MTH, leerjaar 2, blok 6, les 3

MTH Blok 2 les 3
Tetanus 
1 / 27
next
Slide 1: Slide
MBO

This lesson contains 27 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

Items in this lesson

MTH Blok 2 les 3
Tetanus 

Slide 1 - Slide

Slide 2 - Video

Tetanus is een infectieziekte waar je heel ziek van kunt worden. Het geeft problemen met je zenuwen. 

De ziekte komt over de hele wereld voor. Als je niet gevaccineerd bent, kan het heel gevaarlijk zijn. 

De tetanusvaccinatie zit in het Rijksvaccinatieprogramma. Daarom komt het in Nederland maar een paar keer per jaar voor.

Slide 3 - Slide

Tetanusbacterie
Tetanus krijg je door de bacterie Clostridium tetani. 
  • De bacterie heeft de vorm van een staaf. 
  • Hij kan overleven in een omgeving waar weinig zuurstof is. Daarom noem je hem anaeroob. 
  • De tetanusbacterie gaat zelfs dood wanneer te veel zuurstof in de omgeving zit.  

Slide 4 - Slide

Tetanusbacterie
De tetanusbacterie kan sporen maken. 
Sporen zijn bacteriën die ‘slapen’.

Dit doen ze als de omgeving niet fijn is om in te leven. Wanneer de omgeving wel weer fijn is om in te leven, komen de sporen weer tot leven. 

Op die manier kunnen sporen bijvoorbeeld overleven in een omgeving met grote verschillen in temperatuur.
 

Slide 5 - Slide

De sporen van de tetanusbacterie zitten in de bovenste lagen van de grond, vooral op vuile straten. 

Daarnaast kunnen de sporen in het maag-darmkanaal van zoogdieren zitten. 

Slide 6 - Slide

Sinds de invoering van het tetanusvaccin in het rijksvaccinatieprogramma komt tetanus in Nederland........meer voor.
A
Niet
B
Weinig

Slide 7 - Quiz

Iemand krijgt een tetanus injectie.
Wat is tetanus?
A
Een virus die je kan oplopen door een verkoudheid.
B
Een bacterie die je kan oplopen door straatvuil.
C
Een bacterie die je kan oplopen door bloedcontact.
D
Een virus die je kan oplopen door een bacterie in een wond.

Slide 8 - Quiz

Wat is de besmettingsweg van tetanus?
A
Via de lucht
B
Via het maag- darmkanaal
C
Via een wond van grond of straatvuil of door een dierenbeet
D
Via de kat, het wordt ook kattenkrab ziekte genoemd

Slide 9 - Quiz

Diagnostiek 
Tetanus is een klinische diagnose. 
Dit betekent dat een arts de diagnose tetanus kan stellen zonder aanvullend onderzoek te doen. 

Alleen anamnese, waarbij de arts vraagt naar typische symptomen en lichamelijk onderzoek zijn genoeg om de ziekte vast te stellen. 

Slide 10 - Slide

Diagnostiek 
Het is ook belangrijk te vragen of de zorgvrager gevaccineerd is. 

Daarnaast vraagt de arts naar de plek waar tetanus opgelopen kan zijn, bijvoorbeeld of de zorgvrager gebeten is door een dier of op straat is gevallen.  

Soms kunnen bij een infectieziekte antistoffen in het bloed onderzocht worden. Dit zijn stoffen die je lichaam aanmaakt om tegen gifstoffen van een bacterie of virus te vechten.

Slide 11 - Slide

Diagnostiek 
Deze gifstoffen heten ook wel toxinen. 
Een andere naam voor de gifstoffen van de tetanusbacterie is tetanospasminen. 

Antistoffen bepalen tegen deze gifstoffen helpt niet mee bij het stellen van de diagnose tetanus. 

Dit wordt daarom niet bij alle zorgvragers gedaan. Heel soms wordt onderzocht of de bacterie in de wond terug te vinden is. 

Slide 12 - Slide

Behandeling 
Als je geen behandeling krijgt voor tetanus, kun je hieraan dood gaan. 

Het is daarom heel belangrijk dat je zo snel mogelijk de goede behandeling krijgt. 

Deze heeft een aantal onderdelen: 

Slide 13 - Slide

1. Het doden en verwijderen van bacteriën die in de wond zitten. Dit wordt op de volgende manier gedaan:  
  • De vuile delen van de wond worden met een chirurgisch mesje weggesneden; 
  • De wond wordt schoongemaakt met NaCl 0,9%; 
  • De wond wordt niet afgedekt met bijvoorbeeld een pleister of verbandje. 

De tetanusbacterie kan moeilijk overleven in een omgeving met veel zuurstof. 
Daarom is het belangrijk dat de wond genoeg zuurstof krijgt. 

Slide 14 - Slide

2. Het onschadelijk maken van de toxinen die de bacterie maakt. Dit wordt op de volgende manier gedaan:
  • Je krijgt een injectie met een hoge dosis antistoffen in je spier. 
       Deze antistoffen heten ook wel tetanus-immunoglobuline (afkorting is 
       TIG). TIG komt uit bloed van mensen en werkt heel goed tegen de 
       infectie. 
  • Soms krijg je de injectie in je ruggenmerg. Dit noem je intrathecaal. 
  • De aanbevolen dosis TIG is 3000 IE per dag op twee dagen achter elkaar.     Deze hoeveelheid wordt iedere dag verdeeld in twaalf kleine delen. 
       Deze delen worden op verschillende plekken ingespoten.

