Sciences-physics-advanced lesson 1: Einstein and speed of light

1 / 23
next
Slide 1: Slide
AardrijkskundeMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 1

This lesson contains 23 slides, with interactive quizzes and text slides.

Items in this lesson

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Startklaar / Get ready
       
      Telefoon in het zakkie 
      Laptop dicht op tafel 
       Map en pen op tafel
       
      
timer
5:00

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Welcome: Sciences - Physics 
Unit 5.1: Life in Motion: Exploring Genes, Movement, and Carbon Chains
Learner Profile: Inquirers
ATL: Transfer skills
Related concepts: Function, movement
Key concept: Systems
Understanding how systems of life, motion, and matter interact, helps us explain the continuity and complexity of living organisms.
Global context: Scientific and technical innovation

Slide 3 - Slide

This item has no instructions

Lesson program
  • Prior knowledge
  • Setting learning objectives
  • Instruction
  • Getting started
  • Reflection and checking learning objectives

Slide 4 - Slide

This item has no instructions

Overview periode 1




Sciences-physics-advanced lesson 1: 
Einstein and speed of light
Week 1
Week 2
Week 3
Week 4
Week 5
Week 6
Week 7
speed of light
...



...
...
...
...
...

Slide 5 - Slide

This item has no instructions

What do you know about Einstein? (Anything goes but do not use internet)

Slide 6 - Mind map

This item has no instructions

Learning objectives
  • Convert speed or velocity from m/s to km/h
  • Convert speed or velocity from km/h to m/s
  • Learn the speed of light in m/s and in km/h
  • Concept of relative velocity
  • What is a physics paradox?
  • Special theory of relativity

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

Instruction
Bob drives with a velocity of 90 km/h, so : v = 90 km/h. 
To convert kilometers per hour (km/h) to meters per second (m/s), you use a simple trick:
Divide the number by 3.6
90hkm=1h90km=3600s90000m=25sm

Slide 8 - Slide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

Instruction
Alice runs with a velocity of 10 m/s, so : v = 10 m/s. 
To convert meters per second (m/s) to kilometers per hour (km/h), you use a simple trick:
Multiply the number by 3.6
10sm=1s10m=36001s360010m=1h36km=36hkm

Slide 9 - Slide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

Examples / exercises
Convert the following velocities:
1 m/s = ... km/h
3,6 km/h = ... m/s
120 km/h = ... m/s
20 m/s = ... km/h
18 km/h = ... m/s

A runner moves at 4,0 m/s. What is this speed in km/h?
A car drives at 90 km/h. What is this speed in m/s?
(write your answers in the form: v = ... unit)

Slide 10 - Slide

5. Concrete en herkenbare voorbeelden
De docent maakt gebruik van praktische, herkenbare voorbeelden die aansluiten bij de Global Context, waardoor leerlingen deze kunnen relateren aan hun eigen leefwereld en ervaringen. De docent doet hierbij een beroep op dual coding. Door het visuele en het verbale te combineren vergroot de docent de kans dat lesstof beter bij de leerlingen blijft beklijven.

Examples / exercises
Convert the following velocities:
1 m/s = 3,6 km/h
3,6 km/h = 1 m/s
120 km/h = 33,3 m/s
20 m/s = 72 km/h
18 km/h = 5,0 m/s

A runner moves at 4,0 m/s. What is this speed in km/h?
v = 4x3,6 = 14,4 km/h
A car drives at 90 km/h. What is this speed in m/s?
v = 90/3,6 = 25 m/s

Slide 11 - Slide

5. Concrete en herkenbare voorbeelden
De docent maakt gebruik van praktische, herkenbare voorbeelden die aansluiten bij de Global Context, waardoor leerlingen deze kunnen relateren aan hun eigen leefwereld en ervaringen. De docent doet hierbij een beroep op dual coding. Door het visuele en het verbale te combineren vergroot de docent de kans dat lesstof beter bij de leerlingen blijft beklijven.

Instruction 
(book MYP2 H1 p20-21)

We read classical about the greatest known speed

Slide 12 - Slide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

a physics paradox
Imagine you have a cat that is both alive and dead at the same time.
That sounds silly, right? But in a strange part of science called quantum physics, tiny things like atoms can do that!
It’s called a paradox because it doesn’t make sense in real life, but it happens in science experiments.

Slide 13 - Slide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

What is the speed of light in m/s?
A
300 000 m/s
B
300 million m/s
C
300 billion m/s
D
300 000 000 m/s

Slide 14 - Quiz

This item has no instructions

What is the speed of light in km/h?
1,08109
A
1 080 000 000 km/h
B
1,08 EXP 9 km/h
C
about 1 million km/h
D
about 1 billion km/h

Slide 15 - Quiz

This item has no instructions

Instruction 
relative velocity, examples

Slide 16 - Slide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

Instruction 
grandfather or grandmother paradox, twin paradox

Slide 17 - Slide

4. Inclusieve didactiek
De docent past een inclusieve didactiek toe door de interactie, eventueel in de thuistalen, in de klas te stimuleren om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent creëert een contextrijke leeromgeving door actief de culturele achtergronden van leerlingen bij de lesinhoud te betrekken. Hierin is de docent zich bewust van de verschillen in de klas. Door flexibel of heterogeen te differentiëren blijft iedereen bij de les betrokken. Gedurende de les reageert de docent positief en proactief op gedrag en maakt het daarmee makkelijker voor leerlingen om gewenst gedrag te laten zien.

Find the exact value of c (in m/s and in km/h)

Slide 18 - Mind map

This item has no instructions

Get to work
blabla

Slide 19 - Slide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet over hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. Hierbij modelleert de docent eerst en laat daarna de leerlingen actief inoefenen. De ondersteuning wordt geleidelijk afgebouwd en leerlingen worden steeds zelfstandiger. De docent zorgt voor afwisseling in oefentypes en maakt gedurende de les het leren zichtbaar. De docent zet bijvoorbeeld in op hardop denken opdrachten en koppelt daar een geïnformeerde vervolgstap aan.

A train travels with 90 km/h. Jo kicks a ball inside the train with 25 m/s. Alice outside sees the ball with zero speed. Is this possible?
A
No.
B
Yes, I cannot explain
C
Yes, I can explain
D
Yes, I'll make a sketch

Slide 20 - Quiz

7. Formatief handelen
De docent geeft de leerlingen gedurende de verschillende lesfasen gerichte feedback, feedup en feedforward op de op de inhoud van het werk, de leerstrategie, het gedrag en op zelfsturing. De docent bevraagt leerlingen willekeurig met open vragen. Hierbij stimuleert de docent het kwaliteitsbesef onder leerlingen door bijvoorbeeld leerlingen werk met elkaar te laten vergelijken of uitgewerkte voorbeelden in te zetten.

What is a paradox? Can you give an example?

Slide 21 - Mind map

This item has no instructions

Reflection on the Learning objectives

  • Convert speed or velocity from m/s to km/h
  • Convert speed or velocity from km/h to m/s
  • Learn the speed of light in m/s and in km/h
  • Concept of relative velocity
  • What is a physics paradox?
  • Special theory of relativity

Slide 22 - Slide

8. Afsluiting
De docent controleert in de slotfase van de les of de leerdoelen door alle leerlingen behaald zijn en plaatst de les in de context van de betreffende Unit. De docent evalueert samen met de leerlingen het leren en het gedrag op basis van het Learner Profile en de ATL-skills. Dit wordt vastgelegd in Toddle. Samen blikken docent en leerlingen vooruit aan de hand van de JdW-planner.

Slide 23 - Slide

This item has no instructions