Toets hfdst 1 tot en met 3.5 23-11-22 versie 1

  • De toets bestaat uit 32 meerkeuze en 13 sleepvragen
  • Voor de meerkeuze vraag krijg je 1 punt per goed antwoord, voor de sleepvraag 2 punten bij alles goed, 1 punt bij minimaal de helft goed.
  • Het juiste antwoord bij de meerkeuze vragen dient aangeklikt te worden; bij de sleepvragen dien je de juiste antwoorden naar de juiste positie te slepen
  • Je mag niet naar andere schermen en/of lessen
  • Je mag niet naar Google, Chat
  • Je kunt 58 punten behalen. Bij 30 punten scoor je een 5,5. 
  • Je mag pen en kladpapier gebruiken
  • Je hebt 1,5 uur de tijd
  • Succes!
Toets M&O Intern onderzoek, de 5 p's en het marketingnetwerk versie 1
1 / 49
next
Slide 1: Slide
Praktische economieMBOStudiejaar 4

This lesson contains 49 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 60 min

Items in this lesson

  • De toets bestaat uit 32 meerkeuze en 13 sleepvragen
  • Voor de meerkeuze vraag krijg je 1 punt per goed antwoord, voor de sleepvraag 2 punten bij alles goed, 1 punt bij minimaal de helft goed.
  • Het juiste antwoord bij de meerkeuze vragen dient aangeklikt te worden; bij de sleepvragen dien je de juiste antwoorden naar de juiste positie te slepen
  • Je mag niet naar andere schermen en/of lessen
  • Je mag niet naar Google, Chat
  • Je kunt 58 punten behalen. Bij 30 punten scoor je een 5,5. 
  • Je mag pen en kladpapier gebruiken
  • Je hebt 1,5 uur de tijd
  • Succes!
Toets M&O Intern onderzoek, de 5 p's en het marketingnetwerk versie 1

Slide 1 - Slide


Het bedrijfsconcept kun je het meest vergelijken met
A
Missie
B
Visie

Slide 2 - Quiz

De bedrijfscultuur kun je het meest vergelijken met de
A
Missie
B
Visie

Slide 3 - Quiz


Landal/Roompot heeft duurzaamheid voor de komende jaren als thema ingebracht zoals de boodschap hiernaast laat zien. Dit is een voorbeeld van een:
A
Missie
B
Visie

Slide 4 - Quiz

Roc City Marketing wil voor gasten een citytrip organiseren die voor gasten een onvergetelijke ervaring gaat bieden. Dit is een
A
Bedrijfsconcept
B
Bedrijfscultuur

Slide 5 - Quiz


Een schema van functienamen in een bedrijf noemen we een
A
Organisatiestructuur
B
Organogram
C
Organisatie indeling
D
Organisatieschema

Slide 6 - Quiz

Sleep de juiste namen naar het juiste beroep volgens de structuur van ROC City Marketing
Citys
Citys
Citys
CEO Roc City Marketing
Hoofd F&O
Hoofd E&O
Hoofd M&O
Hoofd P&O
Citys
Staffunctie accountancy
L. van Bussel
A. van Lier
M. Granneman
N. Nijland
F. Vaanholt
Medewerkers
Leidinggevenden citytrips
H. Blaauw

Slide 7 - Drag question


De slaapkamer van een bungalow of hotelkamer dient schoon te zijn. Dit valt onder
A
Esthetisch schoon
B
Huishoudelijk schoon
C
Hygiënisch schoon

Slide 8 - Quiz


Er zijn vele ontwikkelingen in het nieuws over grensoverschrijdend gedrag bij bedrijven en instellingen. Dit is een voorbeeld van:
A
Huisvesting en veiligheid
B
Huisvesting en duurzaamheid
C
Huisvesting en hygiëne
D
Huisvesting en sociale hygiëne

Slide 9 - Quiz

De invulling van de........................  gericht op de....................  van de ....................... en het ......................... met de ..........................
Maak de definitie van de bedrijfsformule compleet
onderscheid
doelgroep
behoeften
marketinginstrumenten
concurrentie

Slide 10 - Drag question

De huisvesting van een bedrijf kent verschillende aspecten. Zet de afbeelding op het juiste aspect
Exterieur
Interieur
Inventaris

Slide 11 - Drag question

[...................................................]
[...........................................]
[....................................]
[...............................]
Sleep de tekst naar de juiste positie in de behoeften piramide van Maslow
[.................................]
fysiologische behoeften
veiligheid en zekerheid
sociaal contact
erkenning en waardering
zelfontplooiing

Slide 12 - Drag question


De 5 P's worden ook wel ....... genoemd.
A
Marketing mix hulpmiddelen
B
Marketing mix instrumenten
C
Marketing mix groepering
D
Marketing mix gereedschap

Slide 13 - Quiz

Sleep de juiste term op het juiste plaatje:
Personeel
Plaats
Product
Promotie
Prijs

