les moins doués= de minst getalenteerde / begaafde
forçent = dwingen (forçer = forceren)
mieux = beter enseigner = lesgeven Het zijn de minst begaafde leerlingen die de leraren dwingen beter les te geven.
Slide 2 - Slide
Slide 3 - Slide
Gele woordjes
parce que = omdat nombreux = met velen avoir tort = ongelijk hebben avoir raison = gelijk hebben Het is niet omdat ze met velen zijn die ongelijk hebben, dat ze geljk hebben.
Slide 4 - Slide
Slide 5 - Slide
Gele woordjes
inventer = uitvinden
un aspirateur= een stofzuiger / un balai = een bezem
pourtant = toch
encore = nog là = daar , er Relax, vriend. Ze hebben de stofzuiger uitgevonden en ik toch ben er nog steeds.