25/26, deeltaak 5: Welkom bij de Grieken (1A t/m 1E)

Introductie De Grieken

"Welkom bij de Grieken": theatergeschiedenis op de vloer

Drama, leerjaar 1, deeltaak 5

1 / 33
next
Slide 1: Slide
DramaMiddelbare schoolhavoLeerjaar 3

This lesson contains 33 slides, with interactive quiz, text slides and 5 videos.

time-iconLesson duration is: 40 min

Items in this lesson

Introductie De Grieken

"Welkom bij de Grieken": theatergeschiedenis op de vloer

Drama, leerjaar 1, deeltaak 5

Slide 1 - Slide

Wat gaan we deze deeltaak doen bij Drama?
Deze deeltaak gaan we Dramatiseren rondom het thema de Grieken. 

Je kan namelijk op 3 manieren tot een scene/voorstelling komen:
1. Improviseren
2. Ensceneren (werken vanuit een script)
3. Dramatiseren

Maar wat is Dramatiseren?

Slide 2 - Slide

Dramatiseren
Je hebt niet altijd een script/ tekst nodig om tot een voorstelling te komen. Je kunt ook werken vanuit een thema, een idee of een inspirerende film of foto. Dit noem je dramatiseren.

Overal waar 'drama' in voor komt, gaat over het SPEL.

Dramatiseren = werkwoord = ergens spel van maken
(dus een verhaal/situatie/idee omzetten in spel)

DRAMATISEREN = Het theatraal vormgeven van een verhaal of idee.

Slide 3 - Slide

Hoe werkt dramatiseren?
1)  Het start met een  thema.
2)  Er wordt gebrainstormd.  Waar moet je allemaal aan denken bij dit thema? Welke beelden, muziek, teksten, ideeën krijg je erbij? Alle theatervormen en kunstvormen mogen daarbij gebruikt worden.
3) De regisseur of theatergroep stelt zichzelf de vraag:  WAT wil ik ermee zeggen? Wat wil ik bij het publiek bereiken? Welke boodschap / mening wil ik overbrengen? 
4) De regisseur of theatergroep stelt zichzelf de vraag: HOE ga we dat doen?  
Daarbij moeten er keuzes gemaakt worden welke theatrale middelen (= spelgegevens, enscenering en theater vormgevingsmiddelen) jullie gaan inzetten en op welke manier jullie die gaat inzetten. 

Slide 4 - Slide

Theatrale middelen, hoe kom je tot een voorstelling

- Spelgegevens: wie, wat, waar, wanneer en waarom
-Theater vormgevingsmiddelen: decor, attributen, kostuums, grime/hairstyling, licht, geluid, muziek en projecties.
-Enscenering: mise-en-scene in combinatie met de theater vormgevingsmiddelen

Slide 5 - Slide

Theatrale middelen:
Spelgegevens:



8 theater vormgevingsmiddelen:




Enscenering:
- 5 W's

- decor
- rekwisieten
-kostumering
- kap en grime
- licht
- muziek
- geluid
- audiovisueel
- mise-en-scène
- vormgeving (plaatsing)

Slide 6 - Slide

Spelgegevens:
- Wie > Rol
- Wat > Actie
- Waar >Ruimte/ plaats
- Wanneer > Tijd
- Waarom > Motief

Slide 7 - Slide


Acht theater
vormgevingsmiddelen


Decor 
Rekwisieten 
Kostuums 
Kap en grime
Licht
Muziek
Geluid
Projecties

Slide 8 - Slide

Decor
Rekwisieten ( ook wel attributen)

Slide 9 - Slide

kostuums
kap en grime

Slide 10 - Slide

licht
projecties

Slide 11 - Slide

Muziek                  Geluid
Waar moet je op letten?

Slide 12 - Slide

mise-en-scène
Betekent "Plaatsing op toneel"
> Waar staan/zitten/liggen de acteurs ten opzicht van elkaar en het decor?
> Wat is hun kijkrichting?
> Wat is de beweegrichting? 

Slide 13 - Slide

En nu... wat doen we in deze deeltaak?
> Jullie gaan zelf Dramatiseren rondom het thema Theater bij de Grieken.
De vorm die we daarvoor hebben gekozen is het televisieprogramma "Welkom bij de Romeinen". Jullie gaan jullie eigen versie maken van dat televisieprogramma, met als titel "Welkom bij de Grieken":)

Jullie mogen elementen uit dat tv-programma kopiëren, maar ook andere theater- en kunstvormen toevoegen ( liedjes, dansjes etc)

De presentatie heeft als doel, net als het televisieprogramma, om het publiek te vermaken, maar ook te informeren.

Oftewel, jullie moeten theorie/kennis over de Grieken verwerken in jullie presentatie.

Daarom een minimaal lesje theatergeschiedenis over de Grieken.

Slide 14 - Slide

Wat zit er vaak in Welkom bij de
Romeinen? Ter inspiratie.

