Basis Marketingtraining


Vraag 1

De directie van een webshop besluit om binnen drie jaar ook vestigingen in België te openen. Wat voor soort beslissing is dit?


A

Een operationele beslissing

B

Een tactische beslissing

C

Een strategische beslissing

1 / 24
next
Slide 1: Quiz
New lesson editorMarketing & CommunicatieMBOStudiejaar 2

This lesson contains 24 slides, with interactive quizzes and text slide.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson


Vraag 1

De directie van een webshop besluit om binnen drie jaar ook vestigingen in België te openen. Wat voor soort beslissing is dit?


A

Een operationele beslissing

B

Een tactische beslissing

C

Een strategische beslissing

Vraag 2

Wanneer gebruikt een bedrijf deskresearch?


A

Als het zelf interviews gaat afnemen bij klanten

B

Als het bestaande informatie gebruikt, zoals rapporten en internetbronnen

C

Als het nieuwe gegevens verzamelt via observaties

Vraag 3

Een sportmerk wil dat het logo, de kleuren en de fotografie passen bij de uitstraling “stoer, actief en duurzaam”.
Waar moet de huisstijl vooral op aansluiten?

A

Op de waardepropositie en positionering van het merk

B

Op de laagste prijs in de markt

C

Op het aantal medewerkers van het bedrijf

Vraag 4

Welke taak hoort bij de marketingfunctie van een bedrijf?


A

Het verwerken van facturen van leveranciers

B

Het onderzoeken van wensen en behoeften van klanten

C

Het controleren van de voorraad in het magazijn

Vraag 5:
Een webwinkel biedt bij het afrekenen automatisch bijpassende accessoires aan.
Bij welk marketinginstrument past dit het best?

A

Product

B

Prijs

C

Promotie

D

Personeel

Vraag 6

Een reisorganisatie richt zich op avontuurlijke jongeren tussen 18 en 25 jaar die graag goedkope groepsreizen boeken.
Welke twee segmentatiecriteria herken je hierin?

A

Demografisch

B

Psychografisch

C

Geografisch

D

Sociaal-economisch

Vraag 8:
Welke volgorde past het best bij het marketingplanningsproces?


A

Doelen stellen – SWOT-analyse – uitvoeren – evalueren

B

SWOT-analyse – marketingdoelstellingen formuleren – activiteiten uitvoeren – evalueren

C

Activiteiten uitvoeren – SWOT-analyse – doelen stellen – evalueren

Vraag 9

Een leverancier geeft 5% korting bij afname van meer dan 1.000 stuks. De klant betaalt direct bij levering en krijgt daardoor nog 2% extra korting.
Welke twee betalingscondities worden toegepast?

A

Staffelkorting

B

Korting voor contant

C

Onder rembours

D

Vaste klantenkorting

Vraag 10

Een nagelsalon richt zich alleen op jonge vrouwen in Breda die luxe nail-art willen.
Welke segmentatiestrategie past hierbij?


A

Ongedifferentieerde marketing

B

Geconcentreerde marketing

C

Gedifferentieerde marketing

Vraag 10

Een nagelsalon richt zich alleen op jonge vrouwen in Breda die luxe nail-art willen.
Welke segmentatiestrategie past hierbij?


A

Ongedifferentieerde marketing

B

Geconcentreerde marketing

C

Gedifferentieerde marketing

Vraag 11

Een producent van sportkleding koopt een groothandel in sportartikelen op om zijn producten zelf beter te verspreiden.
Waarvan is dit een voorbeeld?

A

Differentiatie

B

Specialisatie

C

ntegratie

Vraag 12:
Een verkoper merkt dat een klant twijfelt. Hij stelt vragen, luistert naar de behoefte van de klant en laat daarna zien hoe het product het probleem oplost.
Welke onderdelen van het AIDA-model past hij vooral toe?

A

Attention en Interest

B

Interest en Desire

C

Desire en Action

Vraag 13:

Welke twee instrumenten behoren tot de promotiemix?

A

Salespromotion

B

Persoonlijke verkoop

C

Propositie

D

Positionering

Vraag 14:
Een merk verkoopt zijn producten alleen via één eigen webshop.
Van welk verkoopkanaal is sprake?

A

One-channeling

B

Singlechanneling

C

Omnichanneling

D

Multichanneling

Vraag 15:
Een bedrijf vernieuwt zijn logo, slogan, kleuren en merkverhaal om herkenbaarder te worden.
Welke marketingtechniek past hierbij?

A

Viral marketing

B

Branding

C

Experience marketing

D

Premium pricing

Vraag 16:

Welke marketingdoelstelling is het meest SMART geformuleerd?

A

We willen meer klanten aantrekken.

B

In juni willen we 50 nieuwe nieuwsbriefinschrijvingen behalen via Instagram.

C

We willen onze naamsbekendheid flink verbeteren en laten stijgen naar 95%

D

De doelstelling is om in januari de klanttevredenheid te verhogen

Vraag 17:

Een fietsenwinkel merkt dat steeds meer concurrenten elektrische fietsen aanbieden en besluit het assortiment aan te passen.
Welke marketingomgeving speelt hier vooral een rol?

A

Niche

B

Micro

C

Meso

D

Macro

Vraag 18:

Een festivalorganisatie bepaalt de prijs van tickets op basis van hoeveel bezoekers bereid zijn te betalen voor populaire artiesten.
Op welke prijsstelling is dit vooral gebaseerd?

A

Kostengeoriënteerde prijsstelling

B

Concurrentiegeoriënteerde prijsstelling

C

Vraaggeoriënteerde prijsstelling

Vraag 19:
Een distributeur van laptops besluit ook bureaustoelen en vergadertafels te verkopen.

Welke invloed heeft dit op het assortiment?

A

Het assortiment wordt dieper en consistenter

B

Het assortiment wordt smaller en goedkoper

C

Het assortiment wordt breder en mogelijk minder consistent

Vraag 20:
Een consument vindt merk A luxer en duurder dan merk B,

terwijl beide merken vergelijkbare producten verkopen.

Dit gaat vooral over:

A

Positionering

B

Betalingscondities

C

Voorraadbeheer

Een consument vindt merk A luxer en duurder dan merk B,

terwijl beide merken vergelijkbare producten verkopen.

A

Positionering

B

Betalingscondities

C

Voorraadbeheer

Vraag lorem ipsum

Sleepvraag

sleepdoel

sleepdoel

sleepdoel

sleepdoel

sleepdoel

sleepdoel

sleepcomponent

sleepcomponent

sleepcomponent

sleepcomponent

sleepcomponent

sleepcomponent

Een consument vindt merk A luxer en duurder dan merk B,

terwijl beide merken vergelijkbare producten verkopen.

Dit gaat vooral over:

A

Positionering

B

Betalingscondities

C

Voorraadbeheer

Bedankt

Naam auteur

contactgegevens