Unidad 2 Het bijvoeglijk naamwoord

Programa
  1. Fecha importante
  2. Bijv. nw
  3. Trabajamos
  4. Deberes
1 / 18
next
Slide 1: Slide
FransMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 2,3

This lesson contains 18 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 60 min

Items in this lesson

Programa
  1. Fecha importante
  2. Bijv. nw
  3. Trabajamos
  4. Deberes

Slide 1 - Slide

Fecha importante

la semana 47 - la prueba (het proefwerk van unidad 2

1. Woordenlijst (blz.25 t/m 31

- zinnen met de juiste woorden aanvullen

2. Grammatica 

-getallen

-zinnen in het meervoud zetten


Slide 2 - Slide

La prueba Unidad 2
Grammatica:
- Het werkwoord SER moet je kunnen vervoegen
- Nationaliteiten: vrouwelijk/mannelijk vorm
Lees vaardiheid
- Teksten lezen en vragen (in het NL) beantwoorden

Slide 3 - Slide

Voca
Vertaal: porque

Slide 4 - Open question

Voca
Vertaal: la mayoria

Slide 5 - Open question

Voca
Vertaal: las ciencias Naturales

Slide 6 - Open question

Voca
Vertaal: ESO

Slide 7 - Open question

Voca
Vertaal: de eerste les

Slide 8 - Open question

Voca
Vertaal: de wiskunde

Slide 9 - Open question

Match de Spaanse met de Nederlandse woorden. Voca 2.1
mooi/ leuk
de sport
de donderdag
de zondag
Bonito/ bonita
el jueves 
el domingo
el deporte

Slide 10 - Drag question

Geef de vervoeging van het ww SER
(geen persoonlijke vnw)

Slide 11 - Open question

Bijvoeglijk naamwoorden
Wat je moet weten:
  • Bijvoeglijke naamwoorden staan in het Spaans bijna altijd achter het zelfstandig naamwoord.
  • Bijvoeglijke naamwoorden richten zich naar het zelfstandig naamwoord waar ze bij staan (mannelijk/vrouwelijk/enkelvoud/meervoud)

Slide 12 - Slide

1. Bijvoeglijke naamwoorden die eindigen op een -O
bijvoorbeeld: bonito (mooi), divertido (leuk), pequeño (klein)

Bij de bijvoeglijke naamwoorden die eindigen op een -o verandert de -o in een -a als het bijvoeglijk naamwoord bij een vrouwelijk zelfstandig naamwoord staat. 
vb: el libro bonito (het mooie boek)
       la casa bonita (het mooie huis)

Slide 13 - Slide

2. Bijvoeglijk naamwoorden die eindigen op een -E.
bijvoorbeeld: inteligente (intelligent), horrible (verschrikkelijk)

Bijvoeglijke naamwoorden die eindigen op een -e veranderen niet wanneer ze bij een een vrouwelijk zelfstandig naamwoord staan
vb: el chico inteligente (de intelligente jongen)
       la chica inteligente (het intelligente meisje)

Slide 14 - Slide

3. Bijvoeglijke naamwoorden die eindigen op een medeklinker.
bijvoorbeeld: genial (geniaal), azul (blauw)

Bijvoeglijke naamwoorden die eindigen op een medeklinker veranderen niet wanneer ze bij een vrouwelijk zelfstandig naamwoord staan. 
vb: el coche azul (de blauwe auto)
       la carpeta azul (de blauwe map)

Slide 15 - Slide

Uitzonderingen - Excepciones

Een hoeveelheid - Una cantidad
Poco/a (s) - weinig
Mucho/a (s) - Veel
Demasiado/a - Teveel
Otro/a (s) - Ander
Vario/a (s) - Verschillende
Alguno/a (s) - Enkele
Ninguno/a (s) - Geen enkele

Slide 16 - Slide

Meervoud van zelfstandige en bijvoeglijke naamwoorden.
  • Zelfstandige en bijvoeglijke naamwoorden die eindigen op een klinker krijgen in het meervoud een -s.
vb: el chico inteligente --> los chicos inteligentes
        la casa grande          --> las casas grandes

  • Zelfstandige en bijvoeglijke naamwoorden die eindigen op een medeklinker krijgen in het meervoud -es.
vb: el profesor genial --> los profesores geniales
       la situación difícil --> las situaciones difíciles
VERGEET NIET HET LIDWOORD OOK IN HET MEERVOUD TE ZETTEN!!!

Slide 17 - Slide

Trabajamos


Unidad 2 - Grammatica - online methode





Slide 18 - Slide