Voortplanting bij dieren en planten
Voortplanting bij dieren en planten
Aan het eind van de les kun je...
De namen en functies van bloemonderdelen noemen, bestuiving uitleggen, verschillen tussen insecten- en windbloemen beschrijven, uitleggen hoe bevruchting en zaadverspreiding werken en voorbeelden van geslachtelijke voortplanting geven.
Wat weet jij al?
Denk na: wat komt er in je op bij voortplanting bij dieren en planten?
Delen van een bloem
Een bloem bestaat uit kelkbladeren, kroonbladeren, meeldraden en een stamper.
Functies van bloemonderdelen
Kelkbladeren en kroonbladeren beschermen de bloem. Meeldraden maken stuifmeel, de stamper vangt stuifmeel op.
Kenmerken van bloemen
Bloemen zijn vaak kleurrijk en geurig. Ze trekken insecten aan voor de voortplanting.
Wat is bestuiving?
Bestuiving is het overbrengen van stuifmeel van de meeldraad naar de stamper van een bloem.
Hoe werkt bestuiving?
Insecten of de wind brengen het stuifmeel van de ene naar de andere bloem.
Soorten bloemen: insecten- en windbloemen
Insectenbloemen
Onopvallend, weinig geur, geen nectar. Stuifmeel door de wind.
Windbloemen
Kleurrijk, geurend, met nectar. Trek insecten aan.
Voorbeelden van bestuiving
Bijvoorbeeld: bijen op bloemen of windbloemen zoals gras.
Wat gebeurt er na bestuiving?
Na bestuiving komt het stuifmeel bij de eicel in de stamper. Dit heet bevruchting.
Bevruchting bij zaadplanten
De mannelijke cel uit het stuifmeel versmelt met de eicel in het zaadbeginsel.
Wat verandert in het zaadbeginsel?
Na bevruchting groeit het zaadbeginsel uit tot een zaadje.
Wat verandert in het vruchtbeginsel?
Het vruchtbeginsel wordt groter en wordt soms een vrucht, bijvoorbeeld een appel of erwt.
Chromosomen bij bevruchting
Bij bevruchting krijgen zaden de helft van de chromosomen van elke ouder.
Geslachtelijke voortplanting
Bijvoorbeeld: planten met zaden, dieren met eieren of jongen uit een moeder.
Voorbeelden geslachtelijke voortplanting
Kippen leggen eieren, planten maken zaden, konijnen krijgen jongen.
Zaadverspreiding bij planten
Planten verspreiden zaden met de wind, dieren, water of zichzelf.
Voorbeelden zaad- en vruchtenverspreiding
Afsluiting en herhaling
Noem 3 manieren waarop zaden verspreid kunnen worden. Welke bloemonderdelen kun jij noemen?
Reflectie
Wat vond je het meest verrassend om te leren over voortplanting?
Schrijf 3 dingen op die je deze les hebt geleerd.
Schrijf 2 dingen op waarover je meer wilt weten.
Stel 1 vraag over iets dat je nog niet zo goed hebt begrepen.