Futur Simple, Conditionnel, Impératif, Gérondif

le futur simple, conditionnel
le gérondif et l'impératif 

1 / 20
next
Slide 1: Slide
FransVoortgezet speciaal onderwijsLeerroute 3

This lesson contains 20 slides, with interactive quizzes and text slides.

Items in this lesson

le futur simple, conditionnel
le gérondif et l'impératif 

Slide 1 - Slide

Le futur simple/ conditionnel
De uitgangen van de futur simple en de conditionnel komen bij regelmatige werkwoorden achter het hele werkwoord.

Slide 2 - Slide

Sleep de uitgangen van de futur simple naar de juiste plek.
ai
as
a
ons
ez
ont
je partir
tu partir
il, elle on partir
nous partir
vous partir
ils, elles partir

Slide 3 - Drag question

Geef de uitgangen van de conditionnel
je/tu/il/nous/vous/ils

Slide 4 - Open question

Stam onregelmatige ww  futur simple / cond.
fer-
voudr-
ser-
aur-
avoir - hebben
être - zijn
vouloir - willen
faire -  maken/doen

Slide 5 - Drag question

Vul in: Futur of Conditionnel:
Si j'étais le roi des Pays-Bas, je (vivre) au Palais sur le Dam.

Slide 6 - Open question

Si les gens refusent les sacs plastiques, il y (avoir) moins de pollution.

Slide 7 - Open question

Si j'avais beaucoup d'argent, j'
(inviter) tous mes amis au dîner.

Slide 8 - Open question

Si tu éteins ton ordinateur, tu (consommer) moins d'électricité.

Slide 9 - Open question

Le gérondif heeft de waarde van een bijzin en kan verschillende functies hebben. De belangrijkste zijn:

1. Gelijktijdigheid:  Elise s'est rappelé son enfance en lisant une histoire.
TERWIJL zij een verhaal las, herinnerde zij zich haar kindertijd weer. 
In plaats van een gérondif had hier ook kunnen staan: "pendant qu'elle lisait"

2. Manier:  Elle voulait attirer mon attention en parlant à voix haute.
DOOR hardop te praten wilde ze mijn aandacht trekken.

3. Voorwaarde: En analysant les détails, tu découvriras la solution.
ALS je de details analyseert, zul je de oplossing vinden.
In plaats van een gérondif had hier ook kunnen staan: "si tu analyses"


Slide 10 - Slide

Gelijktijdigheid en gelijkwaardigheid 
De gérondif drukt gelijktijdigheid en gelijkwaardigheid uit. 

- Met andere woorden: men is 2 dingen tegelijk aan het doen en beide zinsdelen hebben hetzelfde onderwerp. 

Il parle à ses enfants en lisant le journal 
En discutant avec ta soeur, tu te sens triste

Slide 11 - Slide

Hoe maak je de gérondif?

Dit lijkt op de aanpak van de imparfait
1 Je neemt de nous-vorm van de présent: 

2 Je haalt nous en -ons weg. 

3 Je zet er en voor en -ant achter

Let op de uitspraak!

Uitzonderingen: en ayant / en étant / en sachant



1 nous parlons / nous prenons / nous faisons

2 parl / pren / fais

3 en parlant / en prenant / en faisant



Basiskennis = herkennen. 

Slide 12 - Slide

Vervang de gérondif van de zin:
En regardant trop la télé, on devient bête.
A
Si on regarde
B
Pendant qu'on regarde

Slide 13 - Quiz

Vervang de gérondif van de zin: Je fais mes devoirs en regardant la télé.
A
Parce que je regarde la télé
B
Tandis que je regarde la télé

Slide 14 - Quiz

L'impératif
De impératif is de gebiedende wijs.
In het Frans wordt de impératif gebruikt om een advies, een aanwijzing of een opdracht (bevel) te geven. 

Bij de impératif staat geen onderwerp in de zin! 

In de regel kun je eenvoudig drie vormen van de impératif maken. Maar er zijn ook uitzonderingen.




Slide 15 - Slide

3 formes
- Je vorm = ev --> Spreek! 
- Nous vorm = laten we spreken! 
- Vous vorm = mv --> Spreek allen! 

Slide 16 - Slide

Voornaamwoorden + Impératif
Als er bij de impératif een voornaamwoord komt, zet deze erachter. Je verbindt de impératif en het voornaamwoord met een streepje.

Tu achètes le billet
Achète-le

Tu parles à moi ?
Parle-moi

Slide 17 - Slide

Welke vorm moet ik gebruiken als ik tegen meerdere personen spreek?
A
Je-vorm
B
Nous-vorm
C
Vous-vorm

Slide 18 - Quiz

Welke vorm gebruiken we als we het als gezamenlijke activiteit zien? 'Laten we dansen' b.v.
A
Je-vorm
B
Nous-vorm
C
Vous-vorm

Slide 19 - Quiz

Bonjour!
Au revoir

Slide 20 - Slide