Voorbeeld collega's

Het Romeinse Rijk


H3.3 Langs de Limes
1 / 26
next
Slide 1: Slide
GeschiedenisMiddelbare schoolmavoLeerjaar 1

This lesson contains 26 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 50 min

Items in this lesson

Het Romeinse Rijk


H3.3 Langs de Limes

Slide 1 - Slide

Feniks, Geschiedenis Werkplaats, Memo, Saga

Slide 2 - Slide

Wat weet jij eigenlijk
van de Romeinse tijd in Nederland?

Slide 3 - Mind map

Het Romeinse rijk
Stukken van Nederland en Duitsland
Engeland
Frankrijk
Rome en Italië 
Noord Afrika
Spanje
Egypte
Griekenland
Turkije

Slide 4 - Drag question

Leerdoel

Aan het eind van deze les kun je herkennen en uitleggen wat de veroveringen van de Romeinen voor de volken in West-Europa betekenden.

Slide 5 - Slide


Koninkrijk?


De stadstaat Rome is ooit een koninkrijk geweest,
hoewel daar erg weinig over bekend is.

En of het verhaal van Romulus en Remus waar is....?
In 117 na Christus was het Romeinse Rijk op zijn grootst. Toen besloten de keizers om geen gebieden meer te veroveren.
Mare Nostrum, onze zee. Zo noemden de Romeinen de Middellandse Zee.
Germania, zoals onze streek door de Romeinen werd genoemd, bestond uit: Germania Inferior (Laag Germanië) en Germania Superior (Hoog Germanië).
Gallia (Gallië), het huidige Frankrijk, werd door Julius Caesar veroverd. Zijn aanzien steeg hierdoor enorm. De hele oorlog kostte het leven aan meer dan een miljoen Galliërs, en nog een miljoen werden tot slaaf gemaakt. Caesar heeft de oorlog beschreven in het boek Verslagen over de Gallische Oorlog, waarin hij hier en daar wel een beetje overdrijft...vooral over zichzelf.
Met de verovering van Egypte hadden de Romeinen hun voedseltekort in delen van het Romeinse Rijk opgelost: het land werd de graanschuur van Rome.

Slide 6 - Slide


Limes

  • Na de dood van Ceasar veroveren de Romeinen de laatste gebieden van hun enorme rijk. 
  • Ze maken vaak gebruik van natuurlijke grenzen zoals: zeeën, rivieren, bergen en woestijnen.
  • Maar als het nodig is bouwen ze een versterkte grens met wachttorens en forten. Zo'n grens heet limes

Slide 7 - Slide


De Limes in Nederland


  • In Nederland is de grens van het Romeinse Rijk de rivier Rijn
  • Langs deze rivier bouwen de Romeinen forten en wachttorens.

  • Vanaf de grens kunnen ze de stammen in het noorden van het Rijk in de gaten houden, maar óók handel met ze drijven.

Slide 8 - Slide


De Limes in Nederland


In Nederland is de grens van het Romeinse Rijk de rivier Rijn. Langs deze rivier bouwen de Romeinen forten en wachttorens.

Vanaf de grens kunnen ze de stammen in het noorden van het Rijk in de gaten houden, maar óók handel met ze drijven.
Bij Nijmegen (Noviamagus) en Xanten (Castra Vetera) lagen castra. Een castra is een groot fort, meestal voor een legioen. Dit was een leger van ongeveer 6000 soldaten.
Bij Utrecht (Trajectum) lag een castellum. Een castellum is een klein fort, meestal voor een cohort. Dit was een leger van ongeveer 600 soldaten.
De wachttoren die je bij de vorige slide zag, stond bij Vechten (Fectio)
De Tubanten (Tubanti) waren Germanen die in het oosten van het huidige Nederland woonden. De naam kom je tegenwoordig in dit gebied nog regelmatig tegen: de naam Twente is er van afgeleid, net als de naam van de regionale krant Tubantia.
De Bataven woonden in het gebied rond de grote rivieren. Dit gebied heet tegenwoordig de Betuwe, en vermoedelijk komt de naam van de Bataven

Slide 9 - Slide


De Limes in Nederland


In Nederland is de grens van het Romeinse Rijk de rivier Rijn. Langs deze rivier bouwen de Romeinen forten en wachttorens.

Vanaf de grens kunnen ze de stammen in het noorden van het Rijk in de gaten houden, maar óók handel met ze drijven.
Reconstructie van het castellum Leiden-Roomburg

Slide 10 - Slide


De Limes in Nederland


In Nederland is de grens van het Romeinse Rijk de rivier Rijn. Langs deze rivier bouwen de Romeinen forten en wachttorens.

Vanaf de grens kunnen ze de stammen in het noorden van het Rijk in de gaten houden, maar óók handel met ze drijven.
Reconstructie van het mini-castellum bij Den Haag 

Slide 11 - Slide


De Limes in Nederland


In Nederland is de grens van het Romeinse Rijk de rivier Rijn. Langs deze rivier bouwen de Romeinen forten en wachttorens.

Vanaf de grens kunnen ze de stammen in het noorden van het Rijk in de gaten houden, maar óók handel met ze drijven.
Reconstructie van Castra Noviomagus (Nijmegen)

Slide 12 - Slide

De Zwarte Poort (Porta Nigra) in Trier (Duitsland) was de poort van de stadsmuur.

Slide 13 - Slide

Op het smalste stuk van Groot-Brittannië liet keizer Hadrianus een muur van 117km lang bouwen als noordelijke grens van het Romeinse Rijk. Stukken van de Muur van Hadrianus zijn nog steeds in het landschap te vinden.

Slide 14 - Slide


Wanneer kwamen de Romeinen in onze streken?
A
158 v. Chr.
B
58 v. Chr.
C
58 n. Chr.
D
158 n. Chr.

Slide 15 - Quiz


Wanneer was het Romeinse Rijk het grootst?
A
117 v. Chr.
B
17 v. Chr.
C
17 n. Chr.
D
117 n. Chr.

Slide 16 - Quiz


Een castra is groter dan een castellum
A
Waar
B
Niet waar

Slide 17 - Quiz


In een castra bevond zich een legioen
A
Waar
B
Niet waar

Slide 18 - Quiz


Nijmegen was een castellum
A
Waar
B
Niet waar

Slide 19 - Quiz


Voorbeelden van natuurlijke grenzen zijn:
A
Bergen, rivieren en forten
B
Forten, woestijnen en zeeën
C
Rivieren, woestijnen en zeeën
D
Forten, woestijnen en bergen

Slide 20 - Quiz


Hoeveel soldaten zitten er ongeveer in een legioen?
A
60
B
600
C
6000
D
60000

Slide 21 - Quiz


Hoeveel soldaten zitten er ongeveer in een cohort?
A
60
B
600
C
6000
D
60000

Slide 22 - Quiz

Begrippen uit deze les
  • Limes
  • castra
  • castellum
  • cohort
  • legioen
  • Trajectum
  • Noviomagus
  • Bataven
  • Tubanten
  • Friezen
  • romanisering

Slide 23 - Slide

Jaartallen uit deze les

  • 58 v. Chr.: komst van Julius Caesar in onze streken
  • 69-70: Bataafse Opstand
  • 117: Romeinse Rijk op zijn grootst
  • 400: Romeinen zijn vertrokken uit onze streken

Slide 24 - Slide



Schrijf 3 dingen op die je deze les hebt geleerd

Slide 25 - Open question



Stel 1 vraag over iets dat je deze les nog niet zo goed hebt begrepen

Slide 26 - Open question