Groepsontwikkeling met Tuckman

Terugkijken op onze groepsontwikkeling

1 / 41
next
Slide 1: Slide
New lesson editorGroepsdynamicaMBOStudiejaar 1

This lesson contains 41 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 60 min
Report this lesson

Items in this lesson

Terugkijken op onze groepsontwikkeling

Open bij de herkenbare vraag of de klas inmiddels een prettig samenwerkende groep is geworden. Noem Tuckman op dit eerste moment nog niet; laat de les eerst vertrekken vanuit de eigen ervaring van de groep.

Lesdoel

Ik kan met Tuckman als denkkader een onderbouwde mening geven over de groepsontwikkeling van onze klas.

De docentinput noemt meerdere doelen. Deze formulering bundelt ze rond het centrale doel van de les: Tuckman gebruiken om terug te kijken op de klas, zonder het model als absolute waarheid te behandelen.

Eén woord bij onze klas als samenwerkende groep

Gebruik deze woordwolk als opening na het lesdoel. Laat leerlingen kort toelichten waarom zij juist dat woord kiezen. Verwachte variatie: gezellig, chaotisch, veilig, verdeeld, groeiend, onrustig, sterk.

Opstart en terugblik

  • We kijken terug op onze klas als groep

  • Niet alleen op wat goed ging, maar ook op wat lastig was

  • De centrale vraag: is onze klas een prettig samenwerkende groep geworden?

  • Groepsontwikkeling gaat over ervaringen, gedrag en samenwerking door de tijd heen

Deze slide ondersteunt de opening en de terugblik op eerdere aandacht voor adjourning: terugkijken op succeservaringen én leermomenten.

Wat zie je in een groep?

  • Samen zijn is niet automatisch samenwerken

  • Een groep kan tegelijk veilig, onzeker, sterk of verdeeld voelen

  • Hoe mensen reageren, verandert vaak als er druk of een probleem ontstaat

Gebruik deze slide als brug naar het observeren van groepsgedrag in de video. Laat leerlingen letten op samenwerking, paniek, initiatief en gezamenlijk doel.

Battle at Kruger als voorbeeld

  • In de video verandert een kudde buffels onder druk

  • Let op drie dingen:

- wanneer er nog weinig samenwerking is

- wanneer paniek ontstaat

- wanneer de groep juist samen optrekt


Battle at Kruger

De video zelf staat niet op de slide; dit is alleen het kijkkader. Houd het concreet en koppel steeds terug naar groepsgedrag, niet naar dierenkennis.

Van losse groep naar samenwerking

Wanneer er nog geen probleem is

  • De buffels lopen samen

  • Er is nog weinig echte afstemming

  • Er is nog geen duidelijk gezamenlijk doel

Wanneer er druk ontstaat

  • Paniek maakt de groep kwetsbaar

  • Iedereen reageert eerst voor zichzelf

  • Gebrek aan afstemming geeft de leeuwen voordeel

Verbind links met het begin van het schooljaar: plaats zoeken. Verbind rechts met misverstanden, irritaties en onzekerheid in klassen.

Wat verandert er later?

Waarom winnen ze?

  • Er ontstaat een gezamenlijk doel

  • De buffels tonen meer vertrouwen

  • Saamhorigheid wordt zichtbaar

De groep keert terug

  • Niet door één sterke buffel

  • Wel door samenwerking

  • Elkaar ondersteunen en initiatief nemen maakt het verschil

Benadruk dat performing niet betekent dat alles perfect is, maar dat de groep in staat is effectief samen te handelen.

Waardoor worden de buffels uiteindelijk sterker als groep?

A

Door samenwerking

B

Door meer paniek

C

Door één leider

D

Door toeval alleen

Sluit aan op slides 5 en 6: de winst komt niet door één sterke buffel, maar door gezamenlijk doel, steun en initiatief.

Van losse groep naar samenwerking

Eerst lopen de buffels samen, maar er is nog weinig echte afstemming en nog geen gezamenlijk doel. Later verandert dat: er komt meer vertrouwen en echte samenwerking, waardoor de groep sterker handelt onder druk.

afstemming
doel
samenwerking
conflict
rooster
twijfel
context

De ingevulde woorden echoën letterlijk de taal van slides 5 en 6.

