Bewegingsonderwijs: Quiz 2

1 / 47
next
Slide 1: Slide
LOBMiddelbare schoolhavoLeerjaar 2

This lesson contains 47 slides, with interactive quizzes, text slides and 3 videos.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Slide 1 - Slide

Uiteraard aan de slag!!!!

Slide 2 - Slide

Slide 3 - Slide

Hoeveel personen staan er op een voetbalveld binnen de lijnen bij een officiële wedstrijd?
A
11
B
14
C
22
D
23

Slide 4 - Quiz

Mag je een sliding maken bij zaalvoetbal?
A
Ja
B
Nee

Slide 5 - Quiz

Hoe breed is een voetbalgoal?
A
7 meter
B
732 cm
C
2,44 meter
D
915 cm

Slide 6 - Quiz

Slide 7 - Slide

Als de bal met volleybal op de lijn komt is de bal...
A
uit
B
het punt wordt opnieuw gespeeld
C
in

Slide 8 - Quiz

Welke fout maak je als je de bovenste witte rand van het net aanraakt bij volleybal?
A
Netfout
B
Voetfout
C
Aanrakingsfout
D
Touvhé

Slide 9 - Quiz

Wat gebeurt er als je voet op de lijn staat bij het serveren met volleybal?
A
het spel gaat verder
B
punt voor de tegenstander maar je behoudt de service
C
punt voor de tegenstander en je verliest de service
D
de service mag opnieuw

Slide 10 - Quiz

Als je bij volleybal de bal tegen het plafond slaat en de bal gaat vervolgens over het net, wat gebeurd er dan?
A
het spel gaat door
B
de rally stopt en het punt gaat naar de tegenstander
C
het punt wordt opnieuw gespeeld
D
als het een makkelijke bal is mag er doorgespeeld worden, zo niet wordt het punt opnieuw gespeeld

Slide 11 - Quiz

Slide 12 - Slide

Hoe heet het als de bal tegen je voet aankomt bij hockey?
A
verdedigende fout
B
shoot
C
persoonlijke fout
D
er is geen benaming voor

Slide 13 - Quiz

Wat is geen hockey techniek?
A
de push
B
de flats
C
de scoop
D
de kluts

Slide 14 - Quiz

Wat gebeurt er als de bal op de voet komt in cirkel bij de verdedigende partij?
A
shoot-out
B
strafbal
C
vrije bal
D
strafcorner

Slide 15 - Quiz

Slide 16 - Slide

Voor hoeveel punten telt een lay-up
A
1
B
2
C
3
D
4

Slide 17 - Quiz

Wat is een fout bij basketbal?
A
Lay-up
B
Vrije worp
C
Second dribble
D
Screen

Slide 18 - Quiz

Slide 19 - Slide

Hieronder zie je plaatjes van materiaal dat gebruikt wordt voor klimmen. Op welk plaatje zie je een karabiner?
A
B
C
D

Slide 20 - Quiz

Met de schippersslag moet....
A
Het touw aan de binnenkant van de knie en buitenkant van de voet
B
Het touw aan de buitenkant van de knie en binnenkant van de voet
C
Je gebruikt alleen je armen

Slide 21 - Quiz

Slide 22 - Video

Slide 23 - Slide

Wat is de Nederlandse norm "gezond bewegen" bij jongeren, jonger dan 18 jaar?
A
iedere dag 1 uur matig intensief bewegen
B
iedere dag 30 minuten matig intensief bewegen
C
3 keer in de week matig intensief bewegen
D
5 keer in de week matig intensief bewegen

Slide 24 - Quiz

Wat is geen Olympische sport?
A
paardrijden
B
wielrennen
C
korfbal
D
volleybal

Slide 25 - Quiz

Wat is het commando om te gaan zwaaien bij ringzwaaien?
A
klaarstaan
B
zwaaien
C
ringen vast
D
afspring

Slide 26 - Quiz

Zeilen is oa een Olympische sport. Hierbij zijn stuurboord en bakboord belangrijk. Maar wat was stuurboord ook alweer?
A
links
B
rechts
C
voor
D
achter

Slide 27 - Quiz

Hoe noem je de persoon die achter de slagman/slagvrouw staat?
A
pitcher
B
catcher
C
korte stop
D
verreverder

Slide 28 - Quiz

Hoe heet het voorwerp waar je tegenaan slaat met badminton?
A
Shuttle
B
Puck
C
Bal
D
Tentje

Slide 29 - Quiz

Hoe maak je een tegenspeler af bij trefbal?
A
vangbal
B
bijsprong
C
boksprong
D
koprol

Slide 30 - Quiz

Welke sport heeft als finale de super bowl?
A
Rugby
B
American football
C
Flag football
D
Basketbal

Slide 31 - Quiz



Welke sport is dit?
A
Volleybal
B
Basketbal
C
Badminton
D
Hockey

Slide 32 - Quiz



Welke sport is dit?
A
Hockey
B
Floorball
C
Sjoelen
D
IJshockey

Slide 33 - Quiz



Welke sport is dit?
A
Trefbal
B
Volleybal
C
Handbal
D
Voetbal

Slide 34 - Quiz



Welke beroemde sporter is dit?
A
Lebron James
B
Kobe Bryant
C
Paul Pogba
D
Michael Jordan

Slide 35 - Quiz



Welke beroemde sporter is dit?
A
Tiger Woods
B
Usain Bolt
C
Churandy Martina
D
Mike Tyson

Slide 36 - Quiz

Slide 37 - Slide

Challenge:

- sportkleding
- flesje water
- ruimte om te bewegen
- stopwatch / telefoon om tijd af te lezen

Slide 38 - Slide

oefening 1: 10 x Opdrukken:
Aandachtspunten:
 - zet je handen onder je schouders en strek je armen
- steunen op je tenen
- beweeg met je neus naar de grond en rug recht
- dus jezelf weer ophoog en rug recht
- is het zwaar? Steun dan op je knieën 

Slide 39 - Slide

Oefening 2: 
Blijf 40 seconden in deze houding staan. Let goed op je houding.

Slide 40 - Slide

oefening 3: 10 x squat (kniebuigingen)
Aandachtspunten:
- buig door je knieën, alsof je op de wc gaat zitten
- knieën komen niet voorbij je tenen
- rug recht
- maak een hoek van 90 graden in knieholte  

Slide 41 - Slide

oefening 4: Maak 15 sit ups
- check de volgende dia voor een instructiefilmpje over de juiste houding

Slide 42 - Slide

Slide 43 - Video

oefening 5: Planken. 
40 seconden onderstaande houding aannemen. Hou zelf de tijd bij.

Slide 44 - Slide

Oefening 6: 15 jumping jacks
- check het instructiefilmpje op de volgende dia
- maak 15 jumping jacks

Slide 45 - Slide

Slide 46 - Video

Oefening 7:
- Doe iets warms aan 
- pak een fruitje (bv appel, banaan, mandarijn, etc)
- doe je schoenen aan
- keuze: maak een wandeling van tenminste 15 minuten of ga lekker schaatsen

Slide 47 - Slide