GROEP 4 · REKENEN
Tafels van 1, 2, 5 en 10
De vier makkelijkste tafels: daar begint het mee
2 · 5 · 10
GROEP 4 · REKENEN
Tafels van 1, 2, 5 en 10
De vier makkelijkste tafels: daar begint het mee
2 · 5 · 10
Deze vier tafels zijn de steunsommen voor alle andere tafels. De tafel van 5 kun je koppelen aan de klok en aan geld, de tafel van 2 aan dubbelen. Duur ongeveer 30 minuten.
GROEP 4 · TAFELS
Dit ga je leren
Ik ken de tafels van 1, 2, 5 en 10.
Ik weet dat 5 × iets de helft is van 10 × iets.
Ik gebruik dubbelen voor de tafel van 2.
This item has no instructions
GROEP 4 · TAFELS
Tafel van 10: steeds een nul erbij
3 × 10 = 30
7 × 10 = 70
Bij de tafel van 10 zet je een 0 achter het getal.
Laat zien dat 3 staven van 10 samen 30 blokjes zijn. Zo zien kinderen waarom die nul erachter komt.
GROEP 4 · TAFELS
Tafel van 5: de helft van 10
4 × 10 = 40
De helft daarvan is 20.
Dus 4 × 5 = 20.
Ook handig: de tafel van 5 eindigt altijd op een 0 of een 5.
GROEP 4 · TAFELS
Tafel van 2: dubbelen
6 × 2 is hetzelfde als 6 + 6.
Dat is het dubbele van 6: 12.
De tafel van 2 zijn alle even getallen: 2, 4, 6, 8, 10 ...
This item has no instructions
GROEP 4 · TAFELS
Tafel van 1: dat is makkelijk
Eén groepje van 8 is gewoon 8.
1 × 8 = 8
8 × 1 = 8
Bij keer 1 verandert er niets.
This item has no instructions
GROEP 4 · TAFELS
6 × 10 =
70
50
60
61
Goed antwoord: 60.
GROEP 4 · TAFELS
4 × 5 =
25
20
15
21
Goed antwoord: 20.
GROEP 4 · TAFELS
8 × 2 =
16
18
14
17
Goed antwoord: 16.
GROEP 4 · TAFELS
7 × 5 =
40
30
36
35
Goed antwoord: 35.
Sleep elk getal naar de tafel waar het in zit.
GROEP 4 · TAFELS
Tafel van 2
Tafel van 5
Tafel van 10
14
35
90
16
45
60
14 en 16: tafel van 2. 35 en 45: tafel van 5. 60 en 90: tafel van 10.
GROEP 4 · TAFELS
9 × 10 =
100
80
90
91
Goed antwoord: 90.
GROEP 4 · TAFELS
10 × 2 =
22
18
21
20
Goed antwoord: 20.
GROEP 4 · TAFELS
9 × 5 =
45
50
40
46
Goed antwoord: 45.
GROEP 4 · TAFELS
6 kinderen steken allemaal één hand op. Hoeveel vingers zie je?
Goed antwoord: 30. 6 × 5. Wie 6 × 10 = 60 weet, deelt dat door 2.
GROEP 4 · TAFELS
Rekenrace: 1, 2, 5 en 10
Schrijf de antwoorden op. Hoeveel heb jij er goed als de tijd op is?
3 × 2 =
5 × 5 =
8 × 10 =
6 × 1 =
7 × 2 =
9 × 5 =
2 × 10 =
4 × 2 =
6 × 5 =
10 × 10 =
9 × 2 =
3 × 5 =
minute
second
Antwoorden: 6, 25, 80, 6, 14, 45, 20, 8, 30, 100, 18, 15
Tafel van 1
Tafel van 2
Tafel van 5
Tafel van 10
GROEP 4 · TAFELS
Welke tafel vind jij het makkelijkst?
This item has no instructions
GROEP 4 · TAFELS
Goed gedaan!
Tafel van 10: zet er een nul achter.
Tafel van 5: de helft van de tafel van 10.
Tafel van 2: het dubbele.
Met deze vier reken je straks elke tafel uit!
This item has no instructions