Slide 14 - Drag question

Een bedrijf moet een marktaanbod (..................) creëren die een behoefte vervult, ze moet beslissen wat men daarvoor rekent (..............), waar dit bij de doelgroep wordt aangeboden (...............) en dit alles moet overtuigd worden bij de klant (.......................)
Marketing in één zin...
Koppel in de definitie het juiste instrument tussen de haakjes 
Promotie
Plaats
Prijs
Product

Slide 15 - Drag question


Groente valt op basis van koopgewoontes onder 
A
Convenience goods
B
shopping goods
C
Specialty goods

Slide 16 - Quiz


Een vakantie boeken bij Landal/Roompot valt op basis van koopgewoontes onder
A
Convenience goods
B
Shopping goods
C
Specialty goods

Slide 17 - Quiz




Een product heeft fysieke, toegevoegde en afgeleide eigenschappen. Bijvoorbeeld een Iphone: Het toestel is het fysieke product, de garantie/verzekering is het toegevoegde product en 'de appel' het afgeleide product (imago). Onder welke categorie valt dan de bungalow of hotelkamer zelf tijdens een verblijf of vakantie
A
fysiek
B
toegevoegd
C
afgeleid
D
Geen van allen

Slide 18 - Quiz


Bollo de Beer en Koos Konijn zijn de mascottes van Landal en Roompot parken. Dit is binnen de P van product een...
A
Fysieke eigenschap
B
Toegevoegde eigenschap
C
Afgeleide eigenschap
D
Geen van allen

Slide 19 - Quiz


Door ontwikkelingen in de wereld stegen de energieprijzen tot grote hoogte. Dit is een voorbeeld van
A
Vraag georiënteerde prijszetting
B
Kostprijs georiënteerde prijszetting
C
Concurrentie georiënteerde prijszetting
D
Psychologische prijszetting

Slide 20 - Quiz



Bewering 1: Reclame is verkoopbevorderend, sales promotion niet
Bewering 2: Reclame is voor de lange termijn, sales promotion voor de korte termijn
A
Bewering 1 is juist Bewering 2 is onjuist
B
Bewering 1 is onjuist Bewering 2 is juist
C
Beide beweringen zijn juist
D
Beide beweringen zijn onjuist

Slide 21 - Quiz

Sleep de juiste term naar het juiste plaatje
Public relations
Reclame
Sales promotion
Persoonlijke verkoop

Slide 22 - Drag question


Je wilt, als organisatie die citytrips aanbiedt, graag een bepaalde stad onder de aandacht brengen bij jouw doelgroep voor een citytrip. Welke marketingmix instrument zet je hier in?
A
Promotie
B
Plaats
C
Prijs
D
Product

Slide 23 - Quiz


Klik op de afbeelding hiernaast en lees het artikel. Volgens de promotie instrumenten kan dit artikel omschreven worden als:
A
Reclame
B
Sales promotion
C
Public relation
D
Persoonlijke verkoop

Slide 24 - Quiz

Het marketinginstrument personeel bestaat uit drie deelinstrumenten namelijk persoonlijke eigenschappen, kennis en vaardigheden. Een leidinggevende noemt een aantal eigenschappen die zijn personeel dient te hebben. Zet de juiste termen op het juiste deelinstrument
Persoonlijke eigenschappen
Kennis
Vaardigheden
gastvrij
stressbestendig
Beheersing Duits en Engels
enthousiast
commercieel
MBO 4 diploma
aantoonbare ervaring

Slide 25 - Drag question

Je hebt een 3-tal leiderschapsstijlen geleerd. Deze afbeelding geeft tevens weer of een leidinggevende mens en/of taak gericht is. Sleep de juiste stijl naar de juiste positie
Democratisch
Laissez fair
Autoritair

Slide 26 - Drag question


Het verdelen van de heterogene markt in homogene deelmarkten noemt men ook wel
A
marktsegmentatie
B
het kiezen van een product
C
het kiezen van een doelgroep
D
het creëren van persona's

Slide 27 - Quiz


Er zijn voor een organisatie verschillende criteria om een heterogene markt te segmenteren. Welke criteria bedoelen we hier?
A
specifiek, meetbaar, acceptabel, realistisch en tijdgebonden
B
Strongness, weakness, opportunitys, threats
C
demografisch, economisch, sociaal-cultureel, technologisch, ecologisch, politiek-juridisch
D
geografisch, demografisch, economisch en psychologisch

Slide 28 - Quiz

9

Slide 29 - Video


Op welke 'P' zou bedrijfscultuur het meest gericht zijn?
A
Product
B
Personeel
C
Prijs
D
Plaats

Slide 30 - Quiz


Een groep personen met ongeveer dezelfde behoeften, wensen en gedragingen noemen we ook wel
A
marktsegmentatie
B
marktsegment
C
doelgroep
D
persona's

Slide 31 - Quiz

Sleep de juiste woorden op de juiste positie om de definitie van influencer marketing compleet te maken
'Een ............................... waarmee je je ...........................................................  van consument naar consument versterkt via mensen die zo ...................................................... en betekenisvol ..................................................... 

