4 havo - week 39 (parler C + écrire D; ww -er + voca)

1 / 49
next
Slide 1: Slide
FransMiddelbare schoolmavoLeerjaar 1

This lesson contains 49 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 50 min
Report this lesson

Items in this lesson

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Bonjour havo 4 !
semaine 39

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Slide 3 - Slide

This item has no instructions

Slide 4 - Slide

This item has no instructions

JdW-kijkwijzer
Lesopbouw:

  1. Vooraf:
    Startklaar, Voorkennis activeren, Formatief Handelen

  2. Instructie:
    Leerdoelgericht werken, Inclusieve didactiek, Concrete en herkenbare voorbeelden, Formatief Handelen

  3. Toepassing:
    Actieve verwerking, Formatief handelen 

  4. Evaluatie:
    Afsluiting

Slide 5 - Slide

This item has no instructions

Icoontjes:
Sla deze slide op in je favorieten of klik op het oog om de slide te verbergen.

Kleurcodes:
De kleurcodes in deze les verschillen per lesfase:

Info
<a href="https://help.lessonup.com/nl/articles/4875571-eigen-kleuren-toevoegen-aan-lessonup">https://help.lessonup.com/nl/articles/4875571-eigen-kleuren-toevoegen-aan-lessonup</a>
informatie
doen
Voorkennis activeren
#EBE7F7
#9C89D7
Theorie/Instructie
#F8DACF 
#FE8F6B
Verwerking
#C4E5C9
#38A84A
Afsluiting
#EBE7F7
#9C89D7

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

"Ruimte voor een belangrijke 
uitspraak waar je net wat meer aandacht aan wil geven"
Ondertitel / naam

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

              Startklaar
  • Op je plek zitten 
  • Telefoon thuis of in de kluis
  • Jas over de stoel, oortjes in de tas, tas op de grond
  • Schoolspullen op tafel: Boek, Chromebook, JdW-map, etui 
timer
3:00

Slide 8 - Slide

1. Startklaar
Bij de start van iedere les verwelkomt de docent de leerlingen bij de ingang van de deur, noemt leerlingen bij naam, maakt oogcontact en besteedt aandacht aan hun welbevinden. De docent geeft het goede voorbeeld en spreekt hoge verwachtingen uit voor het verloop van de les door succescriteria op gewenst gedrag, schooltaal en effectief leren te benoemen. De leerlingen zijn startklaar: ingelogd in LessonUp, telefoons opgeborgen in het Zakkie, en JdW-map op tafel.
Lesplanning
  • Voorkennis activeren 
  • Corriger les devoirs
  • Leerdoelen van de les 
  • Vocabulaire
  • Écrire D & 
  • Grammaire: werkwoorden op -er
  • Exercices
  • # Exit ticket 

Slide 9 - Slide

This item has no instructions

Voorkennis activeren

Dernier cours ?

Slide 10 - Mind map

2. Voorkennis activeren
De docent activeert relevante voorkennis aan de hand van een terugblik-opdracht, waarbij eventueel een beroep op de thuistalen wordt gedaan. Op deze manier biedt de docent een kapstok om nieuwe stof te verbinden aan de eerder geleerde stof en richting te geven aan het verdere verloop van de les. Tegelijkertijd worden hiermee misconcepties van leerlingen zichtbaar gemaakt, waar de docent vervolgens gericht op in kan spelen. 

Slide 11 - Slide

This item has no instructions

         Voorkennis activeren
Traduis les mots dans ton cahier (FR-NL / NL-FR):
1. je suis né(e)
2. hij laat mij lachen
3. il m'écoute
4. elle m'aide
5. de hobby
6. faire des bijoux
7. ik rust uit
8. je me promène

Slide 12 - Slide

Voorkennis activeren:
In iedere les wordt relevante voorkennis geactiveerd aan de hand van een terugblik-opdracht om zo de mate van stofbeheersing te bepalen en richting te geven aan de rest van de les.

