Thema 6: Farmacologie en dringende medische hulpverlening
Hoofstuk 1: De basisbeginselen van de farmacologie
Sofie Jaspaert
2026-2027
Semester 1
Thema 6: Farmacologie en dringende medische hulpverlening
Hoofstuk 1: De basisbeginselen van de farmacologie
Sofie Jaspaert
2026-2027
Semester 1
Vandaag leren we wat er met een geneesmiddel gebeurt in het lichaam.
Hoe moeilijk vind je farmacologie?
This item has no instructions
Leerdoelen
Na deze les:
Begrijp ik wat een geneesmiddel doet in het lichaam
Weet ik waarom dosis belangrijk is
Begrijp ik waarom ouderen gevoeliger zijn
This item has no instructions
Wat is farmacologie?
Farmacologie:
Is de leer van geneesmiddelen
Is wat geneesmiddelen doen in het lichaam
This item has no instructions
Stofnaam & merknaam
Stofnaam:
Werkzame stof
Bijvoorbeeld: Paracetamol
Is vaak ook de generische naam
Merknaam:
Naam van het product
Bijvoorbeeld: Dafalgan®
This item has no instructions
Sleep de merknaam aan de stofnaam
IBUPROFEN
PANTOPRAZOL
Brufen
Pantomed
Nexiam
Nurofen
This item has no instructions
De drie fases
Een geneesmiddel gaat door 3 fases:
1.1 Farmaceutische fase
1.2 Farmacokinetische fase
1.3 Farmacodynamische fase
==> ALTIJD IN DEZE VOLGORDE!
This item has no instructions
1.1 Farmaceutische fase
Vraag: Hoe komt de werkzame stof vrij uit de toedieningsvorm?
De toedieningsvorm is een hulpmiddel om de werkzame stof op de juiste plaats te krijgen
Voorbeelden:
Tablet ==> moet oplossen
Capsule ==> opent later
Injectie intraveneus (IV) ==> direct in het bloed
This item has no instructions
1.1 Farmaceutische fase
Links in het schema (rood) zie je hoe het geneesmiddel in het lichaam komt.
Voorbeelden:
via de mond (orale toediening)
via de neus of onder de tong
via injectie (in spier of in bloed)
via de huid (pleister)
via de anus (rectaal)
🗣️ Zeg tegen de studenten:
“Dit is de start van het geneesmiddel.”
👉 Als het geneesmiddel via de mond wordt genomen:
het gaat eerst naar maag en darmen
daar komt de werkzame stof vrij
🗣️:
“Niet alle medicijnen gaan langs de maag. Alleen medicijnen via de mond.”
👉 Van de maag en darmen gaat het geneesmiddel naar de lever.
De lever:
breekt een deel van het geneesmiddel af
maakt het minder sterk
dit noemen we first pass effect
🗣️:
“De lever is een filter. Niet alles gaat verder.”
⚠️ Belangrijk:
bij injectie in het bloed (IV)
→ geen first pass effect
👉 Het geneesmiddel komt nu in de bloedomloop.
De bloedomloop:
brengt het geneesmiddel door het hele lichaam
naar verschillende organen
🗣️:
“Het bloed is het transport.”
👉 Rechts (groen) zie je waar het geneesmiddel werkt.
Het kan werken in:
weefsels
organen
hersenen
(soms moet het eerst door de bloed-hersenbarrière)
🗣️:
“Hier doet het geneesmiddel zijn werk.”
👉 Het lichaam moet het geneesmiddel ook kwijt.
Dat gebeurt via:
lever (afbraak)
nieren (uitscheiding via urine)
🗣️:
“Dit is het einde van het geneesmiddel.”
1.2 Farmacokinetische fase
Vraag: Wat doet het lichaam met de werkzame stof?
Er zijn vier stappen:
Absorptie
Distributie
Metabolisatie
Excretie
De processen van de farmacokinetiek bepalen de concentratie van een stof in de organen en ter hoogte van de receptoren.
This item has no instructions
1.2 Farmacokinetische fase
Absorptie=
IV injectie ==> 100%
Tablet ==> minder dan 100%
IM ==> minder dan 100%
...
vb Buscopan (per os/IV)
==> Dit noemen we biologische beschikbaarheid = de hoeveelheid van de toegediende stof die uiteindelijk in de bloedbaan komt.
De stof komt in het bloed.
This item has no instructions
1.2 Farmacokinetische fase
Distributie=
De stof kan:
Vrij in het bloed zijn = de vrije fractie
Vastzitten aan een eiwit = de gebonden fractie
vb Xanthium® bij astma en COPD, lage eiwitbinding dus hoge vrije fractie
vb Brufen® bij onsteking/pijn, hoge eiwitbinding (99%), lage vrije fractie (1%)
==> Alleen de vrije stof werkt!
Het bloed brengt de stof naar de organen
De gebonden stof (die dus vast zit aan eiwitten) is niet voorlopig nog niet beschikbaar voor de cellen, maar kan zich vrij maken indien de concentratie in het bloed daalt.
