paragraaf 2. 3 en 2.4

2.3 De Verenigde Staten 
Land van immigranten &
de Amerikaanse democratie
1 / 38
next
Slide 1: Slide
GeschiedenisVoortgezet speciaal onderwijsLeerroute 3

This lesson contains 38 slides, with text slides and 1 video.

Items in this lesson

2.3 De Verenigde Staten 
Land van immigranten &
de Amerikaanse democratie

Slide 1 - Slide

Wat ga je vandaag leren?
  • Waarom immigratie belangrijk was in Amerika
  • Hoe de Amerikaanse democratie werkt

  • Wat een vrije markt economie is
  • Wat het verschil tussen continuïteit en verandering is

Begrippen : vrije markt economie

Slide 2 - Slide

Columbus komt aan in Amerika, 1492
  •  'Indianen' --> o.a. Inca's en Azteken
  • Goud, zilver en vruchtbare landbouwgebieden zijn aantrekkelijk voor Europeanen. 
  • Geweld en ziekten zorgen voor hoog sterfgetal onder de oorspronkelijke bewoners 

Slide 3 - Slide

In Amerika is 'Columbus Day' al jaren een discussiepunt. Bekijk de poster op de afbeelding (Columbus ontdekte Amerika niet, hij viel het binnen!) en leg uit waarom men deze mening heeft. 

Slide 4 - Slide

Slide 5 - Slide

Engelse kolonie
  • Eind 16e/ begin 17e eeuw
  • In de 18e eeuw groeide de onvrede over het Engelse bestuur. 
  • Bewoners Noord- Amerika wilden onafhankelijk zijn.

Slide 6 - Slide

Onafhankelijkheidsverklaring 
4 juli 1776

Slide 7 - Slide

Europese migratie naar de VS
  • 19e en 20e eeuw
  • Men wilde in de Verenigde Staten een nieuw bestaan opbouwen. 
  • Rond 1850 veel Ieren door mislukte aardappeloogsten. 
  • Ook veel: Britten, Duitsers, Nederlanders, Italianen en Oost- Europeanen. 

Slide 8 - Slide

De Amerikaanse democratie
  • Inwoners van de VS hebben vrijheid altijd belangrijk gevonden: de overheid moest zich zo min mogelijk met het leven van mensen bemoeien. 
  • iedere staat heeft ook zijn eigen wetten.
  • De VS werd dan ook een parlementaire democratie.

Slide 9 - Slide

Kiesrecht in de VS
  • Eerst alleen mannen met landbezit
  • Daarna ook armere mannen
  • Vanaf 1920 krijgen ook vrouwen kiesrecht in de VS --> Algemeen kiesrecht 
  • Officieel ook voor zwarte Amerikanen, maar de eis was : je moest kunnen lezen. 

Slide 10 - Slide


Roaring twenties 

  • Na WO I bloeide de economie in Westerse landen op.
  • Vooral in de Verenigde Staten --> die periode staat bekend als de roaring twenties
In Amerika heerste er een blind vertrouwen in de economie. Dankzij de economische groei zou welvaart binnenkort voor iedereen bereikbaar zijn. 

Slide 11 - Slide

aan het werk
maak de opdrachten  van 2.3
1 tot en met 7

Slide 12 - Slide

deze les
vaste plekken
feedback opdrachten maken....
opdrachten bespreken van 2.3 5 en 6
uitleg vrije markt economie en beurskrach

Slide 13 - Slide

De Amerikaanse economie
  • De Amerikaanse economie was gebaseerd op het klassieke liberalisme: de overheid   bemoeit zich niet met de economie = vrijemarkteconomie
  • Dit beleid resulteerde in het idee van The American Dream: als je maar hard genoeg   werkt, kan je alles bereiken.
  • Deze American Dream had ook een keerzijde, mocht je geldproblemen hebben, was er   geen steun of hulp voor je. 

Slide 14 - Slide

Vrijemartkeconomie
Vrijheid 
  • Overheid niet bemoeien met economie 
  • Wet van vraag en aanbod – fabrikanten produceren waar meeste vraag naar is, tegen laagste prijs. 

Vrijemarkteconomie 
  • = een economie waarin concurrentie bestaat en vraag en aanbod bepalen wat geproduceerd en geconsumeerd wordt. 
  • Veel kansen voor ondernemers – The American Dream 
  • Maar snel armoede - geen invoering Sociale Wetten

Slide 15 - Slide

hoe was het ook alweer in de jaren 20 in de vs?

Slide 16 - Slide

Slide 17 - Video

De Grote Depressie
1929 
  • Welvarende periode eindigde 
  • Oorzaak: Beurskrach = plotselinge daling van aandelenkoersen 

Vertrouwen is verloren 
  1. Boeren – hadden veel geld geleend, voedseloverschot, prijzen daalden 
  2. Burgers – geld geleend voor luxe, schulden 

3. ook  de aandelen waren van geleend geld gekocht. 

Slide 18 - Slide

De Grote Depressie
24 oktober 1929 
  • Massale verkoop aandelen 
  • Leidde tot economische crisis = een periode waarin het slecht gaat met de economie en er sprake is van werkeloosheid. 
  • Banken en bedrijven gingen failliet 
  • Mensen werden werkloos 

Slide 19 - Slide

Slide 20 - Slide

aan het werk
voor de volgende les, alle opdrachten van hoofdstuk 2 tot en met 2.3 af

Slide 21 - Slide

wat gaan we doen?
proefwerk afspreken
hoe was het ook alweer?
vraag 9 bespreken
bespreken eerste 2 deelvragen paragraaf 4
aan het werk

Slide 22 - Slide

herhaling
1. in 1776 scheidde de koloniën zich van groot Brittannië af, dit heeft gevolgen gehad voor de Amerikaanse democratie waar (geloofs)vrijheid  belangrijk zijn. kun je dit uitleggen?
2. wat houd vrije markt economie in?
3. wat houd de american dream in?
4. wat gebeurde er tijdens de beurskrach?

