1. Je kunt elektrische en chemische warmtebronnen noemen.
2. Je kunt berekenen hoeveel warmte een elektrische warmtebron in een bepaalde tijd heeft geleverd.
3. Je kunt het verband tussen temperatuur en tijd meten en weergeven in een diagram.
1. Je kunt uitleggen wat warmte is en wat temperatuur is.
2. Je kunt uitleggen wat een warmtebron is.