This lesson contains 21 slides, with interactive quizzes and text slide.
Lesson duration is: 30 min
Items in this lesson
3BB Herhaling par. 3.1 t/m 3.3
Slide 1 - Slide
Wat voor soort lichtbundel is dit?
A
Divergente lichtbundel
B
Evenwijdige lichtbundel
C
Convergente lichtbundel
Slide 2 - Quiz
Een kaars is een natuurlijke lichtbron
A
Ja
B
Nee
Slide 3 - Quiz
Hiernaast zie je 3 soorten lichtbundels. Hoe noem je lichtbundel A?
A
Evenwijdige lichtbundel
B
Convergerende lichtbundel
C
Divergerende lichtbundel
Slide 4 - Quiz
.
Wat voor soort lichtbundel is dit?
A
Evenwijdige lichtbundel
B
Evenredige lichtbundel
C
Divergerende lichtbundel
D
Convergerende lichtbundel
Slide 5 - Quiz
De maan geeft direct licht
A
Juist
B
Onjuist
Slide 6 - Quiz
Je schijnt met een zaklamp op een witte muur. Voor de muur hangt een kunststof blokje.
Op welke plek(ken) zie je een schaduw?
A
P
B
Q
C
R
Slide 7 - Quiz
Je wilt de schaduw van een voorwerp tekenen. Waar teken je de schaduw?
A
tussen de hoek van inval en de hoek van terugkaatsing
B
tussen de randstralen
C
tussen het voorwerp en de lichtbron
D
tussen het voorwerp en de normaal
Slide 8 - Quiz
De zon is een ..
A
Kunstmatig lichtbron
B
Natuurlijke lichtbron
C
Diffuus terruggekaats
D
Schaduw
Slide 9 - Quiz
De zon is een indirecte lichtbron
A
Ja
B
Nee
Slide 10 - Quiz
Een auto staat onder een lantaarnpaal. De schaduw van de auto is getekend met behulp van twee lichtstralen die met een * zijn aangegeven. Hoe noem je deze twee lichstralen?
*
*
A
randstralen
B
zichtlijnen
C
kantstralen
D
kernschaduw
Slide 11 - Quiz
Als licht door een + lens graag krijg je de volgende lichtbundel
A
Convergent
B
Divergent
C
Evenwijdig
D
Laser
Slide 12 - Quiz
Hoe noem je het waar het licht niet komt.
A
Randstralen
B
Licht
C
Schaduw
D
Een muur
Slide 13 - Quiz
Een lamp is een directe lichtbron
A
Ja
B
Nee
Slide 14 - Quiz
Een bolle lens heeft een ....... werking.
A
divergerende
B
convergerende
C
evenwijdige
Slide 15 - Quiz
Lenzen: Zet de begrippen op de juiste plek in het plaatje.
Lens
brandpunt
brandpunt afstand
Slide 16 - Drag question
Welke lenzen zijn positief en welke negatief? Sleep de lenzen naar het juiste vak.