Enkele werkvormen die zich hier mooi voor lenen zijn:
aller, faire, être, avoir
zijn
A
regelmatige werkwoorden
B
onregelmatige werkwoorden

Slide 13 - Quiz

This item has no instructions

Uitgang van werwoorden op -er in het tegenwoordig tijd
A
ais,ais,ait,ions, iez aient
B
as,as,a,ons,ez, ont
C
e, es, e, ons, ez, ent
D
e,es,e,ions, iez, ient

Slide 14 - Quiz

This item has no instructions

ETRE: zij zijn
A
vous êtes
B
nous sommes
C
ils sont
D
elles sont

Slide 15 - Quiz

This item has no instructions

ETRE: hij heeft
A
il as
B
il est
C
il ont
D
il a

Slide 16 - Quiz

This item has no instructions

ETRE: hij is
A
elle est
B
il es
C
il est
D
elle es

Slide 17 - Quiz

This item has no instructions

vous .......... (etre)
A
êtes
B
etre
C
e
D
es

Slide 18 - Quiz

This item has no instructions

Kun je de werkwoorden op -er / avoir / etre nu zelf gebruiken?
A
ja
B
nee
C
mwah...

Slide 19 - Quiz

This item has no instructions

           Révision

Slide 20 - Slide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. De docent start met modelleren en laat leerlingen vervolgens actief inoefenen. Volgens het 'ik-wij-jullie/jij-wij' principe wordt de ondersteuning geleidelijk afgebouwd. Er wordt gevarieerd in oefentypes en het leerproces wordt zichtbaar gemaakt, bijvoorbeeld met hardop denken opdrachten. Effectieve leerstrategieën zoals zelftesten, gespreid leren, schema’s maken, en samenvatten volgens de Cornell-methode worden expliciet aangeleerd. Dit herkneden van de lesstof helpt bij het bewerken van het lange termijn geheugen
         Corriger les devoirs
Exercice 27 pages 33-36


Slide 21 - Slide

Voorkennis activeren:
In iedere les wordt relevante voorkennis geactiveerd aan de hand van een terugblik-opdracht om zo de mate van stofbeheersing te bepalen en richting te geven aan de rest van de les.

Enkele werkvormen die zich hier mooi voor lenen zijn:

Slide 22 - Slide

This item has no instructions

         Corriger les devoirs
Réponds aux questions (p.30):

Slide 23 - Slide

Voorkennis activeren:
In iedere les wordt relevante voorkennis geactiveerd aan de hand van een terugblik-opdracht om zo de mate van stofbeheersing te bepalen en richting te geven aan de rest van de les.

Enkele werkvormen die zich hier mooi voor lenen zijn:

Voorkennis
Voorkennis
Voorkennis
Voorkennis
A
B
C
D

Slide 24 - Quiz

This item has no instructions

timer
5:00
Voorkennis
Vraag 1
Vraag 2
Vraag 3
Vraag 4

Slide 25 - Slide

This item has no instructions

           Leerdoelen
  1. T1: Ik kan de regelmatige werkwoorden op -er in de présent toepassen.
  2. R: Ik ken woorden die te maken hebben met jezelf voorstellen en vrije tijd
  3. Ik kan een Franse schoolsituatie vergelijken met mijn eigen school en mezelf in eenvoudige Franse zinnen beschrijven.


Slide 26 - Slide

3. Leerdoelgericht werken
De docent geeft het onderwerp, RTTI geformuleerde leerdoelen en de lesopbouw aan. De docent weet de leerdoelen goed te laten aansluiten bij de voorkennis en het (taal)niveau van de leerlingen. Gedurende de les wordt continu een terugkoppeling naar de leerdoelen gemaakt om de mate van beheersing te controleren.   
        Vocabulaire - semaine 39
   




  



                       Révise les mots pendant 5-6 minutes.                                                        
                                                                                                                                  p.43

Slide 27 - Slide

Inleiding
Door een goede inleiding voelen leerlingen zich betrokken en begrijpen ze het belang van wat ze gaan leren. Dit vergroot hun motivatie en leerresultaten. 
              Inleiding
C'est quoi?

  • Werkwoorden op -er in de présent ?
  • Onregelmatige werkwoorden in de présent ?

