Wat vind jij van de lessen Nederlands?
Wat vind jij van de lessen Nederlands?
Wat wil je graag veranderen?
Heb je een voorstel/idee?
Het pronomen
Het pronomen =
mensen
dingen (objecten)
ZONDER EEN NAAM TE NOEMEN
Ik ben blij vandaag.
Jij hebt een mooie jas.
Hij is vriendelijk.
Wij wandelen graag.
Jullie studeren goed.
Zij maken veel plezier.
Het pronomen
Ik heb jou gisteren gezien.
Zij kent hem niet.
Wij willen jullie graag helpen.
Subject
GEEN subject
Het pronomen
Ik heb jouw hond gisteren gezien.
Zij kent zijn hond niet.
Wij willen jullie hond graag helpen.
bezit = possesief pronomen
Oefening: het pronomen
Is dit ____ boek?
jouw
jij
Kom binnen! Dit is ___ huis
mijn
me
ik
Wij gaan met ___ kinderen naar het strand
ons
onze
we
De boeken zijn van Adil en Nora.
Dit zijn ___ boeken.
onze
hun
jullie
Ik heb mijn broer niet gezien.
Ik heb ____ niet gezien.
hij
hem
haar
hen
De cursisten werken hard. ___ zijn goed bezig!
haar
zijn
zij
zei
____ test was goed!
ons
onze
wij
zij
Maryna heeft een cursus. De cursus is van ____
hem
zij
zijn
haar
Vul het pronomen in (kies onderaan)
Sara heeft een zus. Ik ken haar goed.
Jij hebt een nieuwe telefoon. Is dit jouw telefoon?
Mijn broer is ziek. Ik bel hem vandaag.
Peter en Anna hebben een huis. Het is hun huis.
Wij hebben een groot huis. Het is ons huis.
De kinderen spelen buiten. Ik roep hen voor het eten.
Mama, wij hebben een probleem. Kun je ons helpen?
Ik heb een cadeau voor jou en Mahmed. Het is voor jullie.