1.15 - Klein, kleiner - groot, groter

Vraag: wie is de belangrijkste persoon in jouw boek?







15

m

00

s

1 / 11
next
Slide 1: Slide
New lesson editorNederlandsISK

This lesson contains 11 slides, with text slides.

time-iconLesson duration is: 60 min
Report this lesson

Items in this lesson

Vraag: wie is de belangrijkste persoon in jouw boek?







15

m

00

s



Vergrotende trap


klein - kleiner

groot - groter

Vergrotende trap - basisregel

Je kunt woorden gebruiken om dingen of mensen met elkaar te vergelijken.


Als je mensen of dingen wilt vergelijken, zet je meestal er achter het woord.

klein - kleiner

groot - groter

dik - dikker

Uitzondering


Is de laatste letter een r? Dan schrijf je de vergelijking met der.


Voorbeelden:

duur - duurder

lekker - lekkerder

Uitzondering



Is de laatste letter een f? Dan schrijf je de vergelijking met een v.

lief - liever


Is de laatste letter een s? Dan schrijf je de vergelijking met een z.

vies - viezer



Liever lui dan moe..


Bij de vergrotende trap, laten we soms een klinker weg.

groot - groter

laag - lager

gemeen - gemener


maar niet:

duur - duurder







Onregelmatige woorden


Sommige woorden zijn onregelmatig. Bijvoorbeeld:

goed - beter - best

graag - liever - liefst

weinig - minder - minst

veel - meer - meest




Ik drink graag water.

Ik drink liever thee.

Ik drink het liefst koffie.

Dan


Als je twee mensen of dingen wilt vergelijken, gebruik je het woord dan.


  • Omar is ouder dan Michael.

  • Hanna is kleiner dan Khalid.



Geen verschil


Is er geen verschil? Je gebruikt dan het woord even.

  • Julia en Nadia zijn even oud.