hww/kww/zww

uitleg hulp-, koppel- en zelfstandigwerkwoord.
1 / 10
next
Slide 1: Slide

This lesson contains 10 slides, with interactive quizzes and text slides.

Items in this lesson

uitleg hulp-, koppel- en zelfstandigwerkwoord.

Slide 1 - Slide

zelfstandigwerkwoord
Geeft de handeling aan
Het belangerijkste WW in de zin
Altijd maar 1 in de zin
Meestal het laatste WW


Ik ben naar de stad gelopen

Slide 2 - Slide

koppelwerkwoord
per zin maar 1 KWW
KWW -> geen ZWW en andersom
rij van 9

josje is juf
Bram is leraar geworden -> schrapproef

Slide 3 - Slide

schrapproef
vind alle ww in de zin
ik heb lekker gegeten
schrap de eerste
ik eet lekker
alle ww die je schrapt zijn HWW

Slide 4 - Slide

hulpwerkwoord
eerst het ZWW of KWW vinden
alle andere ww in de zin zijn HWW
geven geen handeling aan in de zin
kunnen meer HWW of geen een in een zin staan

ik ben naar de stad gelopen
ik heb gisteren een pizza gegeten

Slide 5 - Slide

Hij is gegaan
Wat is 'is' in deze zin?
A
KWW
B
HWW
C
ZWW

Slide 6 - Quiz

HWW
hij is gegaan
schrapproef
'is' wordt geschrapt -> HWW

Slide 7 - Slide

Mijn haren werden geknipt
Wat is het ZWW?
A
haren
B
geknipt
C
werden
D
mijn

Slide 8 - Quiz

geknipt
schrapproef -> werden gaat weg

Slide 9 - Slide

Hij blijft altijd mijn beste vriend
wat is 'blijft'?
A
KWW
B
ZWW
C
HWW

Slide 10 - Quiz