1.3 Rivieren in de oceanen

1.3 Rivieren in de oceanen
H1 Het klimaatsysteem
Klimaatvraagstukken
1 / 17
next
Slide 1: Slide
AardrijkskundeMiddelbare schoolvwoLeerjaar 5

This lesson contains 17 slides, with text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 40 min

Items in this lesson

1.3 Rivieren in de oceanen
H1 Het klimaatsysteem
Klimaatvraagstukken

Slide 1 - Slide

Lesdoel
  • Wat is de invloed van zeestromen op het klimaat?
  • Wat zijn El Niño en La Niña?

Slide 2 - Slide

Zeestromen

Slide 3 - Slide

Wat valt je op aan de richting van de zeestromen?

Slide 4 - Slide

Zeestromen
Warm: van evenaar naar polen, distributie warm zeewater
Koud: van polen naar evenaar, distributie koud zeewater. 

Warme zeestroom: minder koud in de winter
Koude zeestroom: minder warm in de zomer

Slide 5 - Slide

Invloed golfstroom

Slide 6 - Slide

Thermohaline circulatie

Slide 7 - Slide

Thermohaline circulatie
Thermo:
Koud water heeft een hogere dichtheid, dus is zwaarder. 

Haline:
Warm zeewater iets zouter, want meer verdamping.
Zout water is zwaarder.



Slide 8 - Slide

Thermohaline circulatie
  • Warme golfstroom, bevat meer zout.
  • Stroomt naar Noordwest Europa, koelt af. 
  • Zakt weg bij IJsland (diepwaterpomp) en stroomt als dieptestroom terug.
  • Water welt op bij diepzeetroggen vanwege aflandige wind. 

Slide 9 - Slide

Slide 10 - Slide

El Niño

Slide 11 - Slide

El Niño
Normale systeem draait om:
Drukverschillen minderen, passaten verzwakken/verdwijnen
Ergste geval: omdraaien windrichting. 

Westenwind -> westelijke zeestroom.
Peru: geen opwellend koud water, geen visvangst, neerslag leidt tot overstromingen. 
Indonesië: weinig neerslag, bosbranden. 

Slide 12 - Slide

Slide 13 - Slide

Slide 14 - Slide

La Niña
Oostelijke wind -> zeestroom van Peru naar Indonesië

Kust Peru: opwellend koud diepzeewater (thermocline komt omhoog)
-> koelt lucht af
-> hogedrukgebied boven Peru

Indonesië en Australië: aanvoer warm water
-> warmt lucht op
-> Sterker lagedrukgebied -> veel neerslag

Versterke situatie: La Niña, grotere drukverschillen met sterkere stromingen en passaten. 

Slide 15 - Slide

Slide 16 - Slide

Slide 17 - Video