Absorptie: waarom werk Buscopan per os minder goed dan intraveneus?
This item has no instructions
1.2 Farmacokinetische fase
Metabolisatie=
Gebeurt vooral in de lever
Een deel van de stof verdwijnt
Soms ontstaat een actieve metaboliet
==> Het first pass effect
==> De enterohepatische kringloop
Hier wordt het geneesmiddel afgebroken.
Lever = zuiveringsstation van het lichaam en zal alle schadelijke stoffen omzetten en wegwerken. Voor de lever is een geneesmiddel ook zo een schadelijke stof en die wordt omgezet in een metaboliet.
Een metaboliet is makkelijker om uit te scheiden via de urine of via de stoelgang.
Distributie: een stof gebonden aan een eiwit werkt direct.
Juist
Niet juist
This item has no instructions
1.2 Farmacokinetische fase
Metabolisatie
First pass effect:
Het geneesmiddel komt in de dunne darm en wordt vandaar opgenomen in de bloedbaan.
Het gaat via de Vena Porta naar de lever
Een deel van het geneesmiddel wordt direct gemetaboliseerd
==> Het first pass effect is dus het eerste passeren van een geneesmiddel in de lever met als gevolg een deel verlies van zijn werking door metabolisatie.
This item has no instructions
1.2 Farmacokinetische fase
Metabolisatie
First pass effect:
This item has no instructions
1.2 Farmacokinetische fase
Metabolisatie
De enterohepatische kringloop:
Dit betekent dat de volgende route gevolgd wordt:
Slokdarm ==> maag ==> darm ==> opname in de bloedbaan ==> Vena Porta ==> lever
OF via de Vena Hepatica naar de Vena cava inferior
OF via de gal naar de darm: ductus hepaticus die uitmondt in de papil van Vater
(Actieve metabolieten= metabolieten die eveneens een farmaceutische werking hebben vb omzetting van codeïne in morfine)
This item has no instructions
1.2 Farmacokinetische fase
Metabolisatie
De enterohepatische kringloop:
This item has no instructions
1.2 Farmacokinetische fase
Excretie=
Vooral via de nieren
Belangrijk: nierfunctie
Halfwaardetijd = tijd nodig om een hoeveelheid van een stof in het plasma te halveren
Uitscheiding van het geneesmiddel
This item has no instructions
1.2 Farmacokinetische fase
Excretie=
Ureum (afbraak EW) & creatinine (afbraak spierencellen) zijn belangrijke afvalstoffen in het lichaam, zeggen iets over de werking van de nieren
Nieren scheiden deze afvalstoffen uit
Ureum: door vertering en afbraak van eiwitten. Normaal: 20-45 mg/dl
Creatinine: afbraakproduct van spiercellen. Normaal: 0.6-1.3 mg/dl
Creatinineklaring = de snelheid waarmee creatinine door het lichaam uit het bloed wordt verwijderd. Bij ouder worden of bij nierinsufficiëntie daalt de klaring, normaal tussen 90-125 ml/min.
Nierfunctie:
This item has no instructions
1.2 Farmacokinetische fase
Excretie=
Is de tijd nodig om een hoeveelheid van een stof in het plasma te halveren. Op oudere leeftijd stijgt de halfwaardetijd omwille van een gedaalde excretiesnelheid. Bij de oudere zal de klaring dalen en de halfwaardetijd stijgen. Dit is samen met de metabolisatie erg belangrijk bij het bepalen van de dosis.
Halfwaardetijd:
This item has no instructions
Metabolisatie: waarom is leverziekte belangrijk bij de inname van medicatie?
This item has no instructions
Excretie: waarom zijn ouderen gevoeliger?
This item has no instructions
1.3 Farmacodynamische fase
Farmacodynamische fase=
Voorbeelden:
Pijnstiller ==> minder pijn
Antihypertensiva ==> lagere bloeddruk
Wat doet het geneesmiddel met het lichaam?
Hoe kan de werkzame stof binnendringen?
Op welke punten kan de stof aangrijpen?
Hoe kan het daar zijn gewenste werking doen?
This item has no instructions
1.4 Belangrijke begrippen
Therapeutische bloedspiegel:
Te weinig ==> geen werking
Goed ==> juiste werking
Te veel ==> gevaarlijk
Voorbeelden:
Vancomycine
Gentamicine
Digitalis
Breed/smal therapeutisch gebied
This item has no instructions
1.4 Belangrijke begrippen
Agonist en antagonist:
Agonist ==> stimuleert de cel
Antagonist ==> blokkeert of remt de cel
Voorbeelden
-mimeticum ( = mime = nabootsen) werkt mee met de cel
-lyticum ( = lyse = afbreken) werkt tegen de cel
-inhibitor = tegenwerker
This item has no instructions
Waarom moeten sommige medicijnen gecontroleerd worden met een bloedafname?
This item has no instructions