Wat laat de video zien over samenwerken onder druk?

Bespreek antwoorden als argumenten, niet als goed/fout. Verwachte elementen: samen zijn is niet hetzelfde als samenwerken; onder druk zie je afstemming, paniek, initiatief en gezamenlijk doel beter.

Tuckman activeren zonder voorkennis

Voordat we het model bekijken, is de belangrijke vraag: ontwikkelt iedere groep zich altijd op dezelfde manier?


Veel groepen verschillen van elkaar. Sommige groepen hebben weinig ruzie, andere vallen terug, en nieuwe mensen kunnen de dynamiek opnieuw veranderen.

Deze slide draagt de kritische opening van het model: eerst denken vanuit ervaring, daarna pas de theorie tonen.

De fasen van Tuckman

  • Forming: mensen zoeken hun plek

  • Storming: spanning, botsing of onzekerheid

  • Norming: afspraken en vertrouwen groeien

  • Performing: de groep werkt doelgericht samen

  • Adjourning: afronden en terugkijken

Introduceer Tuckman hier pas expliciet. Houd het compact; de verdieping volgt in relatie tot de eigen klas en de kritiek op het model.

Tuckman als denkkader

Het model helpt om taal te geven aan groepsontwikkeling. Je kunt ermee beschrijven wat je herkent in een groep, maar het model zegt niet automatisch precies hoe elke echte groep verloopt.

Dit is de kernschuif in de les: van herkennen naar voorzichtig gebruiken. Gebruik de formulering 'denkkader, niet als waarheid' letterlijk in je uitleg.

Herkenning in onze klas

  • Het model wordt pas bruikbaar als je het koppelt aan echte ervaringen

  • Kijk naar momenten van zoeken, botsen, afspreken, samenwerken en afronden

  • Niet iedereen hoeft dezelfde fase op dezelfde manier te beleven

Bereid hiermee de stap voor naar kritisch kijken. Leg al subtiel de basis voor het latere inzicht dat groepsbeleving per persoon kan verschillen.

Welke fase past bij: mensen zoeken hun plek?

A

Adjourning

B

Storming

C

Forming

D

Performing

Controleert basiskennis van de fasen op slide 8.

Tuckman als denkkader

Bij forming zoeken mensen hun plek. In storming ontstaat spanning of onzekerheid. Bij performing werkt de groep doelgericht samen.

forming
storming
performing
context
lineair
reflectie
afstemming

Drie kernfasen worden hier doelgericht opgehaald zonder alle vijf tegelijk te overvragen.

Welke fase herken jij nu het meest in onze klas?

Bespreek dat meerdere antwoorden verdedigbaar kunnen zijn, mits leerlingen kenmerken noemen uit de klas: zoeken, botsen, afspraken, samenwerken, afronden. Benadruk dat Tuckman een denkkader is, geen diagnose.

Kritisch kijken naar Tuckman

Een model is een hulpmiddel om na te denken. Een model is niet de werkelijkheid zelf. Daarom is het belangrijk om te kijken waar Tuckman helpt én waar het model te simpel wordt.

Deze kernboodschap moet helder landen voordat de verschillende kritiekpunten worden uitgewerkt.

Kritiekpunt 1 en 2

Niet altijd lineair

  • Groepen gaan niet altijd stap voor stap vooruit

  • Een groep kan terugvallen na een conflict of verandering

  • Ontwikkeling verloopt vaak grilliger dan het schema laat zien

  • Sommige groepen hebben weinig open ruzie

  • Spanning kan ook stil of verborgen blijven

  • Goede samenwerking vraagt niet altijd een duidelijke storming-fase

Niet elke groep stormt duidelijk

Gebruik voorbeelden uit school of stage waarin een groep opnieuw moet zoeken door afwezigheid, nieuwe leden of spanning onder de oppervlakte.

