This lesson contains 17 slides, with interactive quizzes and text slides.
Lesson duration is: 90 min
Items in this lesson
Z&W les 9
Slide 1 - Slide
Aanwezigheidsregistratie
Aanwezigheid zal door de docent aan het begin van de les geregistreerd worden.
Ben je te laat?
Aan het eind van de les is het JOUW verantwoordelijkheid om bij de docent aan te geven dat je te laat was zodat dit aangepast wordt in SOM2day.
Slide 2 - Slide
Lesprogramma
Aanwezigheidsregistratie
Lesprogramma
Lesdoelen
Theorie
Aan de slag!
Nabespreken
Slide 3 - Slide
Lesdoelen
Aan het eind van de les:
Weet je wat het verschil is tussen een voedselinfectie en voedselvergiftiging.
Weet je wat TGT en THT betekenen.
Ken je 5 manieren om eten klaar te maken.
Weet je hoe je veilig en hygiënisch werkt in de keuken.
Slide 4 - Slide
Wat gaan we vandaag doen?
We gaan aan de slag met meerdere onderwerpen. Namelijk voedselinfectie en voedselvergiftiging. Maar ook met THT/TGT en verschillende bereidingstechnieken.
Waar denk jij aan als je dit zo hoort?
Slide 5 - Slide
Voedselinfectie en voedselvergiftiging
Voedselinfectie: door bacteriën → klachten na 8-24 uur
Voedselvergiftiging: door gifstoffen van bacteriën → vaak sneller ziek
Wie is er weleens ziek geworden van eten?
Slide 6 - Slide
Aan de slag..
Beantwoord in tweetallen deze vragen!
Wat gebeurt er bij een voedselinfectie?
Hoe kun je een voedselvergiftiging krijgen?
Verschil voedselinfectie en voedselvergiftiging
Noem 2 dingen waardoor je ziek kunt worden van eten.
Hoe kun je voedselinfectie of voedselvergiftiging voorkomen?
Slide 7 - Slide
THT & TGT
THT = Ten minste Houdbaar Tot → na datum soms nog goed.
TGT = Te Gebruiken Tot → na datum niet meer eten.
Zoek drie producten waar THT wordt vermeld.
Zoek drie producten waar TGT wordt vermeld.
Slide 8 - Slide
Bereidingstechnieken
We gaan vijf bereidingstechnieken bespreken:
Roerbakken = snel bakken op hoog vuur, blijven roeren
Koken = eten in water op 100°C garen
Binden = saus dikker maken met bloem/maïzena
Bakken = in pan met boter of olie, bruin laten worden
Braden = langzaam garen in pan of oven, meestal vlees
Slide 9 - Slide
Opdracht bereidingstechnieken
Schrijf bij elke bereidingstechniek één gerecht of product dat je zo kunt klaarmaken.
Roerbakken
Koken
Binden
Bakken
Braden
Tip: Denk aan gerechten die jij kent of eet thuis.
Slide 10 - Slide
Wat is erger: THT of TGT overschrijden?
A
THT, want dat eten is altijd meteen bedorven
B
TGT, want na deze datum is het eten echt niet meer veilig
C
Ze zijn allebei hetzelfde
D
THT en TGT mag je altijd negeren
Slide 11 - Quiz
Wat is binden?
A
Een stukje vlees vastmaken met touw
B
Een gerecht in de oven doen
C
Een saus dikker maken met bloem of maïzena
D
Ingrediënten aan elkaar plakken
Slide 12 - Quiz
Wat is het verschil tussen roerbakken en braden?
A
Roerbakken is in de oven, braden in een pan
B
Roerbakken is op hoog vuur, braden duurt langer en gaat langzaam
C
Braden doe je met water, roerbakken met olie
D
Er is geen verschil
Slide 13 - Quiz
Let's gooo..
In deze opdracht ga je naar de supermarkt en zoek je producten met THT en TGT.
Je maakt er foto's van en leert het verschil tussen deze twee houdbaarheidsdatums.
Slide 14 - Slide
Even naar de supermarkt..
Ga naar de supermarkt met een klasgenoot
Zoek minimaal 3 producten met THT Zoek minimaal 2 producten met TGT
Maak van elk product een duidelijke foto waarop de datum goed te zien is.
Schrijf bij elke foto op:
Wat voor product is het?
Is het THT of TGT?
Wat gebeurt er als je dit na de datum nog eet?
Slide 15 - Slide
Nabespreken
Maak een klein verslag of collage op papier of digitaal (bijvoorbeeld in Word of PowerPoint) met: