Lesbrief 15 - taak 9

Lesbrief 15 - taak 9
voedingsadvies geven aan een zorgvrager
1 / 17
next
Slide 1: Slide
Zorg en WelzijnMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 3

This lesson contains 17 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Lesbrief 15 - taak 9
voedingsadvies geven aan een zorgvrager

Slide 1 - Slide

Leerdoelen
Aan het eind van de les weet ik:
- waar ik op moet letten om gezond te eten
- waarom mensen kiezen voor vegetarisch of biologisch eten
- weet ik het verschil tussen verzadigde vetten en onverzadigde vetten

Slide 2 - Slide

Wat zijn voedingsstoffen?

Slide 3 - Mind map

Voedingstoffen 
Voedingstoffen leveren energie en worden uitgedrukt in calorieën (cal) of kilojoule (kJ) 



Slide 4 - Slide

Wat verstaan we onder voedingsstoffen?

Slide 5 - Open question

Maar hoeveel zit er dan in?

1 kcal = 4,2 kJ
1 gram eiwit = 4 kcal
1 gram koolhydraten = 4 kcal
1 gram alcohol = 7 kcal
1 gram vet = 9 kcal 

Slide 6 - Slide

Vetten
3 soorten... wie kent ze? 

Slide 7 - Slide

- transvetten
- verzadigde vetten
- onverzadigde vetten

Slide 8 - Slide

Wat is het verschil tussen verzadigde vetten en onverzadigde vetten?

Slide 9 - Mind map

waarom vetten?
- goede en verkeerde vetten
- door voor vetten te kiezen verlaag (of verhoog) je het risico op hart- en vaatziekten. 
- vetten zijn opgebouwd uit vetzuren, die hebben invloed op het cholesterolgehalte in het bloed. Hoog cholesterol verhoogd de kant op hart- en vaatziekten
- voor de kilocalorieën (kcal) maakt het niet uit welke vet je kiest, of onverzadigd of verzadigd. Allebei zijn 9 gram

Slide 10 - Slide

Verzadigde vetzuren
Verzadigde vetzuren zijn NIET goed voor je. 
Verzadigde vetten zijn vaak 'verborgen vetten'

Slide 11 - Slide

waar zitten verzadigde vetten in?

Slide 12 - Mind map

Onverzadigde vetten
- enkelvoudig en meervoudige onverzadigde vetzuren
- verlagen het cholesterolgehalte 
- Essentiële vetzuren worden zo genoemd omdat ze niet door het lichaam zelf worden aangemaakt - essentiële vetzuren zijn meervoudige onverzadigde vetzuren. 

Slide 13 - Slide

Het is belangrijk om deze vetten te nemen omdat ze een belangrijke rol spelen bij de groei, de hersenfunctie en het zenuwstelsel

Slide 14 - Slide

Vegetariër, veganist en Flexitarier
Een vegetariër eet geen vlees, gevogelte en vis, maar wel eieren, melk en kaas. (kiest dan voor dierenwelzijn, milieu, voedselverdeling, gezondheid of geloof)

Veganisten kiezen voor een dieet dat volledig plantaardig is. Zij eten helemaal geen producten van dieren. 

Flexitariërs eten minstens één dag per week geen vlees, vis of vleeswaren. 

Slide 15 - Slide

Biologische voeding
Bij de productie van biologisch voedsel wordt zoveel mogelijk rekening gehouden met milieu, dier en mens
Enkele kenmerken van biologische voeding zijn:
- Boeren gebruiken geen chemische bestrijdingsmiddelen, kunstmest of antibiotica.
- Boeren gebruiken biologisch voer voor hun dieren.
- Dieren hebben meer ruimte. 

Slide 16 - Slide