Slide 23 - Slide

vraag 9
Bron 5 Andrew Carnegie (1835-1919) werd geboren als kind van arme Schotse wevers. Hij was12 jaar toen zijn ouders naar de Verenigde Staten verhuisden. Daar klom hij op tot staalfabrikanten werd hij een van de rijkste mensen op aarde. In 1889 schreef hij een artikel waarin hij stelt dat rijke mensen als hijzelf veel aan liefdadigheid moeten doen. Aan het begin legt hij uit hoe hij tegenrijkdom van ondernemers aankijkt.
Concurrentie dwingt de werkgever van duizenden mensen tot uiterste zuinigheid, zeker waar het gaat om hun salaris, en vaak is er wrijving tussen werkgever en werknemer, tussen kapitaal en arbeid, tussen arm en rijk. […]De prijs die de samenleving betaalt voor deze concurrentie is hoog […]; maar de voordelen ervan zijn nog groter dan de kosten – want aan concurrentie danken we onze wonderbaarlijke materiële vooruitgang, die onze levensomstandigheden heeft verbeterd. […] ook al is concurrentie soms wreed voor het individu, zij is het beste voor de mensheid […]. Daarom moeten we […]aanvaarden en blij zijn dat er grote ongelijkheid bestaat in de levensomstandigheden van mensen; dat industriële en handelsactiviteiten in de handen zijn van slechts enkele mensen; en dat concurrentie tussen deze weinige mensen niet alleen gunstig is, maar zelfs noodzakelijk voorde toekomstige vooruitgang van de mensheid.

Slide 24 - Slide

vragen
  • Past het leven van Andrew Carnegie bij de Amerikaanse droom? Leg je antwoord uit.
  • Vindt Carnegie het logisch dat arbeiders een laag loon krijgen? Leg je antwoord uit.
  • Volgens Carnegie is ongelijkheid niet goed voor de samenleving. Uit welke zin in de bron blijkt dit?
  • Leg uit dat Carnegie vindt dat we toch ‘blij’ moeten zijn met ongelijkheid.
  • Hoe wil carnegie de ongelijkheid oplossen?
 

Slide 25 - Slide

Crisis in de V.S. (oorzaak)
Directe oorzaak crisis was de Beurskrach
=
Een plotselinge daling van de aandelenkoers.

Vele Amerikanen hadden aandelen gekocht met geleend geld en verkochten in paniek die aandelen.
bron 1: Ford T-model jaren twintig. Mensen kochten ook auto's met geleend geld.

Slide 26 - Slide

Crisis in de V.S. (oorzaak)
- Amerikaanse boeren hadden veel geld geleend en konden niet meer terug betalen. banken raakten in problemen.
-  veel luxe goederen gekocht met geleend geld.  schuld werd te groot. 

Gevolg: Economische crisis  
=
Een periode waarin het slecht gaat met de economie en waarin sprake is van grote werkloosheid.

bron 2: Een hooverville (sloppenwijk) in Seatle.

Slide 27 - Slide

Wereldwijde Crisis (gevolg)
Alle landen wilde hun eigen economie beschermen met invoertarieven. 

Hierdoor nam de wereldhandel af!

Vooral voor Duitsland een ramp!
Bron 3: De crisis in Nederland.

Slide 28 - Slide

Slide 29 - Slide

Wereldwijde Crisis (gevolg)
Crisis werd gebruikt als speelbal in propaganda.

Zo ook in Duitsland.

Crisis had een bijdrage in de opkomst van Adolf Hitler.
bron 4: Posters die Duitsers moet laten geloven dat ze het onder Adolf Hitler heel goed krijgen (USHMM

Slide 30 - Slide

lesplanning
vragen bespreken 6/7
bespreken laatste deelvraag
  • Je kunt uitleggen wat de New deal inhield.
aan het werk
so bespreken

Slide 31 - Slide

The New Deal
1933: Crisis op zijn hoogtepunt, en een nieuwe president!

F.D.R. kwam met een pakket maatregelen om de crisis aan te pakken.

The New Deal.
Bron 1: Campagneposter om President Roosevelt en de NEW Deal aan te prijzen.

Slide 32 - Slide

Maatregelen New Deal
  1. Banken kregen financiële steun, maar wel regels voor bankleningen.
  2. Landbouwsubsidies zodat er minder werd geproduceerd
  3. Loonsverhoging fabrieksarbeiders
  4. Investeren in werkgelegenheidsprojecten zoals in bron 2.
Bron 2: Fontana dam in North Carolina. Deze dam werd ook als werkgelegenheidsproject aangelegd. 

Slide 33 - Slide

Slide 34 - Slide

huiswerk
maak 2.4 af

Slide 35 - Slide

paragraaf 5:
historisch denken
- je kunt beargumenteren of je verandering groot of klein, snel of langzaam noemt.
- je kunt beargumenteren of je iets een revolutie noemt
- je kunt 2 tijdsperioden vergelijken en voorbeelden van verandering en continuïteit noemen.

Slide 36 - Slide

Continuïteit en verandering
Continuïteit = iets wat hetzelfde blijft.

Continuïteit -> continu

Verandering = iets wat anders is.

Je gebruikt continuïteit en verandering in vergelijkingen

Slide 37 - Slide

6 spotprenten oefenen:
- eerst opdrachten zelf maken dan bespreken
- vraag 1 en 2
- vraag 3 en 4
timer
5:00

Slide 38 - Slide