Hoofdstuk 1

Personeelsmanagement
1 / 30
next
Slide 1: Slide
PersoneelsbeleidMBOStudiejaar 4

This lesson contains 30 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 60 min

Items in this lesson

Personeelsmanagement

Slide 1 - Slide

Vandaag
Korte voorstelronde iedereen.
Inhoud van deze lessenreeks.
Planning.
Aanmelden in de Lessonup app
Start hoofdstuk 1 boek.

Slide 2 - Slide

Slide 3 - Slide

Inhoud (boek personeelsbeleid)
1. personeelsplan                       8. functieprofiel/beoordeling
2. werving                                      9. ziekteverzuim
3. selectie                                     10. slechtnieuws/probleemgesprek
4. arbeidsovereenkomst        11. ontslag
5. arbeidsregelgeving
6. inwerken
7. Human Resource Management

Slide 4 - Slide

In principe:

Slide 5 - Slide

Aanmelden in Lessonup app
Google: lessonup.app

Voer bij code invoeren in: pzpdw 
LET OP: eigen naam gebruiken ivm toetsen!


Slide 6 - Slide

1. Personeelsplan
-> hierin leg je vast:
  • hoeveel medewerkers je nodig hebt om de afgesproken werkzaamheden te verrichten.
  • wanneer je ze nodig hebt.
  • over welke capaciteiten de medewerkers moeten beschikken.

Slide 7 - Slide

Doen:
Lees UIT DE PRAKTIJK op bladzijde 9 door en bedenk wat de antwoorden op vraag 1 en 2 zouden kunnen zijn.
Let op: bij de volgende slides ga je je antwoord geven!

Slide 8 - Slide

Slide 9 - Slide

Vraag 1 (meerdere antwoorden mogelijk)

Slide 10 - Mind map

vraag 2 (ja of nee EN waarom)

Slide 11 - Mind map

1.1. Behoefte en beschikbaarheid personeel
Draait vooral om wie, waar, wanneer.
Personeelsbehoefte: kwaliteit en kwantiteit. 
Personeelsbeschikbaarheid: welke mensen kunnen worden ingezet.
In evenwicht? -> voldaan aan (een deel van) goede bedrijfsvoering

Slide 12 - Slide

Soorten personeelsplannen
Twee soorten:
1. korte termijn - werkplanning
2. lange termijn - kwartaal, jaar of langer. 
Significant anders - lees blz. 11  en 13 paragraaf 1.2. door!
Vragen? Stel ze in deze tijd!
timer
5:00

Slide 13 - Slide

1.3. Samenstelling personeelsbestand
Van belang:
  1. aantal
  2. leeftijd
  3. functieniveaus
  4. salaris 
Uitleg: volgende pagina's.

Slide 14 - Slide

1.3. Samenstelling personeelsbestand
Belangrijk bij 1. aantal:
  1. hoeveel medewerkers (fte)/jaren/doelstelling te realiseren.
  2. capaciteiten (kwaliteiten) medewerkers.

Kwantitatief personeelsplan: alleen aantal fte's aangegeven.
Belangrijk: meer medewerkers = meer leidinggevenden.
Lees: grijze vlak blz. 15
timer
1:00

Slide 15 - Slide

1.3. Samenstelling personeelsbestand
Belangrijk bij 2. leeftijd:

Goede mix van ervaring, deskundigheid, energie en ideeën

Slide 16 - Slide

1.3. Samenstelling personeelsbestand
Belangrijk bij 3. functieniveaus:
verschil in kader -> planners, beleidsmedewerkers en leidinggevenden EN
mensen die de werkzaamheden daadwerkelijk uitvoeren.
Kwalitatief personeelsplan: plan waarin de kwaliteiten benoemt staan die een bedrijf nodig heeft (bijv. opleiding, kennis, deskundigheid)

Slide 17 - Slide

1.3. Samenstelling personeelsbestand
Belangrijk bij 4. salaris:
  1. afhankelijk van functieniveau.
  2. leeftijd (kan - hoeft niet)

Voorkeursbezetting: personeel vult elkaar optimaal aan
= efficient en effectief met een maximale klantgerichtheid.

Slide 18 - Slide

1.4. Personeelsbehoefte vaststellen.
Bijvoorbeeld: 
1. Historische analyse
2. Huidige personeelsbestand
3. Toekomstige ontwikkelingen

Slide 19 - Slide

1.4. Personeelsbehoefte vaststellen.
1. Historische analyse -> afgelopen 5 jaar. 
Is een patroon? bijv. piekperioden of in-, door- en uitstroom van personeel.
Doen: bekijk en lees blauwe vlak blz. 16

timer
5:00

Slide 20 - Slide

1.4. Personeelsbehoefte vaststellen.
2. Huidige personeelsbestand analyseren

0.a. leeftijdsopbouw - jong? doorgroeimogelijkheden beperkt. Ouder? ....
Of kinderwens - minder werken/ouderschapsverlof.
Of kwaliteiten - functies en aantallen bijv. (te) veel leidinggevenden.

Slide 21 - Slide

1.4. Personeelsbehoefte vaststellen.
3. Toekomstige ontwikkelingen analyseren.
interne - bijv. verhuizen naar een groter magazijn.
externe - prijzen van transport en grondstoffen stijgt.

Slide 22 - Slide

Oefening (volgende pagina)

Slide 23 - Slide

Slide 24 - Video

1.5. Kengetallen
Kengetal: 
  1. geeft inzicht in een deel van het bedrijfsproces.
  2. belangrijk om bedrijven te kunnen vergelijken (vestiging/branche)
Nut - Norm = te realiseren doelstelling. Niet behaald? Verantwoorden als manager. 

Slide 25 - Slide

1.5. Kengetallen
Voorbeelden:
Dagomzet per fte = omzet/fte
Omzet per euro loon = omzet/personeelskosten.
Kosten per fte per dag = inclulsief kosten die het bedrijf maakt voor fte's (bijv. lease-auto, kantinekosten)

Slide 26 - Slide

1.6. personeelsbestand aanpassen
1. Te veel of te weinig personeel
2. Nieuw personeel

Slide 27 - Slide

1.6. personeelsbestand aanpassen
1. Te veel of te weinig personeel
 Tijdelijk? meer/minder oproepkrachten. 
Langere termijn? Zsm meer personeel aannemen of contracten niet verlengen/natuurlijk verloop/ontslag.

Slide 28 - Slide

1.6. personeelsbestand aanpassen
2. Nieuw personeel -> mogelijke arbeidsovereenkomsten:
Onbepaalde tijd
Bepaalde tijd
Flexibel of oproep


Slide 29 - Slide

Slide 30 - Slide