Biochemie I — LJ2 OP1
De carbonylgroep & de carboxylgroep
Naamgeving van organische verbindingen — van simpele koolwaterstof tot carbonzuur.
Koolstofchemie · §15.7 – §15.9 · Veel voorbeelden, stap voor stap naamgeving
Biochemie I — LJ2 OP1
De carbonylgroep & de carboxylgroep
Naamgeving van organische verbindingen — van simpele koolwaterstof tot carbonzuur.
Koolstofchemie · §15.7 – §15.9 · Veel voorbeelden, stap voor stap naamgeving
TERUGBLIK
Wat hebben we vorige les gedaan?
Voor we verder gaan, testen we of je de belangrijkste homologe reeksen en functionele groepen nog paraat hebt. Probeer steeds eerst zelf de naam te bepalen.
Alkanen
Alkenen
Alkynen
Halogeenalkanen
Hydroxylgroep
03 / 26
LEERDOELEN
Aan het einde van deze les kun jij…
1
de carbonylgroep herkennen in een structuurformule en het verschil uitleggen tussen een aldehyde en een keton.
2
de systematische naam van een aldehyde of keton afleiden uit de structuurformule — en andersom een structuurformule tekenen bij een gegeven naam.
3
de carboxylgroep herkennen en uitleggen waarom dit een combinatie is van de carbonyl- én de hydroxylgroep.
4
de naamgevingsregels (stap 1 t/m 7) correct toepassen op een molecuul met meerdere substituenten.
02 / 26
VANDAAG
De carbonylgroep en de carboxylgroep
Twee nieuwe functionele groepen die je in bijna elke biomolecuul terugziet — van suikers tot aminozuren.
C=O
Carbonylgroep
Eén zuurstofatoom, dubbel gebonden aan een C-atoom (C=O). Aan het uiteinde: aldehyde. In het midden: keton.
–COOH
Carboxylgroep
De combinatie van een carbonyl- én een hydroxylgroep op hetzelfde C-atoom. Samen vormen ze een carbonzuur.
10 / 26
NIEUWE STOF · CARBONYLGROEP
Wat is de carbonylgroep?
Bij de carbonylgroep worden twee H-atomen op hetzelfde C-atoom vervangen door één zuurstofatoom, dat een dubbele binding vormt: C=O.
De positie van dit zuurstofatoom in de keten bepaalt welke naam en welke stofklasse je krijgt.
Zit het C=O aan het uiteinde van de keten? → een aldehyde (alkanal).
Zit het C=O ergens in het midden van de keten? → een keton (alkanon).
ONTHOUD
Verwar de carbonylgroep straks niet met de carboxylgroep (–COOH) — die lijkt erop, maar heeft er ook nog een –OH bij!
11 / 26
NAAMGEVING · ALDEHYDEN
Aldehyden: naamgeving
Uitgang: ...-al
Het C-atoom van de carbonylgroep is altijd C1 — je hoeft de plaats dus niet apart te nummeren.
De verzamelnaam voor deze stofgroep is aldehyden.
Zit er aan beide uiteinden van de keten een C=O? Dan heet het een alkaandial.
12 / 26
VOORBEELDEN · ALDEHYDEN
Aldehyden — vier voorbeelden
Let op: het C=O staat steeds aan het uiteinde van de keten, en telt automatisch als C1.
Methanal
formaldehyde
CH2O
Ethanal
aceetaldehyde
C2H4O
Propanal
C3H6O
Butanal
C4H8O
13 / 26
NAAMGEVING · KETONEN
Ketonen: naamgeving
Uitgang: ...-on
Het C=O zit ergens in het midden van de keten — daarom moet je de plaats wél nummeren.
Kies altijd de nummering die het laagst mogelijke getal oplevert.
Verzamelnaam voor deze stofgroep: ketonen (of alkanonen).
WAAROM GEEN NUMMER BIJ PROPANON?
Bij propanon (aceton) is er maar één mogelijke plek voor het C=O: het middelste C-atoom. Vanaf butanon (4 C-atomen) moet je wél gaan nummeren.
14 / 26
VOORBEELDEN · KETONEN
Ketonen — let op de positie van C=O
Pentaan-2-on en pentaan-3-on hebben dezelfde brutoformule, maar het C=O zit op een andere plaats.
Propanon
aceton
C3H6O
Butaan-2-on
C4H8O
Pentaan-2-on
C5H10O
Pentaan-3-on
C5H10O
DENKVRAAG:
Waarom heet het "pentaan-2-on" en niet "pentaan-4-on"? Tip: nummer van links of van rechts, welk getal is laagst?
15 / 26
VERGELIJKING
Aldehyde vs. keton: zelfde skelet, andere plek
ALDEHYDE
Propanal
C3H6O
KETON
Propanon
C3H6O
Beide moleculen hebben drie C-atomen en één zuurstofatoom — maar de plaats van het C=O bepaalt of het een aldehyde (uiteinde, uitgang -al) of een keton (midden, uitgang -on) is.