Slide 15 - Slide

3. Het geven van ondersteunende zorg en medicatie. Denk dan bijvoorbeeld aan:  
  • beademing; 
  • kalmeringstabletten; 
  • pijnstillers;
  • spierverslappers.  
Het is belangrijk dat je zo weinig mogelijk prikkels krijgt. 
Dingen als kou, geluid en aanrakingen moeten dus voorkomen worden. 
Deze dingen kunnen zorgen voor pijnlijke krampen van je spieren.

Slide 16 - Slide

Primaire preventie 

Slide 17 - Slide

Immunisatie
Primaire preventie betekent voorkomen dat gezonde mensen een bepaalde ziekte krijgen. 
Bij de primaire preventie van tetanus is immunisatie belangrijk. 

Immunisatie is zorgen dat iemand niet vatbaar is voor een ziekte. Die persoon is dan immuun. 
Immunisatie kan actief of passief gebeuren. 

Slide 18 - Slide

Passieve immunisatie 
Passieve immunisatie wordt gedaan als je besmet bent, of de kans bestaat dat je besmet bent. 

Je krijgt dan ‘kant-en-klare’ antistoffen. Deze antistoffen beschermen je meteen. 
Tetanus-immunoglobuline (afkorting is TIG). TIG komt uit bloed van mensen en werkt heel goed tegen de infectie. 

Slide 19 - Slide

Actieve immunisatie
Bij actieve immunisatie krijg je verzwakte of dode ziekteverwekkers, delen van ziekteverwekkers of onschadelijk gemaakte gifstoffen. 
Je gaat hierop reageren door zelf antistoffen aan te maken. 

Een voorbeeld van actieve immunisatie is een vaccinatie.

Het voordeel van actieve immuniteit tegenover passieve immuniteit is dat deze je in veel gevallen langer beschermt. 

Slide 20 - Slide

Actieve immunisatie
Sinds 1950 krijgen alle kinderen in Nederland een vaccinatie tegen tetanus. 
Deze vaccinatie zit in het Rijksvaccinatieprogramma.

Totdat een kind één jaar is krijgt hij of zij vier vaccinaties tegen tetanus. 
Dit is de basisimmunisatie.

Slide 21 - Slide

Actieve immunisatie
Wanneer het kind vier is krijgt hij of zij nog een extra vaccinatie, en ook wanneer het kind negen is. 

Kinderen die alle vaccinaties hebben gehad die bij hun leeftijd passen, zijn zo goed mogelijk gevaccineerd. 

Een kind van zes jaar is bijvoorbeeld zo goed mogelijk gevaccineerd, wanneer hij of zij de vier injecties voordat hij of zij één jaar is heeft gehad en daarna ook de extra vaccinatie toen hij of zij vier jaar was.

Slide 22 - Slide

Actieve immunisatie
Als je deze vaccinaties niet hebt gehad als kind, krijg je het advies om je toch nog te laten vaccineren. 
Basisimmunisatie heeft dan drie injecties (in plaats van vier zoals bij kinderen). Deze krijg je in een bepaald schema. 

Tussen de eerste en de tweede vaccinatie zit een periode van ongeveer een maand (vier tot vijf weken). 
De derde injectie krijg je minstens een half jaar na de tweede vaccinatie. Dit schema heet het 0-1-7-schema.

Slide 23 - Slide

Actieve immunisatie
Als je het schema goed hebt gevolgd, ben je zo goed mogelijk gevaccineerd.

Als je goed gevaccineerd bent, ben je in ieder geval tien jaar beschermd tegen tetanus, maar waarschijnlijk zelfs langer. 

De bescherming wordt alleen steeds een beetje minder. Daarom krijg je het advies om iedere tien jaar een nieuwe vaccinatie te halen. Dit is een boosterinjectie. 

Slide 24 - Slide

Bij kinderen die worden ingeënt met de dktp-prik (difterie, kinkhoest, pokken en tetanus) en de BMR-prik(Bof, Rode hond en Mazelen)worden verzwakte ziekteverwekkers ingespoten.
Is hierbij sprake van natuurlijke immuniteit , actieve immunisatie of van passieve immunisatie?
A
Van natuurlijke immuniteit.
B
Van actieve immunisatie.
C
Van passieve immunisatie

Slide 25 - Quiz

Op welke leeftijd wordt gevaccineerd voor tetanus?
A
4 vaccinaties tussen 0 en 1 jaar, op 4 jarige leeftijd en op 9-jarige leeftijd
B
4 vaccinaties tussen 0 en 1 jaar
C
op 1-jarige, 4-jarige, en 9-jarige leeftijd
D
Op 4-jarige en 9 jarige leeftijd

Slide 26 - Quiz

Huiswerk theorie
Lezen studiemateriaal:
Module e-Xpert mbo DA: Medisch technische handelingen - Tetanusvaccinatie. 

Slide 27 - Slide