dat ze erin slagen om ........................................... tot ................................. te laten overgaan' 
actieplan
marketingboodschappen
contextueel relevant
communiceren
anderen
actie

Slide 32 - Drag question


Influencer marketing beoogt (heeft als doel) een aantal effecten. Welke van de onderstaande effecten is FOMO (Fear of Missing Out)?
A
volger voelt zich verbonden waardoor informatie meer vertrouwd wordt dan een advertentie
B
Exclusieve aanbiedingen of promoties via influencers creëren urgentie en stimuleren impulsieve aankopen.
C
Influencers worden gewaardeerd omdat ze als 'echt' en 'authentiek' worden ervaren
D
Volgers voelen een eenzijdige maar intieme band met influencers, waardoor marketingboodschappen persoonlijker en effectiever overkomen.

Slide 33 - Quiz

Zet deze 4 stappen van een reclame-uiting in de juiste volgorde
1
2
3
4
Attention
Interest
Desire
Action

Slide 34 - Drag question


Van welk segmentatie criterium wordt het meest gebruik gemaakt wanneer een organisatie de actieve en avontuurlijke vakantieganger als doelgroep wil kiezen?
A
Geografische criteria
B
Demografische criteria
C
Economische criteria
D
Psychologische criteria

Slide 35 - Quiz

De tot een .............................................................. behorende ........................ waarmee de organisatie een ..................................... heeft
Maak de definitie van marketingnetwerk compleet
omgeving van een organisatie
factoren
afhankelijkheidsrelatie

Slide 36 - Drag question

Een klachtenbehandeling kent een bepaalde volgorde. Zet de woorden op de juiste plek en begin bij 1 als eerst handeling
1
2
3
5
4
Signalering
samenvatten
Reactie
Actie
Afronding

Slide 37 - Drag question

Stel je krijgt een bonus van je werkgever. Je kunt dit geld maar één keer uitgeven. Door de vele keuzes ontstaat er op verschillend niveau concurrentie. Zet de vraag links op de juiste vorm van concurrentie.
Product concurrentie
Generieke concurrentie
Bedrijfsconcurrentie
Een nieuwe auto of een verre reis?
Een cruise of een campervakantie?
Campervakantie bij Doets Reizen of Tui?

Slide 38 - Drag question


Klik op de afbeelding hiernaast.
Binnen de marktgroepen maken we onderscheid in toeleveranciers, afnemers, concurrenten en publieksgroepen. Waar vallen de ondervraagden uit het artikel onder (en dien je rekening mee te houden als je kerstevenementen organiseert)?

A
Publieksgroepen
B
Toeleveranciers
C
Concurrenten
D
Afnemers

Slide 39 - Quiz

Klik op het kruisje en inleveren,
bedankt!

Slide 40 - Slide

00:04
Je zag zojuist een logo, onderdeel van de p van promotie. Maak de definitie van promotie met behulp van de sleepcomponenten compleet


Het ........................ van ...................... met als doel .....................van de voor de ......................... belangrijke .................... te ........................'
het gedrag
boodschappen
beïnvloeden
organisatie
personen
verstrekken

Slide 41 - Drag question

01:24
Welke p uit de marketingmix benadrukt zij hier met name?
A
Product
B
Prijs
C
Plaats
D
Personeel

Slide 42 - Quiz

01:54
'Er is voor iedereen wat te doen'. Welk marktsegment criterium benoemt zij hier met name?
A
Geografische criteria
B
Demografische criteria
C
Economische criteria
D
Psychologische criteria

Slide 43 - Quiz

02:09
Aan welk marktsegmentatie criterium zou je duurzaamheid kunnen koppelen (meerdere antwoorden mogelijk)?
A
Geografische criteria
B
Demografische criteria
C
Economische criteria
D
Psychologische criteria

Slide 44 - Quiz

02:43
De kavels zijn ruim qua vierkante meters. Zij heeft het nu in het kader van huisvesting over
A
Ruimteverdeling
B
Interieur
C
Exterieur
D
Inventaris

Slide 45 - Quiz

02:56
Welke van de marketingmix instrumenten wordt nu voornamelijk genoemd door de manager?
A
Product
B
Plaats
C
Promotie
D
Prijs

Slide 46 - Quiz

04:26
Welke p van de marketingmix instrumenten wordt hier behandeld?
A
Product
B
Prijs
C
Plaats
D
Personeel

Slide 47 - Quiz

04:42
Welke van de vier promotie instrumenten wordt hier specifiek ingezet?
A
Reclame
B
Public relation
C
Sales promotion
D
Persoonlijke verkoop

Slide 48 - Quiz

05:15
Deze (hele) uitzending kun je binnen de promotiemix zien als...
A
Reclame
B
Public relation
C
Sales promotion
D
Persoonlijke verkoop

Slide 49 - Quiz