Slide 28 - Slide

Inleiding
Door een goede inleiding voelen leerlingen zich betrokken en begrijpen ze het belang van wat ze gaan leren. Dit vergroot hun motivatie en leerresultaten. 
           Theorie
                                                                                                              







                                                                                                                                    

                                                                                                                                                 p.33

Slide 29 - Slide

4. Inclusieve didactiek
De docent past diverse strategieën toe om de betrokkenheid van alle leerlingen te garanderen. Door regelmatig het begrip van de lesstof te controleren en zo nodig de uitleg aan te passen, blijft de stof toegankelijk voor iedereen. Flexibele en heterogene differentiatie ondersteunt dit proces. Interactie in de klas wordt versterkt door het gebruik van thuistalen. Verder creëert de docent een contextrijke en inclusieve leeromgeving door (culturele) achtergronden in de lesstof te integreren. Door positief en proactief op leerlinggedrag te reageren, wordt het voor leerlingen makkelijker om gewenst gedrag te tonen en actief deel te nemen aan de les.


           Theorie
Uitgangen werkwoorden op -er:








Deze moet je uit je hoofd leren!

Slide 30 - Slide

4. Inclusieve didactiek
De docent past diverse strategieën toe om de betrokkenheid van alle leerlingen te garanderen. Door regelmatig het begrip van de lesstof te controleren en zo nodig de uitleg aan te passen, blijft de stof toegankelijk voor iedereen. Flexibele en heterogene differentiatie ondersteunt dit proces. Interactie in de klas wordt versterkt door het gebruik van thuistalen. Verder creëert de docent een contextrijke en inclusieve leeromgeving door (culturele) achtergronden in de lesstof te integreren. Door positief en proactief op leerlinggedrag te reageren, wordt het voor leerlingen makkelijker om gewenst gedrag te tonen en actief deel te nemen aan de les.


           Instructie

Slide 31 - Slide

4. Inclusieve didactiek
De docent past diverse strategieën toe om de betrokkenheid van alle leerlingen te garanderen. Door regelmatig het begrip van de lesstof te controleren en zo nodig de uitleg aan te passen, blijft de stof toegankelijk voor iedereen. Flexibele en heterogene differentiatie ondersteunt dit proces. Interactie in de klas wordt versterkt door het gebruik van thuistalen. Verder creëert de docent een contextrijke en inclusieve leeromgeving door (culturele) achtergronden in de lesstof te integreren. Door positief en proactief op leerlinggedrag te reageren, wordt het voor leerlingen makkelijker om gewenst gedrag te tonen en actief deel te nemen aan de les.


           Voorbeelden

Slide 32 - Slide

5. Concrete en herkenbare voorbeelden
De docent maakt gebruik van praktische en concrete voorbeelden die voor leerlingen herkenbaar zijn in hun eigen leefwereld om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent doet hierbij een beroep op dual coding. Door het visuele en het verbale te combineren vergroot de docent de kans dat lesstof beter bij de leerlingen blijft beklijven. 
           Voorbeelden

Slide 33 - Slide

5. Concrete en herkenbare voorbeelden
De docent maakt gebruik van praktische en concrete voorbeelden die voor leerlingen herkenbaar zijn in hun eigen leefwereld om tot beter begrip van de lesstof te komen. De docent doet hierbij een beroep op dual coding. Door het visuele en het verbale te combineren vergroot de docent de kans dat lesstof beter bij de leerlingen blijft beklijven. 

Complète:

Adam ........ en écoutant de la musique.
A
marches
B
marche
C
marchent

Slide 34 - Quiz

7. Formatief handelen
De docent geeft de leerlingen gedurende de les gerichte feedback, feedup en feedforward op de op de inhoud van het werk, de leerstrategie, het gedrag en op zelfsturing. De docent bevraagt willekeurig leerlingen met open vragen. De docent stimuleert kwaliteitsbesef onder leerlingen door bijvoorbeeld leerlingen elkaars werk te laten vergelijken of uitgewerkte voorbeelden te gebruiken, gevolgd door geïnformeerde vervolgstappen.

