 t/m 4






Slide 2 - Slide

Catering

Slide 3 - Mind map

Welke soorten catering zijn er?
1. Catering op eigen locatie
2. Catering van buiten op een willekeurige locatie
3. Publiekscatering (o.a. festivals, voetbalstadions)
4. VIP catering
5. Cast- en crew catering

Slide 4 - Slide

Welke zaken zal de cateraar willen weten van de eventmanager voor een goede afstemming?

Slide 5 - Mind map

Slide 6 - Video

Benoem een aantal cateringvormen

Slide 7 - Open question

Wat is een buffet?

Slide 8 - Open question

Slide 9 - Slide

Wat is een grazing table?

Slide 10 - Open question

Slide 11 - Slide

Wat is een koffietafel?

Slide 12 - Open question

Een traditionele koffietafel (vaak geserveerd na een uitvaart) is een uitgebreide broodmaaltijd in combinatie met koffie en thee. De inhoud kan variëren per regio, maar bestaat doorgaans uit een vaste basis van hartige en zoete lekkernijen

Slide 13 - Slide

Wat zijn foodtrucks?

Slide 14 - Open question

Slide 15 - Slide

Slide 16 - Slide

Slide 17 - Slide

<span style="font-weight: bold; color: rgb(255, 255, 255)">Bediening aan tafel</span>
<span style="font-weight: bold; color: rgb(0, 0, 0)">Buffet</span>
<span style="font-weight: bold; color: rgb(255, 255, 255)">Live cooking</span>
<span style="font-weight: bold; color: rgb(255, 255, 255)">Walking dinner</span>
<b>Foodtruck</b>
Event: Goede Doel Gala
Event: Lunch tijdens een congres
Event: Personeelsfeest

Event: Bruiloft

Event: Festival

Voordeel: Gasten hebben aandacht
Voordeel: Makkelijk met dieetwensen
Voordeel: Direct in kunnen spelen op wensen van de klant
Voordeel: Veel netwerkmogelijkheden
Voordeel: Vaak hoge kwaliteit
Nadeel: Beperkte menukeuze bij grote groep
Nadeel: Lange wachtrijen
Nadeel: Geuren verspreiden zich over de ruimte
Nadeel: Alleen kleine hapjes
Nadeel: Lange wachtrijen

Slide 18 - Drag question

Wat betekent de afkorting HACCP?
A
Health and Consumer Control Points
B
Hazard Analysis and Critical Control Points
C
Hazardous Actions and Critical Conditions Points
D
Hygiene and Control of Critical Contamination Points

Slide 19 - Quiz

Hygiënisch werken met voedingsmiddelen
Als je niet hygiënisch met voedsel kan werkt kunnen klanten ziek worden.​


Je let daarom op HACCP ​
(Hazard Analysis & Critical Control Points)​

Hiermee kijk je naar:​
  • Naar gevaren en kritische controlepunten​
  • Kijken welke risico’s er zijn​
  • Kijken wat je kan doen om de risico’s te verkleinen







Slide 20 - Slide

HACCP en Hygiënecode
  • Alle organisaties die voeding bereiden, bewaren, transporteren en/of verstrekken, zijn wettelijk verplicht te werken aan voedselveiligheid. 
  • Het systeem dat deze veiligheid moet garanderen is de HACCP (hazard analysis critical control points). 
  • Je kunt deze term tegenkomen als je werkt in een grotere voorziening zoals een woon-zorgcentrum maar ook bij cateringbedrijven.
  • In kleinere woonvormen zijn maaltijdbereiding, bewaren en transport van voedsel meestal eenvoudiger.

Slide 21 - Slide

Punten
Gevaar
Analyse&nbsp;
Controle
Kritisch&nbsp;
Hazard
Analysis
Critical
Control
Points

Slide 22 - Drag question









Hazard
Analysis
Critical
Controle
Points

Gevaren
Analyseren op 
Kritieke
Controle
Punten
HACCP

Slide 23 - Slide

Besmettingen
- Kruisbesmetting
- Na besmetting
- Voedselinfectie
- Voedselbederf
- Voedselvergiftiging 

Slide 24 - Slide

Slide 25 - Slide

schoonhouden van je
werkplek

Slide 26 - Mind map

Slide 27 - Slide

Slide 28 - Slide

Welk soort vuil bestaat niet in de keuken?
A
broodkruimels
B
rest afwasmiddel
C
schimmel
D
meststoffen

Slide 29 - Quiz

Slide 30 - Video

Slide 31 - Slide

Slide 32 - Slide

Slide 33 - Slide

Slide 34 - Slide

Waarom is hygiëne in de keuken belangrijk?
A
Wanneer je met eten werkt is dit altijd belangrijk, anders kan men ziek worden
B
Anders smaakt het eten vies
C
Je hoeft alleen voor schone handen te zorgen, de rest is niet belangrijk.
D
Dat is helemaal niet belangrijk.

Slide 35 - Quiz

Voordat men gaat koken moet:
A
Iedereen zijn handen wassen
B
iedereen zijn handen wassen en haren bedekken
C
Alleen handen wassen als ik iets maak wat niet warm wordt.
D
Niets, ik kan meteen beginnen

Slide 36 - Quiz

Voor het handen wassen, doe ik mijn sieraden af?
A
Zeker!
B
C
Alleen mijn ringen
D
ja en daarna doe ik ze weer om.

Slide 37 - Quiz

Kruisbesmetting ontstaat als je:
A
Juiste snijplanken gebruikt.
B
De handen wast.
C
bijv. Groente snijdt op een plank waar rauwe kip op heeft gelegen.
D
Schone bedrijfskleding aan hebt.

Slide 38 - Quiz

Wat is een voedselinfectie
A
Griep
B
Salmonella
C
Verkoudheid
D
Blaasontsteking

Slide 39 - Quiz

Slide 40 - Video