Les 3: verslaving algemeen - middelen

1 / 21
next
Slide 1: Slide
Mens & NatuurMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 2

This lesson contains 21 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 90 min

Items in this lesson

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Leerdoelen
-Je kunt uitleggen hoe verslavende middelen het lichaam binnenkomen.

-De functie van de synapsspleet beschrijven
-De functie van neurotransmitters benoemen en beschrijven hoe neurotransmitters worden afgegeven.
-Je kan uitleggen wat het effect is van verschillende middelen op deze neurotransmitters. Hierdoor kan je ook uitleggen wat uppers, downers en trippers zijn.
-Beschrijven wat verslaving is, en een onderscheid kunnen maken tussen lichamelijke en geestelijke verslaving
-In drie stappen kunnen beschrijven hoe je verslaafd raakt aan een middel en/of een gewoonte (gamen, social media, je telefoon, bijv.)
-Je kunt 2 voorbeelden van uppers, downers en trippers benoemen.   





Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Hoe krijgt de mens verslavende zaken het lichaam binnen?

Slide 3 - Open question

Zorg ervoor dat je als docent goed uitlegt dat het belangrijk is dat de desbetreffende stof echt in het bloed terecht moet komen.
Hoe bereiken deze middelen je brein?
  • Alcohol - via verteringsstelsel
  • Nicotine - via ademhalingsstelsel
  • THC - via ademhalingsstelsel
  • MDMA/XTC - via verteringsstelsel
  • Cocaïne - ademhalingsstelsel (neusholte)
  • Heroïne en andere soorten drugs - soms direct in de bloedbaan via een injectienaald
  • Gamen/gedragingen - via zintuigenstelsel

    Via het bloed komt het middel natuurlijk bij al je cellen.

Slide 4 - Slide

This item has no instructions

Voorbeeld: Hoe komt alcohol in je bloed?
  • 10% in de maag (12 min)
  • 90% in de dunne darm
(20 tot 30 min)


Slide 5 - Slide

This item has no instructions

Afbraak vanuit het bloed
  • Lever breekt alcohol  
    en andere gifstoffen af
  • Je nieren filteren je de
    bouwsteentjes van deze
    stoffen uit het bloed.
  • Tijdsduur afbraak alcohol
1 uur en 30 minuten per glas

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

Gevolgen drinken van alcohol
Clipphanger
Alcohol beïnvloedt de hersenen (meestal) in deze volgorde:
  • Prefrontale cortex
  • Overig deel grote hersenen en kleine hersenen
  • Hersenstam

Maar... hoe dan?

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

Neurotransmitters en de synapsspleet
dfasdfdfd
  • Synapsspleet - ruimte tussen twee synapsen
     
  • Neurotransmitters - chemische signaalstofjes die zorgen voor het overdragen van de impuls


Slide 8 - Slide

This item has no instructions

Effect van middelen
  • Stimulerend (uppers)
    versnelt neurotransmitters
  • Verdovend (downers)
    vertraagd neurotransmitters
  • Bewustzijnsveranderend (trippers)
Ontregelt neurotransmitters

Set (hoe je je voelt) en setting (plek
en met wie) bepaalt de werking best 
veel! Niemand wil een bad trip...

Slide 9 - Slide

This item has no instructions

Grofweg ingedeeld

Slide 10 - Slide

This item has no instructions

Verslaafd raken
Fase 1:  drinken voor de gezelligheid, feestjes/gelegenheden

Fase 2: drinken zonder gelegenheid, 
                - na het eten of op een vrije middag

Fase 3: drinken om problemen te ontvluchten
                - overmatig drinken*
*Wordt vaak verborgen
^Fabel

Slide 11 - Slide

This item has no instructions

Een oude bekende
Gewenning en drempelwaarde zorgen vanuit onze biologie (aanleg) dat er steeds meer nodig is voor hetzelfde effect

Slide 12 - Slide

This item has no instructions

Welke soorten verslaving bestaan er?

Slide 13 - Open question

This item has no instructions

Lichamelijk en geestelijke verslaving
Geestelijk
Beïnvloedt het denken en keuzes in het leven.

Lichamelijk
Bij het niet krijgen van de stof of activiteit ontstaan er lichamelijke verschijnselen. 



Slide 14 - Slide

This item has no instructions

.... zorgen voor neurotransmitters die op een verkeerde plek terecht komen
A
Uppers
B
Downers
C
Trippers
D
Flippers

Slide 15 - Quiz

This item has no instructions

Alcohol zorgt voor ....(1).... neurotransmitters en is dus een ....(2)....
A
1= meer 2=upper
B
1= minder 2=downer
C
1= meer 2=downer
D
1= minder 2=upper

Slide 16 - Quiz

This item has no instructions

Hasj maakt je wat suf en zorgt ervoor dat je dingen kan gaan waarnemen die er niet zijn. Hasj is dus een...
A
Upper en tripper
B
Downer en upper
C
Downer en tripper
D
Tripper en high

Slide 17 - Quiz

This item has no instructions

Hoe vond je het tempo deze les?
😒🙁😐🙂😃

Slide 18 - Poll

This item has no instructions

Wat vind je van de hoeveelheid tijd voor de workshop?
😒🙁😐🙂😃

Slide 19 - Poll

This item has no instructions

Wat vind/vond je van de hoeveelheid tijd voor het zelfwerkmoment?
😒🙁😐🙂😃

Slide 20 - Poll

This item has no instructions

Aan de slag
Werkblad 3
Klaar? Leren voor eindmeting

Slide 21 - Slide

This item has no instructions