A: Leg uit wat Aristoteles ' definitie van een dier is en geef een implicatie hier van.
B: Leg uit wat Descartes zijn definitie van een mens is en geef een vooronderstelling bij de definitie.
C: Leg uit wat de sluier van onwetendheid inhoudt.
1 / 25
next
Slide 1: Slide
FilosofieMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4
This lesson contains 25 slides, with text slides.
Lesson duration is: 90 min
Report this lesson
Items in this lesson
Welkom
A: Leg uit wat Aristoteles ' definitie van een dier is en geef een implicatie hier van.
B: Leg uit wat Descartes zijn definitie van een mens is en geef een vooronderstelling bij de definitie.
C: Leg uit wat de sluier van onwetendheid inhoudt.
Slide 1 - Slide
Welkom
A: Leg uit wat Descartes' definitie van een mens is en geef een implicatie hier van.
Een mens is een wezen met een ziel en lichaam De implicatie is dat mensen belangrijker zijn/ dicht bij God staan/ kunnen denken.
B: Leg uit wat Aristoteles zijn definitie van een dier is en geef een vooronderstelling.
Een dier is een wezen met een vegetatieve en sensitieve ziel. De vooronderstelling is dat er soorten zielen zijn.
C: Sluier van onwetendheid.
Een gedachte experiment van Rawls waarbij je de samenleving rechtvaardig inricht door te doen alsof je niet weet welke positie je in de samenleving hebt
Slide 2 - Slide
Herhaling
Uitleg: Positionaliteit
Uitleg: Cultuur
Examenvraag
Aan de slag
Programma:
Slide 3 - Slide
Eindtermen:
Slide 4 - Slide
Plessner
Aristoteles: "De mens is een dier dat kan denken. Door onze rationele ziel staan we bovenaan de ladder van het leven."
Descartes: "Dieren zijn niet meer dan complexe machines" zonder gevoelens, we kunnen ze dus gebruiken."
Plessner: "Het zit in de aard van de mens om cultuur te scheppen" Want alleen de mens heeft excentrische positionaliteit.
Slide 5 - Slide
Hoe voelt het om een steen te zijn?
Positionaliteit: hoe wij ons verhouden tot onze omgeving.
Slide 6 - Slide
Hoe voelt het om een steen te zijn?
Er is een buitenwereld, iets dat niet bij de steen hoort.
Er is geen binnenwereld, binnen de steen gebeurt niks.
Er is alleen een contour: een fysieke scheiding tussen binnen en buiten waar niks gebeurt.
Positionaliteit: hoe wij ons verhouden tot onze omgeving.
Slide 7 - Slide
Hoe voelt het om een plant te zijn?
Positionaliteit: hoe wij ons verhouden tot onze omgeving.
Slide 8 - Slide
Hoe voelt het om een plant te zijn?
Er is een buitenwereld
Er is een binnenwereld, in de plant gebeuren dingen
Er is een grens, interactie tussen de binnen en buitenkant.
LET OP: Er is geen centrum, de plant beleeft en voelt niks.
Positionaliteit: hoe wij ons verhouden tot onze omgeving.
Slide 9 - Slide
Hoe voelt het om een dier te zijn?
Positionaliteit: hoe wij ons verhouden tot onze omgeving.
Slide 10 - Slide
Hoe voelt het om een dier te zijn?
Er is een binnenwereld
Er is een buitenwereld
Er is een grens
Er is een centrum, het dier voelt wat er in de binnenwereld (het lichaam) gebeurt.
LET OP: Een dier heeft geen excentriciteit, het verhoudt zich niet tot de binnenwereld.
Positionaliteit: hoe wij ons verhouden tot onze omgeving.
Slide 11 - Slide
Hoe voelt het om een mens te zijn?
Positionaliteit: hoe wij ons verhouden tot onze omgeving.
Slide 12 - Slide
Hoe voelt het om een mens te zijn?
Er is een binnenwereld
Er is een buitenwereld
Er is een grens
Er is een centrum
Er is excentrische positionaliteit: We hebben een verhouding met onze eigen binnenwereld.
Positionaliteit: hoe wij ons verhouden tot onze omgeving.
Slide 13 - Slide
Positionaliteit: hoe wij ons verhouden tot onze omgeving.
Een mens heeft dit allemaal, maar heeft ook een bewustzijn van zichzelf. ex-centrische positionaliteit
Een dier heeft een centrum, een binnenwereld waarvanuit ze de buitenwereld ervaren.
Een plant heeft een grens, een fysieke scheiding met de omgeving met uitwisseling. Maar heeft hier geen enkel bewustzijn van.
Een steen heeft alleen een contour. Een fysieke scheiding met de omgeving, maar geen uitwisseling.
Slide 14 - Slide
Kies een gedrag of emotie die dieren en mensen laten zien. Verklaar met het begrip centrische positionaliteit waarom mensen en dieren dit hebben.
Kies een gedrag of emotie die alleen mensen laten zien. Verklaar met het begrip ex-centrische positionaliteit waarom alleen mensen dit hebben.
Positionaliteit: hoe wij ons verhouden tot onze omgeving.
timer
5:00
Slide 15 - Slide
Kies een gedrag of emotie die dieren en mensen laten zien. Verklaar met het begrip centrische positionaliteit waarom mensen en dieren dit hebben.
Kies een gedrag of emotie die alleen mensen laten zien. Verklaar met het begrip ex-centrische positionaliteit waarom alleen mensen dit hebben.
Positionaliteit: hoe wij ons verhouden tot onze omgeving.
timer
5:00
Vergelijk met je buur:
-Word het begrip goed gebruikt?
-Ben je het eens?
Slide 16 - Slide
Leerdoelen
Slide 17 - Slide
De mens leeft in drie werelden tegelijk:
Buitenwereld
Wat anderen van je kunnen zien.
Binnenwereld
Je eigen gedachtes en gevoelens.
Medewereld
De gedeelde wereld waarin mensen met elkaar omgaan.
Plessner: Cultuur
Slide 18 - Slide
Plessner: Cultuur
1. Er gebeurt iets en jij hebt hier een reactie op. (binnenwereld)
2. Je vraagt je af hoe andere mensen jouw reactie zien (buitenwereld)
3. Je wil je reactie uitleggen aan andere mensen.
(medewereld)
Welk begrip hoort hierbij?
Antwoord: Ex-centrische positionaliteit.
Wat maakt de mens hier?
Antwoord: Cultuur
Slide 19 - Slide
Bedenk een situatie waarin je een reactie had op iets wat er gebeurde die je zelf onverwacht of ongepast was. Beschrijf wat er gebeurde met de begrippen binnenwereld, buitenwereld, medewereld.
Plessner: Cultuur
Voor jezelf
timer
1:00
Deel met je buur
timer
2:00
Slide 20 - Slide
Examenvraag
Slide 21 - Slide
Centrische positionaliteit
Ex-centrische positionaliteit
Medewereld
Cultuur
Begrippen
Slide 22 - Slide
Centrische positionaliteit: Een centrisch wezen heeft een binnenwereld en buitenwereld, maar geen zelfbewustzijn.
Ex-centrische positionaliteit: Een ex-centrisch wezen kan ook nadenken over zichzelf en het eigen gedrag.
Medewereld: Gedeelde wereld waarin mensen met elkaar spreken, samenwerken en cultuur maken.
Cultuur: De poging van de mens om onszelf en elkaar te begrijpen door gewoontes, verhalen, afspraken en regels.