16 / 26
Onderstaande structuur is een...
Aldehyde/alkanal
Keton/alkanon
Onderstaande structuur is een..
Aldehyde/alkanal
Keton/alkanon
NIEUWE STOF · CARBOXYLGROEP
Wat is de carboxylgroep?
De carboxylgroep is de combinatie van een carbonylgroep (C=O) en een hydroxylgroep (–OH) op hetzelfde C-atoom: –COOH.
Deze groep zit altijd aan het uiteinde van de keten — net als bij aldehyden telt dit C-atoom automatisch als C1.
Een keten met een carboxylgroep noemen we een alkaanzuur (carbonzuur).
Let op: dit is een andere groep dan de carbonylgroep alleen — verwar ze niet met elkaar!
17 / 26
NAAMGEVING · CARBONZUREN
Carbonzuren: naamgeving
Uitgang: ...zuur
Het carbonzuur-C-atoom is altijd C1 — ook hier hoef je de groep zelf dus niet apart te nummeren.
Verzamelnaam: alkaanzuren of carbonzuren.
Carbonzuren zijn zwakke zuren.
In de praktijk gebruiken we vaak de triviale (oude) naam — maar je moet ook de systematische naam kennen!
18 / 26
VOORBEELDEN · CARBONZUREN
Carbonzuren — systematisch én triviaal
De meeste laboranten kennen deze zuren bij hun triviale naam.
Structuurformule
Systematische naam
Triviale naam
Formule
Methaanzuur
Mierenzuur
CH2O2
Ethaanzuur
Azijnzuur
C2H4O2
Ethaandizuur
Oxaalzuur
C2H2O4
Propaanzuur
Propionzuur
C3H6O2
Butaanzuur
Boterzuur
C4H8O2
19 / 26
COMBINEREN
Meerdere groepen in één molecuul: wat wordt de naam?
Zit er meer dan één functionele groep in hetzelfde molecuul? Dan bepaalt de hóógste groep in dit rijtje de uitgang van de naam — elke andere groep wordt een voorvoegsel.
Voorbeeld: –OH náást –COOH wordt dus niet "...ol" maar "hydroxy-" — het carbonzuur staat hoger in dit rijtje en bepaalt de uitgang "...zuur".
22 / 26
STAP VOOR STAP
Alles combineren: complexe naamgeving
4-chloorpentaanzuur
C5H9ClO2
Antwoord: 4-chloorpentaanzuur
1
Langste keten zoeken: 5 C-atomen → basisnaam "pentaan-"
2
Nummeren: begin bij de belangrijkste functionele groep — het carbonzuur-C krijgt altijd C1
3
Prioriteit bepalen: carbonzuur (–zuur) staat bovenaan de lijst → de eindnaam wordt "...zuur"
4
Groep benoemen: een chlooratoom op C4
5
Nummer geven aan de groep: chloor op positie 4
6
Meervoud checken: er is maar één chlooratoom, dus geen di-/tri- nodig
7
Alles samenvoegen: nummer + voorvoegsel + hoofdketen + functionele groep
21 / 26
COMBINEREN · VOORBEELDEN
Alles bij elkaar: vijf combinaties
Steeds dezelfde vraag: welke groep is de hoogste in prioriteit (die bepaalt de uitgang), en welke wordt een voorvoegsel?
3-chloorpropaanzuur
C3H5ClO2
3-hydroxybutaanzuur
C4H8O3
4-chloorbutaan-2-on
C4H7ClO
5-hydroxypentanal
C5H10O2
2,3-dibroombutaanzuur
C4H6Br2O2
23 / 26
SAMENVATTING
Overzicht: alle functionele groepen tot nu toe besproken op een rij
Van de herhaling tot en met vandaag — dit overzicht kun je gebruiken als naslagwerk.
Groep
Structuur
Uitgang
Voorbeeld
Alkaan
–C–C–
...-aan
ethaan
Alkeen
–C=C–
...-een
propeen
Alkyn
–C≡C–
...-yn
ethyn
Halogeenalkaan
–X (F, Cl, Br, I)
halogeen + alkaan
chloormethaan
Hydroxylgroep
–OH
...-ol
ethanol
Carbonyl (aldehyde)
–CHO
...-al
ethanal
Carbonyl (keton)
–CO–
...-on
propanon
Carboxylgroep
–COOH
...zuur
ethaanzuur
24 / 26
TOT SLOT
Vragen?
Neem de naamgevingsregels (stap 1 t/m 7) nog eens goed door voordat je zelfstandig gaat oefenen — en let steeds op het verschil tussen carbonyl- en carboxylgroep.
Volgende les: koolhydraten — aminogroep en naamgevingsregels
26 / 26
Aan de slag!
Maak de werkbladen die ik heb uitgedeeld.
Klaar? Nakijken
Klaar met nakijken? Zet de platen én buizen in de koelkast