Slide 15 - Mind map

Slide 16 - Video

Niet de Romeinen maar... De Grieken    
Het oude Griekenland
De Grieken (500 v chr) zijn verantwoordelijk voor de Westerse Beschaving van nu. 
> Bijvoorbeeld de voor ons bekende Democratie is ontstaan in het oude Griekenland, Athene wel te verstaan.
Alle vrije burgers van Athene stemden in een centrale volksvergadering op gelijke voet over wetgeving en benoemingen voor belangrijke posten.

Slide 17 - Slide

Grieks Theater

Slide 18 - Slide

Grieks Theater - Nu
Het theater wat wij nu kennen is ontstaan in het oude Griekenland. 


Theater =
Publiek komt naar een bepaalde plek om naar een optreden te kijken. Om daardoor vermaakt en/of onderwezen te worden.


Slide 19 - Slide

De Grieken en theater
Toneel wordt al eeuwenlang gemaakt. 
De tragedie wordt sinds de Grieken beschouwd als de belangrijkste toneelsoort. De Grieken bedachten zelfs een aantal regels waaraan een tragedie moest voldoen.

Slide 20 - Slide

Wist je dat: 

- In de tijd van de Grieken alleen mannen toneel speelden

- In deze tijd de eerste theaters ontstonden en deze allemaal in de open lucht waren.

- Er in deze tijd altijd een koor meedeed in een toneelstuk
- Ze gebruik maakten van maskers

Slide 21 - Slide

Van Griekse goden naar theater...
> Polytheïsme: De Grieken geloofden in meerdere Griekse goden
Zij geloofden niet in één god, zoals de meeste gelovigen. 
Zij hadden voor bijna alles wel een god. Zoals bijvoorbeeld Poseidon, de god van de zee, of Athena, de godin van de wijsheid en de oorlog. En de meest bekende Zeus is de oppergod, de god van de bliksem.

Deze godsdienst is ontstaan zoals waarschijnlijk elke godsdienst ontstaan is. Iemand begreep iets niet en wou daar uitleg voor, dus bedacht hij het zelf.


Slide 22 - Slide

De god Dionysos
De god die indirect verantwoordelijk is voor de het ontstaan theater:

Dionysos, de god van landbouw, vruchtbaarheid, natuur, wijn, plezier, dans, leven en onsterfelijkheid.

Hij is een zoon van Semele en Zeus. Uit zijn dijbeen geboren.

Slide 23 - Slide

Theaterfestival Dionysia

Slide 24 - Slide

Dionysia
De Grieken vereerden graag hun Goden en voor Dionysos organiseerde ze het festival: De Dyonisia.

Het festival vond plaats rond het einde van maart of het begin van april in de buurt van Athene. De festiviteiten duurden waarschijnlijk vier tot zes dagen en bestonden uit optochten, offerdiensten ter ere van Dionysos en het spelen van spelletjes. Daarnaast speelde het opvoeren van theaterstukken een grote rol tijdens het festival en zo is het theater dus ontstaan!



Slide 25 - Slide

Ze maakten gebruik van Special effects
  • Deus ex machina

  • Ekkuklema

  • Geluidseffecten

Slide 26 - Slide

Slide 27 - Video

Slide 28 - Video

Slide 29 - Video

Slide 30 - Video

Inhoud presentatie
De presentatie bestaat uit 2 onderdelen (scenes/sketches).

Hij start met een interview door een interviewer uit onze tijd met iemand uit de tijd van de Grieken over de Griekse theatergeschiedenis. Deze sketch eindigt met de zin van de interviewer: " Daar gaan we even naar kijken..."

Daarna volgt deel 2, namelijk de scene met als onderwerp het hoofdonderwerp van het interview.

Slide 31 - Slide

Vorm: hoe ziet het eruit
> Spel: uitvergroot, komisch, energiek, transformatie in personages,
dubbelrollen zijn toegestaan.

> Theatrale vormgevingsmiddelen: gebruik van theater vormgevingsmiddelen, maar zorg dat je daar niet teveel tijd aan besteed tijdens de les op school.

> Mise en scene: Waar sta je op het podium, waar staat evt decor, waar en hoe zijn de verplaatsingen. Hoe zorg ik ervoor dat het dynamisch is om naar te kijken en ik het podium goed benut.

Slide 32 - Slide

Praktisch afspraken
> Som maakt groepjes
>  Met dat groepje gaan jullie aan een theatrale eindpresentatie werken
>  De eindpresentatie is live in de klas in week 4 (week 5 is inhaalmoment)
> Duur: tussen de 2 a 3 minuten
> Jullie kiezen 1 van de 3 gegeven onderdelen :
* Acteurs en theatergebouw
* Dionysus en de Dionysia
* Tragedie - Komedie

(hierover vind je informatie in de verdiepende lesson-up (blauwe lesson-up))
> Je verwerkt op zijn minst 3 feitjes over jouw onderwerp.
> Je vult het werkblad in

Slide 33 - Slide