Kritiekpunt 3 en 4

Gebaseerd op ouder onderzoek

  • Rooster, docenten en stage beïnvloeden de groep

  • Ook absentie en groepssamenstelling spelen mee

  • Groepsontwikkeling ontstaat dus niet alleen van binnenuit

Te weinig aandacht voor context

  • Het model komt uit een andere tijd

  • Samenwerken van jongeren kan veranderen

  • Digitale communicatie en schoolcultuur maken hedendaagse groepen anders

Maak duidelijk dat 'ouder onderzoek' niet betekent dat het model waardeloos is, maar wel dat het kritisch gelezen moet worden.

Kritiekpunt 5 en 6

  • Een sterke groep kan later toch problemen krijgen

  • Verandering, stress of conflict kan samenwerking verstoren

  • Goed functioneren vraagt blijvende aandacht

Beschrijft meer dan het verklaart

Performing is geen eindstation

  • Tuckman laat zien wat je kunt herkennen

  • Het model verklaart minder goed waarom een groep verandert

  • Voor oorzaken moet je verder kijken dan alleen de fasen

Benadruk dat performing geen permanente toestand is. Dat helpt tegen het idee dat een groep 'klaar' is.

Wanneer is een model nuttig?

  • Als het helpt om patronen te zien

  • Als het taal geeft aan ervaringen in een groep

  • Als je blijft beseffen dat echte groepen complexer zijn

  • Kritisch denken betekent: theorie gebruiken zonder haar klakkeloos over te nemen

Dit is de afronding van het kritische deel. Laat hier de boodschap expliciet landen voordat de klas naar individuele reflectie gaat.

Welke kritiek op Tuckman gaat over invloeden van buitenaf?

A

Niet lineair

B

Te weinig context

C

Geen eindstation

D

Ouder onderzoek

Toetst of leerlingen kritiekpunt 3 kunnen onderscheiden van de andere kritiekpunten.

Kritisch blijven denken

Tuckman is een model dat helpt om patronen te zien. Het beschrijft niet altijd precies de werkelijkheid zelf. Daarom blijft kritisch denken nodig, ook als een model nuttig is.

model
werkelijkheid
model
conflict
schaalvraag
groep
ervaring

Sluit aan op slides 11 en 15: een model helpt, maar valt niet samen met de werkelijkheid.

Wanneer helpt Tuckman wel, ondanks de kritiek?

Verwachte elementen: een model is nuttig als het taal geeft, patronen zichtbaar maakt en gesprek helpt, zolang je uitzonderingen, context en verschillen blijft meenemen.

Individuele reflectie

We gebruiken Tuckman nu om na te denken over onze eigen klas. Het gaat niet om een perfect antwoord, maar om een eerlijke, onderbouwde terugblik op wat jij hebt gezien, ervaren en gedaan.

Noem dat het denkproces belangrijk is, dat krabbels mogen en dat de reflectie ook uit tussenstappen mag bestaan. Computers blijven dicht volgens het lesplan.

Werken met een schaalvraag

  • Geef onze klas een cijfer van 1 t/m 10

  • De vraag blijft dezelfde: is onze klas een prettig samenwerkende groep geworden?

  • Een cijfer maakt je oordeel zichtbaar, maar vraagt ook om uitleg

Verbind dit kort aan oplossingsgericht werken: een schaalvraag helpt om huidige beleving en mogelijke groei concreet te maken.

Voeg hier je vraag toe

This item has no instructions

Een cijfer onderbouwen

  • Wat gaat er dus al goed?

  • Welke sterke punten heeft de klas?

  • Welke successen of verbeteringen zie je?

Waarom dit cijfer?

  • Welke ervaringen passen bij jouw oordeel?

  • Welke momenten uit de klas spelen mee?

  • Wat heb jij gezien in de samenwerking?

Waarom geen lager cijfer?

Het tweede deel is belangrijk: leerlingen benoemen zo niet alleen problemen, maar ook werkzame elementen in de groep.

Verder kijken dan het cijfer

Welke fase herken je?

  • Wat kan er nog beter?

  • Waar schuurt de samenwerking nog?

  • Welke verandering zou verschil maken?

Waarom geen hoger cijfer?

  • Welke fase van Tuckman past het meest bij onze klas?

  • Waar zie je kenmerken van die fase?

