6.3 - Bevruchting

Basisstof 6.3 : Bevruchting
1 / 11
next
Slide 1: Slide
BiologieMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 1

This lesson contains 11 slides, with interactive quiz and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Basisstof 6.3 : Bevruchting

Slide 1 - Slide

6.3. Lesdoelen

  • Je kunt beschrijven hoe de bevruchting bij zaadplanten verloopt.
  • Je kunt de veranderingen in het zaadbeginsel na bevruchting beschrijven.

Slide 2 - Slide

Bestuiving: een experiment

Slide 3 - Slide

Slide 4 - Slide

Resultaat

Slide 5 - Slide

stuifmeelbuis
Als het stuifmeel (van juiste soort plant) op de stempel valt groeit hieruit een buis dit noem je de stuifmeelbuis. 

De stuifmeelbuis groeit naar het zaadbeginsel door de stijl en vruchtbeginsel heen. 

Je weet dat stuimeelkorrels elk een celkern (met DNA) heeft. Deze celkern zit aan het topje van de stuifmeelbuis. 


- vruchtbeginsel

Slide 6 - Slide

Bevruchting
Stuifmeelbuis barst open en kern van stuifmeelkorrel en eicel versmelten. 

De bevruchte eicel heet nu een kiem ('nieuwe baby plant') 

Het zaadbeginsel wordt uiteindelijk een zaad, met daarin dus de kiem

Slide 7 - Slide



Elk zaad bevat een kiem. 
 Als het zaad kiemt, groeit uit de kiem een kiemplantje.

Slide 8 - Slide

Kieming
  • In de zaad zit een kiem. Wanneer er uit het kiem een klein kiemplantje groeit spreek je over kieming.

  • Wat is de functie van zaadlobben?
  • =reservevoedsel voor kiemplantje

Slide 9 - Slide

Zet in de goede volgorde
-->
Stuifmeelkorrel
Bevruchting
Kiem
Vruchtbeginsel
Bestuiving
Zaad
Zaadbeginsel
Stuifmeelbuis

Slide 10 - Drag question

Na de bevruchting gaan de bevruchte eicel, het zaadbeginsel en het vruchtbeginsel groeien. 

1.Uit de bevruchte eicel ontstaat een kiem. 
2. Uit het zaadbeginsel ontstaat een zaad. 
3. Elk zaad bevat één kiem. 

Slide 11 - Slide