Les 3 Temperatuur HAVO2

Temperatuur
1 / 38
next
Slide 1: Slide
Natuurkunde / ScheikundeMiddelbare schoolhavoLeerjaar 2

This lesson contains 38 slides, with interactive quizzes, text slides and 4 videos.

time-iconLesson duration is: 60 min

Items in this lesson

Temperatuur

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Vorige keer...

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Vorige keer over ijs, water en waterdamp
  • De  drie fasen van stoffen: vast, vloeibaar, gas
  • Geleerd de drie fasen van water in de praktijk te herkennen.
  • Je kunt verschillende soorten neerslag beschrijven
  • Geleerd de drie fasen te beschrijven met het deeltjesmodel. 
  • Geleerd waar de kristalstructuur van vaste stoffen vandaan komt. 

Slide 3 - Slide

This item has no instructions

Slide 4 - Video

This item has no instructions

Leerdoelen
• Je kent onderdelen van een vloeistofthermometer
• Je weet hoe een vloeistofthermometer werkt
• Je kunt uitleggen wat het meetbereik van een thermometer is
• Een schaalverdeling in graden Celsius maken (ijken)
• Je kunt uitleggen waarom en hoe op een vliegveld snel de lichaamstemperatuur van reizigers kan worden gemeten.

Slide 5 - Slide

This item has no instructions

Waarom hebben we thermometers?

Slide 6 - Slide

https://www.nvon.nl/leswerk/proevenboek-62a-warm-en-koud-voelen
Verschillende soorten thermometers

  • kwikthermometer 
  • vloeistofthermometer
  • digitale thermometer
  • bimetaalthermometer
  • infraroodthermometer

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

Temperatuur heeft invloed op stoffen

Slide 8 - Slide

This item has no instructions

  • De  onderdelen v.e. vloeistofthermometer  zijn:
  • reservoir
  • schaalverdeling
  • stijgbuis
  • vloeistof (meestal alcohol)
  • Het meetbereik is hier van -20°C tot 120°C.

Slide 9 - Slide

This item has no instructions

Slide 10 - Slide

This item has no instructions

Bimetaal thermometers

Slide 11 - Slide

This item has no instructions

Lees de thermometer bij a) zo nauwkeurig mogelijk af.

Slide 12 - Open question

This item has no instructions

Lees de thermometer bij b) zo nauwkeurig mogelijk af.

Slide 13 - Open question

This item has no instructions

Lees de thermometer bij c) zo nauwkeurig mogelijk af.

Slide 14 - Open question

This item has no instructions

Lees de thermometer bij d) zo nauwkeurig mogelijk af.

Slide 15 - Open question

This item has no instructions

In een oven kan de temperatuur stijgen tot boven 200 °C. Om de temperatuur in deze oven te meten, gebruik je thermometer:
(zie pagina 91 in je boek)
A
B
C

Slide 16 - Quiz

This item has no instructions

Celsius
De zweedse astronoom Anders Celsius bedacht de temperatuurschaal voor de thermometers die werken met Celsius. 

Slide 17 - Slide

This item has no instructions

Slide 18 - Video

This item has no instructions

De vloeistof in een vloeistofthermometer krimpt als de temperatuur:
A
Stijgt
B
Daalt

Slide 19 - Quiz

This item has no instructions

Het reservoir van een vloeistofthermometer is gevuld met:
A
Water
B
Alcohol
C
Kwik

Slide 20 - Quiz

This item has no instructions

Hoe noem je de 'streepjes' en getallen op een thermometer ?
A
de meetwaardes
B
de temperatuur in graden Celsius
C
ijkwaarden
D
schaalverdeling

Slide 21 - Quiz

This item has no instructions

In het dagelijks leven wordt de temperatuurschaal gebruikt van:

Slide 22 - Open question

This item has no instructions

Deze schaal gaat uit van twee vaste punten:
0 °C de temperatuur van:

Slide 23 - Open question

This item has no instructions

Deze schaal gaat uit van twee vaste punten:
100 °C de temperatuur van:

Slide 24 - Open question

This item has no instructions

Metingen
Je doet in twee bekers gelijke hoeveelheden kraanwater en zet in beide bekers een thermometer.

Slide 25 - Slide

This item has no instructions

Bedenk zelf ten minste twee verklaringen voor het verschil in temperatuur.

Slide 26 - Open question

This item has no instructions

Hoe kun je snel nagaan of het verschil (ook) aan de thermometers ligt?

Slide 27 - Open question

This item has no instructions

Tussen de graadstrepen van een vloeistofthermometer zit steeds een bepaalde afstand.

Hoe moet je de stijgbuis en het reservoir aanpassen als je een grotere afstand wilt tussen de graadstrepen?
A
de stijgbuis nauwer te maken of reservoir groter
B
de stijgbuis nauwer te maken of het reservoir kleiner
C
de stijgbuis wijder te maken of het reservoir groter
D
de stijgbuis wijder te maken of het reservoir kleiner

Slide 28 - Quiz

This item has no instructions

Welk voordeel heeft een grotere afstand tussen de graadstrepen?

Slide 29 - Open question

This item has no instructions

Welke nadelen heeft een grotere afstand tussen de graadstrepen?

Slide 30 - Open question

This item has no instructions

Infraroodcamera
Valse kleuren

Slide 31 - Slide

This item has no instructions

thermogram van een huis

Slide 32 - Slide

This item has no instructions

thermogram mens

Slide 33 - Slide

This item has no instructions

Slide 34 - Video

This item has no instructions

Slide 35 - Video

This item has no instructions

Een thermogram van een passagier: Welk lichaamsdeel heeft de laagste temperatuur?
A
de wangen
B
de neus
C
het voorhoofd
D
de ogen

Slide 36 - Quiz

This item has no instructions

Afsluiting
  • Je kan verschillende soorten thermometers noemen
  • Uitleggen hoe een vloeistofthermometer werkt
  • Je kan uitleggen wat het meetbereik is
  • Je kan een schaalverdeling in graden Celsius maken (ijken)
  • Je kunt uitleggen waarom en hoe op een vliegveld snel de lichaamstemperatuur van reizigers kan worden gemeten.

Slide 37 - Slide

This item has no instructions

Huiswerk
  • Lees paragraaf 3.2 over temperatuur (pagina 88)
  • Maak de opdrachten van 3.2 in je werkboek en schrift: 1 t/m 11 (Dus OOK de extra opgaves
  • Lees Proef 1: Een vloeistofthermometer IJken (pagina 106)

Slide 38 - Slide

This item has no instructions