Complète:

Mes parents ........ de bonnes vacances.
A
passent
B
passons
C
passez

Slide 35 - Quiz

7. Formatief handelen
De docent geeft de leerlingen gedurende de les gerichte feedback, feedup en feedforward op de op de inhoud van het werk, de leerstrategie, het gedrag en op zelfsturing. De docent bevraagt willekeurig leerlingen met open vragen. De docent stimuleert kwaliteitsbesef onder leerlingen door bijvoorbeeld leerlingen elkaars werk te laten vergelijken of uitgewerkte voorbeelden te gebruiken, gevolgd door geïnformeerde vervolgstappen.

Complète:

Tu ........ sur l'ordinateur.
A
travaille
B
travaillent
C
travailles

Slide 36 - Quiz

7. Formatief handelen
De docent geeft de leerlingen gedurende de les gerichte feedback, feedup en feedforward op de op de inhoud van het werk, de leerstrategie, het gedrag en op zelfsturing. De docent bevraagt willekeurig leerlingen met open vragen. De docent stimuleert kwaliteitsbesef onder leerlingen door bijvoorbeeld leerlingen elkaars werk te laten vergelijken of uitgewerkte voorbeelden te gebruiken, gevolgd door geïnformeerde vervolgstappen.

Complète:

Lina et Sarah ........ jouer au tennis.
A
aimes
B
aimez
C
aiment
D
aimons

Slide 37 - Quiz

7. Formatief handelen
De docent geeft de leerlingen gedurende de les gerichte feedback, feedup en feedforward op de op de inhoud van het werk, de leerstrategie, het gedrag en op zelfsturing. De docent bevraagt willekeurig leerlingen met open vragen. De docent stimuleert kwaliteitsbesef onder leerlingen door bijvoorbeeld leerlingen elkaars werk te laten vergelijken of uitgewerkte voorbeelden te gebruiken, gevolgd door geïnformeerde vervolgstappen.

Wanneer is mijn opdracht goed?
Leerlingen noteren hier succescriteria

Slide 38 - Open question

Succescriteria
Hiermee maak je leerlingen duidelijk wat er van hen verwacht wordt en welke criteria bepalen of hun werk succesvol is. Dit helpt hen beter te begrijpen waar ze naartoe werken en verhoogt hun focus en motivatie. Door succescriteria te bespreken of samen met leerlingen op te stellen, bevorder je eigenaarschap en geef je hen een concreet kader om hun werk aan te toetsen tijdens en na het uitvoeren van de opdracht.
           Aan de slag
Décrire quelqu'un:
Choisis une photo d’un personnage connu / 
d’une célébrité et décris-le ou décris-la. 
Écris environ quinze phrases et utilise le présent
avec les verbes en -er/ etre / avoir.





Utilise ton livre à partir de la page 43

                                                                                                                                                
timer
20:00

Slide 39 - Slide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. De docent start met modelleren en laat leerlingen vervolgens actief inoefenen. Volgens het 'ik-wij-jullie/jij-wij' principe wordt de ondersteuning geleidelijk afgebouwd. Er wordt gevarieerd in oefentypes en het leerproces wordt zichtbaar gemaakt, bijvoorbeeld met hardop denken opdrachten. Effectieve leerstrategieën zoals zelftesten, gespreid leren, schema’s maken, en samenvatten volgens de Cornell-methode worden expliciet aangeleerd. Dit herkneden van de lesstof helpt bij het bewerken van het lange termijn geheugen
           Le caroussel culturel p. 39 
Entre les murs https: //www.youtube.com/watch?v=Aoj1Fp3Az5E
1. Vooraf · 5 minuten
Wat maakt een persoonlijk verhaal interessant? Denk eerst zelf na en bespreek je antwoord met je buur.
2. Kijken · 10 minuten
Bekijk het filmfragment. Noteer:
-Eén overeenkomst met onze klas.
-Eén verschil met onze klas.
3. In gesprek · 5 minuten
“Mijn gevoelens en emoties zijn privé. Een docent hoeft daar niets over te weten.”
Ben je het eens of oneens? Geef een argument en luister naar elkaar. Je hoeft geen persoonlijke ervaringen te delen.
4. Mon autoportrait · 10 minuten
Maak een mindmap met je naam in het midden en vijf eigenschappen in het Frans. Schrijf daarna vijf Franse zinnen over jezelf.
Gebruik bijvoorbeeld:
Je suis.../ J’aime…/ Je n’aime pas…/ Pour moi, … est important/ Plus tard, je voudrais…