  • Past één fase genoeg, of zie je meerdere door elkaar?

Laat leerlingen beseffen dat de koppeling met Tuckman een interpretatie is, geen exacte diagnose.

Mijn rol in de groep

  • Welke bijdrage heb ik geleverd?

  • Welke keuzes maakte ik in de groep?

  • Wat had ik anders kunnen doen?

Stuur op concreet gedrag: initiatief nemen, afwachten, meedoen, vermijden, aanspreken, ondersteunen. Vermijd alleen algemene zelfoordelen.

Wat leer ik over groepen?

  • Samenwerken vraagt meer dan bij elkaar zitten

  • Conflicten zeggen iets over afstemming en veiligheid

  • Groepsontwikkeling hangt samen met gedrag, vertrouwen en context

  • Wat je nu ziet in deze klas, kun je meenemen naar toekomstige groepen

Dit verbindt de persoonlijke reflectie aan bredere professionele groei, passend bij Maatschappelijke Zorg en Sociaal Werk.

Verschillende belevingen, dezelfde groep

Mensen kunnen in dezelfde klas zitten en toch een heel andere ervaring hebben. Dat verschil in beleving laat zien dat een groep niet voor iedereen hetzelfde voelt of hetzelfde betekent.

Koppel dit aan de post-its met cijfers op het bord: verschillen zijn geen fout, maar informatie over perspectief binnen één groep.

Wat nemen we mee?

  • Behouden wat al werkt

  • Verbeteren wat samenwerking belemmert

  • Afspraken maken die zichtbaar gedrag vragen:

- elkaar laten uitspreken

- elkaar aanspreken

- meer verantwoordelijkheid nemen

Noem eventueel ook vaker samenwerken met anderen als voorbeeld uit het lesplan. Houd de focus op concreet en uitvoerbaar gedrag.

Kern van de les

Tuckman kan helpen om over groepen na te denken. Tegelijk blijft het maar een model. De waarde zit niet in blind toepassen, maar in kritisch gebruiken om ervaringen, verschillen en ontwikkeling in een groep beter te begrijpen.

Gebruik dit als inhoudelijke afronding voordat je eventueel overgaat naar beoordeling of vervolgafspraken met trajectbegeleider of mentor.

Welke stap helpt het meest om je cijfer te onderbouwen?

1

Waarom dit cijfer?

2

Waarom niet lager?

3

Waarom niet hoger?

4

Mijn eigen rol

This item has no instructions

Wat neem jij uit deze les mee over groepen?

Metacognitieve exit ticket. Laat leerlingen kort maar concreet antwoorden, bijvoorbeeld over Tuckman als denkkader, verschillen in beleving of hun eigen rol.

Welk onderdeel hielp jou vandaag het meest begrijpen?

Metacognitieve exit ticket over het leerproces. Mogelijke invalshoeken: video, schaalvraag, kritiek op Tuckman, eigen reflectie of klassengesprek.

Begrippenlijst

groepsontwikkeling - de manier waarop een groep in de tijd verandert in gedrag, samenwerking en onderlinge relaties

Tuckman - een model dat fasen van groepsontwikkeling beschrijft

forming - de fase waarin mensen hun plek zoeken en elkaar verkennen

storming - de fase waarin spanning, botsing of onzekerheid zichtbaar kan worden

norming - de fase waarin afspraken, vertrouwen en samenhang groeien

performing - de fase waarin een groep doelgericht en effectief samenwerkt

adjourning - de fase van afronden, afscheid nemen en terugkijken

This item has no instructions

Begrippenlijst

denkkader - een manier om naar een situatie te kijken en erover na te denken

groepsdynamica - de wisselwerking tussen mensen in een groep

context - omstandigheden buiten de personen zelf, zoals rooster, stage of afwezigheid

lineair - stap voor stap in één rechte volgorde verlopend

schaalvraag - een vraag waarbij je een situatie beoordeelt met een cijfer op een schaal

reflectie - terugkijken op ervaringen om ervan te leren

onderbouwde mening - een oordeel dat je kunt uitleggen met redenen en voorbeelden

This item has no instructions