                                                                                                                                                p.33

Slide 40 - Slide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. De docent start met modelleren en laat leerlingen vervolgens actief inoefenen. Volgens het 'ik-wij-jullie/jij-wij' principe wordt de ondersteuning geleidelijk afgebouwd. Er wordt gevarieerd in oefentypes en het leerproces wordt zichtbaar gemaakt, bijvoorbeeld met hardop denken opdrachten. Effectieve leerstrategieën zoals zelftesten, gespreid leren, schema’s maken, en samenvatten volgens de Cornell-methode worden expliciet aangeleerd. Dit herkneden van de lesstof helpt bij het bewerken van het lange termijn geheugen

De vraag kan hier 
geplaatst worden.
A
a.
B
b.
C
c.
D
d.

Slide 41 - Quiz

7. Formatief handelen
De docent geeft de leerlingen gedurende de les gerichte feedback, feedup en feedforward op de op de inhoud van het werk, de leerstrategie, het gedrag en op zelfsturing. De docent bevraagt willekeurig leerlingen met open vragen. De docent stimuleert kwaliteitsbesef onder leerlingen door bijvoorbeeld leerlingen elkaars werk te laten vergelijken of uitgewerkte voorbeelden te gebruiken, gevolgd door geïnformeerde vervolgstappen.
           Afsluiting
Leerdoelen
T1: Ik kan de regelmatige werkwoorden op -er in de présent toepassen, avoir, être en faire in de présent toepassen.
R: Ik ken woorden die te maken hebben met jezelf voorstellen en vrije tijd.
Ik kan een Franse schoolsituatie vergelijken met mijn eigen klas en mezelf in eenvoudige Franse zinnen beschrijven.

Les devoirs
Ecrire son autoportrait (zie voorbeeld op som)
Apprendre le vocabulaire semaine 39 (page 

Slide 42 - Slide

8. Afsluiting
De docent controleert in de slotfase van de les of de leerdoelen door alle leerlingen behaald zijn en plaatst de les in de context van de betreffende periode. De docent evalueert samen met de leerlingen het leren en het gedrag en blikt vooruit aan de hand van de JdW-planner. 
           Afsluiting
Examenidioom
PO spreekvaardigheid

Slide 43 - Slide

8. Afsluiting
De docent controleert in de slotfase van de les of de leerdoelen door alle leerlingen behaald zijn en plaatst de les in de context van de betreffende periode. De docent evalueert samen met de leerlingen het leren en het gedrag en blikt vooruit aan de hand van de JdW-planner. 
           Begrippen
           uit deze les

  • ...
  • ...

Slide 44 - Slide

This item has no instructions

Exit ticket (formatief evalueren)

Zie voorbeelden in de map TOOLS van de gedeelde map.
Je kunt voor meer Exit tickets ook op onderstaande website kijken:

Slide 45 - Slide

Formatief evalueren: 
Het werken met leerdoelen maakt effectief feedback geven mogelijk.
Gedurende de les wordt continue geëvalueerd in hoeverre de leerlingen de leerdoelen
beheersen. Leerlingen gaan pas aan de slag met het volgende leerdoel wanneer zij
aantonen de vorige te beheersen. De docent laat op verschillende manieren weten waar
leerlingen naartoe werken (feed-up), of zij goed bezig zijn (feed-back) en wat de volgende
stap is (feedforward). Deze feedback is niet alleen gericht op een taak/product, maar vooral
ook op hoe leerlingen op een juist antwoord zijn gekomen (proces). Enkele praktische tips
om met formatief evalueren aan de slag te gaan: https://toetsrevolutie.nl/?p=2298 &
https://hetdigitalewerkvormenboek.files.wordpress.com/2020/07/het-digitale-
werkvormenboek.pdf

Slide 46 - Open question

This item has no instructions

Klik op de spinner
Formatief evalueren

Slide 47 - Slide

This item has no instructions


Ben je blij met het resultaat?
😒🙁😐🙂😃

Slide 48 - Poll

This item has no instructions

Eindslide

Ruimte voor een afsluitend woord.

Slide 49 - Slide

This item has no instructions